Op 19/11/2013 keurde de gemeenteraad het belastingreglement op de drijfkracht, de hefkracht en de motoren goed (jaarnummer 700) .
In artikel 4.1 van het reglement worden de vrijstellingen opgesomd. Punt vier stipuleert :
“motoren van openbare besturen, instellingen en diensten, alsmede deze van instellingen van openbaar nut;”
Deze zin heeft in de rechtspraak aanleiding gegeven tot verschillende interpretaties die niet altijd stroken met de wil van de Antwerpse gemeenteraad en met de duidelijke bewoordingen ervan.
Zo heeft onlangs de multinational Air Liquide een dading afgedwongen bij het stadsbestuur. Hierdoor kreeg het bedrijf 16,8 miljoen euro belasting terug. Deze dading werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 31 maart 2014 (jaarnummer 256).
Het belastingreglement is nog steeds van kracht, wat betekent dat er ook voor het belastingjaar 2014 en volgende belastingjaren, bij ongewijzigd reglement, het risico bestaat dat Air Liquide deze belasting opnieuw zal betwisten.
Met de dading is ook mogelijks een precedent gecreëerd ten overstaan van andere belastingplichtigen die op zelfde gronden als Air Liquide de belastingen op drijfkracht kunnen betwisten.
Daarom is het noodzakelijk dat de stad Antwerpen het huidige reglement aanpast zodat de belastingen op drijfkracht mogelijks in 2014 en zeker de volgende jaren correct kunnen worden geïnd, zonder betwisting op grond van aangehaalde passage.
Daarom vragen wij aan het stadsbestuur het reglement zodanig aan te passen dat enkel openbare besturen, instellingen en diensten, alsmede deze van instellingen van openbaar nut, telkens in de organieke zin van het woord, aanspraak kunnen maken op belastingvrijstelling op basis van punt 4 uit artikel 4.1 van het reglement.
Het gewijzigde reglement kan dan op een volgende gemeenteraad ter goedkeuring worden voorgelegd.