Terug

2014_CBS_00947 - Bestek GAC/2013/2251 - Voorbereiding en analyse onderzoek verplaatsingsgedrag. Bestek en procedure - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 31/01/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_00947 - Bestek GAC/2013/2251 - Voorbereiding en analyse onderzoek verplaatsingsgedrag. Bestek en procedure - Goedkeuring 2014_CBS_00947 - Bestek GAC/2013/2251 - Voorbereiding en analyse onderzoek verplaatsingsgedrag. Bestek en procedure - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 57 § 3, 5° van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat het college bevoegd is voor het vaststellen van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten als het gaat om een opdracht van dagelijks bestuur.

Aanleiding en context

De stad Antwerpen heeft reeds in 2006 en 2010 een onderzoek gedaan naar het verplaatsingsgedrag bij bewoners, bezoekers, werkgevers en werknemers in Antwerpen (kennisneming eindrapport mobiliteitsonderzoek Antwerpen 2010 werd op het college van 13 juli 2012 gebracht onder jaarnummer 07435). Op deze manier trachtte men een beter inzicht te krijgen in het bezit, het gebruik van de verschillende vervoersmiddelen of de motieven om ze te gebruiken en dit gerelateerd aan de woonplaats, de werkplaats of de bestemming binnen de stad. Tevens heeft men nagegaan wat de mening is van de verschillende doelgroepen rond de beschikbare voorzieningen en het stedelijke mobiliteitsbeleid.

Het bestuursakkoord van de stad Antwerpen is vertaald in strategische, nagestreefde en operationele doelstellingen. De mobiliteitsenquête 2014 is hierin opgenomen als een project binnen de strategische doelstelling 2 mobiele stad en de nagestreefde doelstelling 1 waarin gewerkt wordt rond de multimodale verkeersstructuur. In functie van deze doelstelling wordt binnen de operationele doelstelling 3 de uitbouw van een meetnet mobiliteit en regelmatige mobiliteitsenquêtes naar voor geschoven om het gevoerde beleid te monitoren, te evalueren en eventueel bij te sturen.

Argumentatie

Sinds 2010 zijn er op mobiliteitsgebied verschillende wijzigingen geweest die een impact kunnen hebben op het gebruik van de modi en de visie van de verschillende doelgroepen. Om de impact van deze veranderingen na te gaan en om de frequentie van het onderzoek te respecteren stelt de afdeling stadsontwikkeling / mobiliteit voor om in 2014 een nieuw onderzoek uit te voeren naar het verplaatsingsgedrag bij bewoners, bezoekers, werkgevers en werknemers.

De mobiliteitsenquête bestaat uit 2 specifieke onderdelen. Enerzijds is er de eigenlijke uitvoering van de bevraging bij de verschillende doelgroepen. Stadsontwikkeling / mobiliteit wenst hiervoor gebruik te maken van de lopende raamcontracten bij ondernemen en stadsmarketing / strategisch onderzoek voor dergelijke bevragingen met gespecialiseerde marktonderzoeksbureaus. De inhoudelijke voorbereiding, de analyse van de resultaten en de opmaak en presentatie van de eindresultaten beschouwen we als een tweede deelopdracht. Deze deelopdracht vereist een zekere mobiliteitskennis en ruimtelijk inzicht om de juiste verbanden te kunnen leggen tussen de verschillende variabelen, om te werken rond eenvoudig hanteerbare mobiliteitsbegrippen en om de ruimtelijke spreiding beter in beeld te brengen. Stadsontwikkeling / mobiliteit stelt voor om hiervoor een onderhandelingsprocedure op te starten op basis van het bijgevoegde bestek.

In 2014 zal de nadruk van het onderzoek naar het verplaatsingsgedrag liggen op een herhaling van het onderzoek uit 2010 om op die manier beter de trends in beeld te kunnen brengen. Waar mogelijk kunnen er bepaalde aspecten in de analyse verder uitgewerkt worden of moet de vraagstelling verder verfijnd worden. Tevens wordt gevraagd aan de studiebureaus om een voorstel te doen om de methodiek van de bevraging bij te sturen en op die manier de efficiëntie van de eigenlijke bevraging te verhogen.

De informatie die de stad op deze manier verkrijgt, wordt voor verschillende doeleinden gebruikt en dit zowel intern als extern. In de eerste plaats wordt deze data gebruikt in functie van de mobiliteitsplanning (o.a. verkeersgeneratie stedenbouwkundige ontwikkelingen, MOBER’s of de verkeersmodellering). Een tweede belangrijk toepassingsgebied is de sensibilisering van diverse doelgroepen op het gebied van mobiliteit (o.a. autovrij of wijs op weg). Tot slot kan deze informatie gebruikt worden om het mobiliteitsbeleid gerichter te sturen.

Voor de onderhandelingsprocedure worden volgende criteria gehanteerd:

Selectiecriteria:

De inschrijver kan zijn technische bekwaamheid aantonen aan de hand van:

  • De studie- en beroepskwalificaties van degenen die met de dienstverlening kunnen worden belast. De inschrijver geeft per fase aan wie de projectleider en de projectmedewerkers zijn en toont telkens aan de hand van hun C.V. aan dat deze personen de nodige competenties hebben in functie van deze opdracht. Tevens vragen we de nodige garanties voor wat betreft de vervangbaarheid op hetzelfde kwalitatieve niveau. De inschrijver dient hiervoor minimum 3 C.V.’s toe te voegen aan zijn offerte.
  • Minimum drie referenties met betrekking tot gelijkaardige opdrachten uitgevoerd tijdens de laatste 3 jaar, met vermelding van bedrag, datum en de publiek- of privaatrechtelijke instanties waarvoor ze bestemd waren in het algemeen en voor welke overheidsinstelling in het bijzonder.
    Voor elke referentieopdracht in de lijst worden volgende vermeldingen bijgevoegd:
    - de opdrachtgever (met gegevens contactpersoon + telefoonnummer);
    - het begin en einde van de uitvoering;
    - de beknopte omschrijving van de opdracht (de voorbereiding van dergelijke onderzoeken, het analyseren van data en de eindrapportage);
    - kostprijs;
    - de naam van de projectleider en de betrokken projectmedewerkers.

Gunningscriteria:

Nr. Beschrijving Gewicht
1 Prijs 50
  De score wordt bepaald volgens de regel van drie.
(tot een maximum offerteprijs van 49.999,99 euro incl. btw)
Vb.: score offerte = (prijs laagste offerte / prijs offerte) * gewicht van het criterium prijs

Voor offertes vanaf 50.000 euro inclusief btw, wordt volgende regel toegepast:
Vanaf 50.000 euro incl. btw tot en met 54.999,99 euro incl. btw -> regel van drie vermenigvuldigd met factor 0,9
Vanaf 55.000 euro incl. btw tot en met 59.999,99 euro incl. btw -> regel van drie vermenigvuldigd met factor 0,8
Vanaf 60.000 euro incl. btw tot en met 64.999,99 euro incl. btw -> regel van drie vermenigvuldigd met factor 0,7
Vanaf 65.000 euro incl. btw -> regel van drie vermenigvuldigd met factor 0,6
Vb.: offerte 56.000 EUR incl. btw: Score offerte = [(prijs laagste offerte/56.000 euro)* gewicht van het criterium prijs] * 0.8
 
2 Plan van aanpak 50
 
  • De geschatte doorlooptijd voor de verschillende fases (voorbereiding, opvolging veldwerk en analyse) waarbij men voor de projectleider en de projectmedewerkers een inschatting maakt van de verwachte tijdsbesteding;
  • de wijze waarop men de voorbereiding en de opvolging van het veldwerk wenst aan te pakken met mogelijke voorstellen om de bevraging te verbeteren en de efficiëntie van het veldwerk te verhogen;
  • de wijze waarop de ruwe data geanalyseerd zal worden (o.a. gebruikte analysemethoden) en de relaties die men voorstelt om te onderzoeken (bv. de relatie tussen de parkeerdruk en de gebruikte modi);
  • een voorstel voor een aantrekkelijke eindrapportage;
  • de manier waarop men de samenwerking ziet met de stad en het bureau verantwoordelijk voor het veldwerk;
  • hoe hij de verschillende overlegmomenten zou organiseren en hoeveel bijkomende overlegmomenten hij eventueel nodig zou achten binnen deze opdracht;
  • hoeveel het per uur zou kosten mocht de aanbestedende overheid akkoord gaan met de voorgestelde bijkomende overlegmomenten;
  • hoeveel het zou kosten om de resultaten van het onderzoek - bij middel van de reeds opgestelde  presentatie - toe te lichten aan het college of bijvoorbeeld  de GBC (Gemeentelijke BegeleidingsCommissie).
 

Juridische grond

In toepassing van artikel 26§1, 1° a) van de wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten, zal deze opdracht gegund worden bij onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking omdat de goed te keuren uitgave niet hoger is dan het bij het artikel 105, 1° van Koninklijk Besluit van 15 juli 2011 vastgelegd bedrag, met name de drempel vermeld in artikel 32, eerste lid, 3° voor de opdrachten voor diensten van categorieën 6 en 8 van bijlage II, A, van de wet en voor deze opgenomen in bijlage II, B, van de wet.

In toepassing van artikel 58 van het Koninklijk Besluit van 15 juli 2011 betreffende de overheidsopdrachten, dient de dienstverlener van een opdracht voor diensten overeenkomstig de bepalingen van artikelen 67 en 72, zijn financiële en economische draagkracht en zijn technische bekwaamheid aan te tonen.

In toepassing van artikel 107 van de Koninklijk Besluit van 15 juli 2011 betreffende de overheidsopdrachten wordt de opdracht gegund, hetzij aan de inschrijver die de laagste offerte heeft ingediend, hetzij aan de inschrijver die de offerte heeft ingediend die de economisch voordeligste is vanuit het oogpunt van de aanbestedende overheid.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt bestek GAC/2013/2251 voor 'voorbereiding en analyse onderzoek verplaatsingsgedrag' goed en keurt eveneens goed dat hiervoor een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking wordt uitgeschreven.

Artikel 2

De financieel beheerder verleent zijn visum en regelt de financiële aspecten als volgt:

Omschrijving Bedrag Boekingsadres Bestelbon
Voorbereiding en analyse onderzoek verplaatsingsgedrag   budgetplaats: 5153500000
budgetpositie: 613
functiegebied: 1SMB020103A00000
subsidie: SUB_NR
fonds: INTERN
begrotingsprogramma: 1SA030200
budgetperiode: 1400
10109138

Bijlagen

  • 2251_Inventaris.xls
  • 2251_Bestek.doc