Het prijzenbeleid en de wijze van betaling zijn opgenomen in het retributiereglement, dat ter kennisname is bijgevoegd.
Met het gemeenteraadsbesluit van 20 maart 2000, jaarnummer 619, en bij collegebesluit van 16 maart 2000, jaarnummer 3984, werden de bevoegdheden van de districten bepaald. Met het collegebesluit van 9 oktober 2002, jaarnummer 11543, en het gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2002, jaarnummer 2307, werden een aantal bevoegdheden van de districtsbesturen verder verfijnd. Het districtsbestuur is bevoegd voor het lokale jeugd- en cultuurbeleid.
Artikel 42 § 3 van het gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de gemeentelijke belastingen en retributies.
Op 27 mei 2012 schonk vzw De Kindervriend aan het district Berchem groot spelmateriaal, ter waarde van 5.000,00 EUR. Om zoveel mogelijk Berchemse kinderen van dit materiaal te kunnen laten genieten, besloot het district Berchem te starten met een uitleendienst.
Tijdens het werkoverleg van de schepenen voor jeugd van 30 mei 2013 werd besloten dat elk district ervoor mag kiezen een retributie te vragen op voorwaarde dat het materiaal eigendom is of onder het beheer van het district staat. In die districten die een retributie vragen wordt een zelfde bedrag gevraagd.
De jeurgdraad van Berchem gaf op hun vergadering van 8 oktober 2013 aan dat ze de uitleendienst als een ondersteuning van hun werking zien. Tijdens de jeugdraad van 3 december 2013 werd het voorstel voor de Berchemse jeugddienst goedgekeurd.
Het stadsbestuur besloot te zorgen voor prijzen die stadsbreed in alle uitleendiensten eenduidig bepaald zijn. In de zitting van 19 november 2013 (jaarnummer 00664) keurde de gemeenteraad het retributiereglement voor de uitleendiensten van de jeugddiensten goed. In het retributiereglement zijn de prijzen en de wijze van betaling opgenomen. De inkomsten van de lokale uitleendiensten vloeien terug naar de betreffende districten en worden geïnvesteerd in onderhoud en/of vervanging van het spelmateriaal.
Een lokale uitleendienst versterkt het contact tussen de jeugddienst en verenigingen die werken met of voor jeugd. De prijzen zijn bewust laag, om zoveel mogelijk verenigingen de kans te bieden gebruik te maken van het spelmateriaal. Op deze manier willen we zoveel mogelijk kinderen bereiken.
Het gebruiksreglement bepaalt wie mag ontlenen, en welke regels en voorwaarden hiertoe gesteld worden. Berchemse verenigingen die werken met of voor jeugd en Berchemse bewonersgroepen van Opsinjoren kunnen het gewenste materiaal aanvragen aan de hand van het daartoe bestemde aanvraagformulier.
De Berchemse jeugdpartners, zoals gedefinieerd in artikel vier van het gebruiksreglement, alsook jeugddiensten van de andere Antwerpse districten zijn vrijgesteld van retributie, omdat het materiaal geschonken werd aan district Berchem en omdat er nauwe samenwerkingsverbanden bestaan.
Om in regel te zijn met de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, worden de aanvraagformulieren en gegevens van de ontleners enkel op papier bewaard, in een map.
De gecoördineerde grondwet verleent bij artikels 41, 162/2e, 170/paragraaf 4 en 173 aan de gemeenten fiscale autonomie.
Artikel 43 § 2, 15° van het gemeentedecreet bepaalt dat deze bevoegdheid niet aan het college van burgemeester en schepenen kan toevertrouwd worden.
Artikel 186 van het gemeentedecreet bepaalt de wijze van bekendmaking van de reglementen.
De districtsraad Berchem keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad keurt het gebruiksreglement voor de uitleendienst van spelmateriaal van jeugddienst Berchem goed.
De districtsraad keurt het aanvraagformulier voor de uitleendienst van spelmateriaal van jeugddienst Berchem goed.
De districtsraad neemt kennis van het retributiereglement.