Terug

2014_CBS_03420 - Huisvesting stadsontwikkeling - Herlocatie dienst archeologie - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 28/03/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_03420 - Huisvesting stadsontwikkeling - Herlocatie dienst archeologie - Goedkeuring 2014_CBS_03420 - Huisvesting stadsontwikkeling - Herlocatie dienst archeologie - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, inzonderheid artikel 57 §3,1° bepaalt dat het college de daden van beheer over gemeentelijke inrichtingen en eigendommen binnen de door de gemeenteraad vastgestelde algemene regels dient uit te voeren.

Aanleiding en context

Het college keurde op 18 oktober 2013 (jaarnummer 10570) de uitgangspunten goed voor het beheer van het stedelijk patrimonium en gaf opdracht aan AG VESPA en de bedrijfseenheid patrimoniumonderhoud om deze afspraken verder uit te werken.

Het patrimonium wordt opgedeeld in financieel en niet-financieel patrimonium. Financieel vastgoed is primair gericht op valorisatie, niet-financieel vastgoed is primair gericht op gebruik door de stad Antwerpen. De stad Antwerpen heeft het eigendomsrecht of andere zakelijke rechten op het niet-financiële patrimonium.

Ook voor bouwprojecten wordt de scheiding getrokken op basis van financieel en niet-financieel patrimonium. AG VESPA is bouwheer voor grond- en pandenbeleid. AG VESPA is principieel geen bouwheer voor gebouwen voor eigen gebruik door de groep stad maar kan steeds handelen in opdracht van de stad Antwerpen, stedelijk onderwijs, kinderopvang, brandweer, enz. binnen een contractuele verhouding tegen een vergoeding. De lopende projecten blijven in beheer bij AG Vespa tot bij de definitieve oplevering. AG VESPA verbindt zich hierbij tot een kwalitatieve dienstverlening en een correcte oplevering en overdracht van de verantwoordelijkheden naar de interne klant.

Bevoegdheid van de huisvestingscommissie:
De huisvestingscommissie is bevoegd voor de organisatie en evaluatie van huisvesting en huisvestingsbehoeften van alle stadsdiensten. Alle vragen aan de huisvestingscommissie worden op het college gebracht.

Op 19 maart 2010 (jaarnummer 3349) besliste het college dat de atelierwerking van de dienst stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie tijdelijk naar de Luchtbalsite op de Havanastraat zou verhuizen. De administratie kreeg een plek in den Bell.

Door deze verhuis kon de dienst stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie zijn publiekswerking niet meer zoals voorheen uitbouwen. Gezien de tijdelijkheid van de situatie op de Luchtbalsite werd gezocht naar een definitieve oplossing die beter kan voldoen aan de ambitie om de verschillende doelstellingen van de dienst stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie archeologie (opnieuw) te combineren.

Argumentatie

Artikel 318 van het bestuursakkoord bepaalt dat ‘De stad wil inzetten op de publieke ontsluiting van haar belangrijke monumenten’.

In het nieuwe bestuursakkoord zijn een aantal concrete doelstellingen opgenomen met betrekking tot onroerend erfgoed, waarbij de stad Antwerpen een voorbeeldfunctie wil opnemen als actief beheerder van onroerend erfgoed en deze werking een duidelijk fysiek gezicht wil geven.

In het Felixpakhuis kan ruimte vrijgemaakt worden voor de atelierwerking van archeologie, onder meer door herschikking van een aantal diensten in de periode sinds 2010.

Het Felixpakhuis, nu al het historisch archief van de stad Antwerpen, is de ideale locatie om ook het archeologisch geheugen van de stad Antwerpen onder te brengen en te ontsluiten. Het vormt een belangrijke schakel in de culturele noord-zuid-as waarop de UA, het Hessenhuis, het MAS en het Red Star Line-museum de stad Antwerpen met de haven verbinden. Een kwalitatieve atelierwerking, gekoppeld aan een betere zichtbaarheid voor het publiek zal de stadsarcheologie zowel meer erkenning als dynamiek geven. Door het atelier een open karakter te geven, toegankelijk voor vorsers en andere geïnteresseerden, is het niet alleen de ruimte waar de archeologische vondsten na de opgraving behandeld en bestudeerd worden, maar tegelijk de plaats waar een ruime selectie topstukken getoond wordt. De archeologische collectie, resultaat van meer dan 60 jaar opgraven in de stad is een publiekstrekker, zeker bij een transparante opstelling waarbij de bezoeker de vondsten en de manier waarop deze behandeld en bestudeerd worden, kan bekijken.

Bijkomende voordelen zijn:

  • optimalisatie van de werking en hoger rendement door de centrale ligging binnen het werkterrein en mogelijke interactie met het publiek;
  • optimalisatie van het ruimtegebruik en synergie in ondersteunende functies tussen archeologie en stadsarchief;
  • de integratie van het atelier archeologie kan met beperkte middelen stapsgewijs gerealiseerd worden.

Op korte termijn kan de huidige exporuimte op het gelijkvloers vrijgemaakt worden. Deze sluit aan op het onthaal en is ook zichtbaar vanaf de binnenstraat. Deze ruimte heeft een oppervlakte van 335 m² en biedt daardoor de mogelijkheid om alle handelingen, van opslag (intake) van de vondsten tot tentoonstellen van de onderszoeksresultaten te centraliseren. Op dit moment is er nog geen watervoorziening aanwezig, maar deze kan afgetakt worden van het naburige sanitair. In afwachting kan de natte verwerking van de vondsten gebeuren in een ruimte op de eerste verdieping die rechtstreeks met een lift bereikbaar is zonder langs de archiefruimtes te gaan. Dit voorkomt dat er contact is tussen de opgegraven artefacten en het archief om zo mogelijke contaminatie te voorkomen.

Douches zijn beschikbaar op de vijfde verdieping en mits het herschikken en bijplaatsen van lockers kan ook een gedeelde kleedruimte voorzien worden.

Vlak onder de huidige exporuimte bevindt zich nog een lege kelderruimte van 311 m². Deze is moeilijk toegankelijk en er zijn geen voorzieningen. Er moet onderzocht worden welke technische ingrepen en bijkomende investeringen nodig zijn om deze ruimte geschikt te maken als semi-dynamisch (actief) depot voor archeologie.

Op middellange termijn bestaat de mogelijkheid om, na digitalisering van de microfilms van het stadsarchief, de vakbibliotheek van de dienst stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie te integreren met de handbibliotheek van het stadsarchief en daarbij op de zesde verdieping een studieruimte te creëren. Ook andere vormen van samenwerking tussen archeologie en stadsarchief zullen onderzocht worden.

De statische opslag blijft voorlopig op de Luchtbal en zal geoptimaliseerd worden. Er wordt gezocht naar een geschikte definitieve locatie voor deze opslag op lange termijn.

Nodige investeringen:

  • voor ingebruikname moet in eerste instantie enkel de exporuimte vrijgemaakt worden door stadsontwikkeling;
  • op korte termijn: onderzoeken welke aanpassingen nodig zijn om de kelder bruikbaar te maken als depot; voorzien van bijkomende lockers nabij de douches of elders een kleedkamer installeren;
  • op middellange termijn: installeren van een waterpunt voor natte verwerking in de exporuimte; aanpassingen op zesde verdieping (bibliotheekhoek).

Adviezen

huisvestingscommissie Gunstig advies

De huisvestingscommissie adviseert op 10 maart 2014 gunstig om de atelierwerking en het semi-dynamisch depot van archeologie onder te brengen in het Sint-Felixpakhuis. De zuilenzaal op de eerste verdieping blijft in beheer van externe exploitatie.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt goed om de atelierwerking van de afdeling stadsontwikkeling/ onroerend erfgoed/ archeologie over te brengen van de Havanastraat naar de exporuimte op het gelijkvloers van Sint-Felixpakhuis met het oog op een betere publieke zichtbaarheid en een streven naar synergie met het stadsarchief. Het semi-dynamisch depot kan ondergebracht worden in de kelder van het Felixpakhuis en voor het statisch depot zal een andere geschikte locatie gezocht worden.

Artikel 2

Het college geeft opdracht aan:

Dienst

Taak

SB/G/HV

zoeken naar een geschikte betaalbare ruimte voor het statisch depot van archeologie

SB

nagaan welke aanpassingen nodig zijn en tegen welke kostprijs om de ruimtes van het Felixpakhuis geschikt te maken

SW

tentoonstellingsmateriaal uit de exporuimte herbestemmen

SW/OE/A en SA

Zoeken naar synergieën tussen beide diensten in ruimte en werking

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.