Terug

2014_CBS_01468 - Aanvraag verkavelingsvergunning. Reguliere procedure - 201384 - district Ekeren - Beenhouwerstraat ZN - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 14/02/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2014_CBS_01468 - Aanvraag verkavelingsvergunning. Reguliere procedure - 201384 - district Ekeren - Beenhouwerstraat ZN - Goedkeuring 2014_CBS_01468 - Aanvraag verkavelingsvergunning. Reguliere procedure - 201384 - district Ekeren - Beenhouwerstraat ZN - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over de aanvraag tot verkavelingsvergunning.

Aanleiding en context

Eigenaars: Greta Geniets, Martine Geniets, Christiane Geniets, Francis Geniets, Vereniging Abdij der Norbertijnen
Aanvragers: Greta Geniets, Martine Geniets, Christiane Geniets, Francis Geniets, Vereniging Abdij der Norbertijnen
De aanvraag omvat: het verkavelen van 2 loten bestemd voor woningbouw
Dossiernummer: EK/2013/V/0016/201384

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

 
Het college beslist de verkavelingsvergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvragers, die ertoe gehouden zijn:
  1. alle constructies (tuinmuur op de grens met het openbaar domein) en verhardingen te slopen vooraleer de verkaveling ten uitvoer kan worden gebracht. Dit houdt in dat zolang aan de opschortende voorwaarde tot sloping, die verbonden is aan de verkavelingsvergunning zelf, niet is voldaan, de verkavelaar niet kan overgaan tot de verkoop van een kavel in de zin van artikel 4.2.16 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;

  2. de bijgevoegde stedenbouwkundige voorschriften strikt toe te passen. Ze worden evenwel met volgende bepalingen gewijzigd:

    - de voorschriften worden gewijzigd met de bepaling dat de dakvensters in het voorste dakvlak niet toegelaten zijn (artikel 2.1.C);

    - de voorschriften worden gewijzigd met de bepaling dat de breedte van de dakvensters beperkt wordt tot een gezamenlijke breedte van maximaal 4 meter in plaats van 6 meter (artikel 2.1.C).

  3. de voorwaarden na te leven in het kader van artikel 90bis van het bosdecreet:

    - de te ontbossen oppervlakte bedraagt 565 m2. Voorziet de verkavelingsaanvraag een ontbossing dan zit in de verkavelingsvergunning de stedenbouwkundige vergunning tot ontbossing vervat;

    - de vergunning wordt verleend op grond van artikel 90 bis, §5, derde lid, van het Bosdecreet en onder de voorwaarden zoals opgenomen in het bij de vergunning gevoegde compensatieformulier met nummer: COMP/13/0426/AN;

    - de bosbehoudersbijdrage van € 1679,04 dient binnen de 4 maanden, vanaf de datum waarop gebruik mag gemaakt worden van deze vergunning, gestort worden op het rekeningnummer van het Agentschap voor Natuur en Bos, zoals vermeld op het overschrijvingsformulier welke als bijlage bij deze vergunning gevoegd werd;

  4. de rode beuk in het nieuwe verkavelingsperceel 2 te behouden. De rode beuk kenmerkt zich door zijn typische glanzende, donkerrode tot purperbruine bladeren.  Het is een majestueuze boom die minder vaak voorkomt dan de gewone of groene beuk. Deze boom heeft de ruimte om te kunnen uitgroeien in beide tuinen, zonder hinder te veroorzaken;

  5. een nieuwe, inheemse boom van 1ste grootte aan te planten met minimale plantmaat 18/20 op het andere perceel, ter compensatie van het aantal gerooide bomen. Ook deze boom heeft voldoende groeikansen om tot een volwaardige boom uit te groeien.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen