Het districtscollege nam op 17 februari 2014 kennis van onderstaande schriftelijke vraag van raadslid Philip Maes in verband met "Schijnhuwelijken".
Het districtssecretariaat ontving een antwoord van de bevoegde districtsschepen. Het districtscollege moet kennis nemen van dit antwoord.
Art 44, f van het huishoudelijk reglement district Antwerpen, goedgekeurd op de districtsraad van 24 maart 2009 (jaarnummer 348) stelt dat een schriftelijke vraag door een raadslid schriftelijk gesteld kan worden aan één of meer leden van het districtscollege. Op schriftelijke vragen wordt schriftelijke geantwoord binnen de 30 dagen na ontvangst. Indien de termijn van 30 dagen is verstreken wordt de vraag automatisch geagendeerd op de eerstvolgende raad. De vraag krijgt dan het statuut van een mondelinge vraag en wordt onmiddellijk ter zitting beantwoord.
Het districtscollege neemt kennis van onderstaand antwoord op de schriftelijke vraag van raadslid Philip Maes betreffende "Schijnhuwelijken".
Geachte heer Maes
Ik heb uw vraag betreffende de informatie rond schijnhuwelijken goed ontvangen.
Wat de dossiers voor het district Antwerpen betreft die geopend werden wegens een vermoeden van schijnhuwelijk voor 2013 kunnen we nog geen representatieve cijfers geven.
De reden hiervoor is dat er momenteel nog 52 van de 178 dossiers die opgestart zijn in 2013 in onderzoek zijn bij de procureur des konings.
Zodra deze dossiers volledig zijn afgerond kan ik u de concrete cijfers doorgeven.
Hopende u voldoende geïnformeerd te hebben en met vriendelijke groeten,
Zuhal Demir
voorzitter districtscollege