Terug

2014_CBS_02727 - Verwerking persoonsgegevens - Geolokalisatiesystemen. Krachtlijnen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 14/03/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Rob Van de Velde, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_02727 - Verwerking persoonsgegevens - Geolokalisatiesystemen. Krachtlijnen - Goedkeuring 2014_CBS_02727 - Verwerking persoonsgegevens - Geolokalisatiesystemen. Krachtlijnen - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 57, §2 van het Gemeentedecreet bepaalt dat het college bevoegd is voor opdrachten die vallen onder het begrip dagelijks bestuur.

Aanleiding en context

De huidige technologische ontwikkeling voorziet steeds vaker de mogelijkheid om geolokalisatiegegevens te generen (in de volksmond 'track & trace'). Dit zijn data die worden verwerkt in een elektronische communicatienetwerk waaronder satellietnetwerken of vaste elektriciteitsnetten en waarmee de geografische positie van de eindapparatuur van een eindgebruiker wordt weergegeven. De stad Antwerpen past deze systemen toe in haar voertuigenpark en in de tablets van stadstoezicht. Op deze manier kan op elk ogenblik de exacte locatie van een voertuig of tablet worden bepaald.

Van zodra deze data worden gekoppeld aan een identificeerbaar individu betreft het een verwerking van persoongegevens in de zin van de wet ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van 8 december 1992. Bij de verwerking van persoonsgegevens dient de verantwoordelijke voor de verwerking (in casu de stad Antwerpen, vertegenwoordigd door het college) de geldende wetgeving na te leven.

Per toepassing zal een afzonderlijke, interne richtlijn worden opgemaakt en goedgekeurd door het college, nadat ze eerst ter voorbereiding aan het managementteam werd voorgelegd. Met dit besluit worden de belangrijkste grondlijnen waaraan deze richtlijnen moeten voldoen goedgekeurd.

Argumentatie

Steeds vaker wordt in de moderne technologie de mogelijkheid voorzien om de precieze locatie van een toestel of voertuig op te vragen. Binnen de stad wordt deze geolokalisatietechnologie steeds vaker toegepast. Van zodra de locatie van een toestel of voertuig kan worden gekoppeld aan de identificeerbaar individu, is er sprake van een persoongegeven.

De verantwoordelijke voor de verwerking van deze gegevens, de stad Antwerpen, vertegenwoordigd
door het college zal hierbij volgende beginselen in acht nemen.

Finaliteit

  • De gegevens worden enkel verwerkt voor rechtmatige doeleinden zoals deze zijn voorzien in de regelgeving ter bescherming van de privacy.
  • De doeleinden worden limitatief opgesomd in de interne richtlijn die per toepassing wordt opgemaakt.

Proportionaliteit

  • Enkel de gegevens die ter zake dienend zijn voor de verwezenlijking van deze doeleinden zullen worden verwerkt.
  • De gegevens worden bewaard gedurende een termijn die niet langer is dan strikt noodzakelijk voor de verwezenlijking van de doeleinden. 
  • Toegang tot de gegevens wordt enkel verschaft aan die personen die aangesteld werden voor de realisatie van de doeleinden.

Transparantie

  • De stad zorgt, zoals wettelijk voorgeschreven, voor een aangifte van de richtlijnen bij de Commissie ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
  • De richtlijnen worden besproken op het BOC van de betrokken bedrijfseenheid.
  • Personeelsleden worden schriftelijk in kennis gesteld van het gebruik van de geolokalisatietechnologie. De kennisgeving behelst minstens:
  1. de benaming van de verwerking; 
  2. de doeleinden;
  3. de categorieën van verwerkte gegevens (en dus niet de gegevens zelf);
  4. de eventuele wettelijke of reglementaire basis om te kunnen verwerken;
  5. de mogelijke ontvangers aan wie de gegevens kunnen worden verstrekt;
  6. de waarborgen die verbonden worden bij een mededeling aan derden;
  7. de contactpersoon bij wie men terecht kan om zijn rechten uit te oefenen;
  8. de maatregelen genomen om de uitoefening van rechten door de betrokkene te vergemakkelijken;
  9. de bewaartermijn;
  10. de veiligheidsmaatregelen.

Juridische grond

Wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens.

Koninklijk Besluit van 13 februari 2001 ter uitvoering van de wet van 8 december 1992.

Wet 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt de krachtlijnen voor het gebruik van geolokalisatietechnologie goed.

Artikel 2

Het college keurt goed dat per specifieke toepassing een interne richtlijn wordt opgemaakt en goedgekeurd door het college, nadat ze eerst ter voorbereiding aan het managementteam werd voorgelegd.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.