Terug

2014_CBS_00222 - Budgetwijziging 2014 - Aanpassing meerjarenplan 2014-2019 en budget 2014. Uitgangspunten - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 10/01/2014 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2014_CBS_00222 - Budgetwijziging 2014 - Aanpassing meerjarenplan 2014-2019 en budget 2014. Uitgangspunten - Goedkeuring 2014_CBS_00222 - Budgetwijziging 2014 - Aanpassing meerjarenplan 2014-2019 en budget 2014. Uitgangspunten - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Algemene financiƫle opmerkingen

De financiële gevolgen worden opgenomen in de decretaal opgelegde documenten waarmee de aanpassing van het meerjarenplan 2014-2019 en de budgetwijziging 2014 worden voorgelegd aan de gemeenteraad.

Aanleiding en context

  • De gemeenteraad keurde het meerjarenplan 2014-2019 en het budget 2014 goed op 19 november 2013 (jaarnummer 655);
  • Het college keurde de timing voor de budgetwijziging 2014 goed op 13 december 2013 (jaarnummer 12635).

Argumentatie

Een aanpassing van het meerjarenplan en een budgetwijziging zijn nodig omwille van nieuwe informatie die ondertussen beschikbaar is en om het budgettair resultaat 2013 te verwerken.

Vanaf budgetopmaak 2014 wordt met een volledig nieuwe doelstellingenboom gewerkt. Omwille van deze nieuwe doelstellingenboom wordt geen budget overgedragen van 2013 naar 2014. Hiermee rekeninghoudend wordt de budgetwijziging 2014 vroeger in het jaar ingepland.

Omwille van de strakke timing van de budgetwijziging worden een aantal uitgangspunten gegeven.

Voor de budgetwijziging 2014 wordt gestart met de cijfers die bij budgetopmaak 2014 zijn opgenomen in het meerjarenplan 2014-2019 en het budget 2014. Hierbij dient rekening te worden gehouden met eventuele IKA's die ondertussen gebeurd zijn.

Voor exploitatiebudget wordt de nadruk gelegd op aanpassingen voor het jaar 2014. Voor investeringsbudget is het aangewezen alle informatie die ondertussen gekend is te verwerken en de budgetten over alle jaren zo correct mogelijk aan te passen.

Voor het investeringsbudget 2013 dat niet verbruikt is en waarvan gevraagd wordt dit terug op te nemen bij budgetwijziging 2014 zal een grondige motivering vereist zijn.

Het personeelsbudget van de groep wordt aangepast aan de prognose van het planbureau van januari 2014 over een eventuele indexaanpassing. De verzelfstandigde entiteiten bevriezen het voordeel op hun budget 2014 en op de budgetten 2015-2019. IF zal dit monitoren. Bij budgetopmaak 2015 zullen er onderrichtingen verspreid worden over hoe omgaan met deze bevroren budgetten

 

Beleidsdoelstellingen

Het strikt budgettair en financieel beleid is realistisch en risicobewust
Het monitoren en bijsturen van budgetten gebeurt op een strikte manier, rekening houdend met het meerjarenplan
Het bijsturen van het meerjarenplan en het opstellen van de budgetten verloopt op een correcte en realistische manier

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist dat voor de budgetwijziging 2014 wordt uitgegaan van de totalen per beleidsdoelstelling, per budgettype en per jaar die budgetopmaak 2014 zijn opgenomen voor het meerjarenplan 2014-2019 en het budget 2014. Er dient rekening te worden gehouden met eventuele IKA's die ondertussen gebeurd zijn.

Artikel 2

Het college beslist dat in de regel budget naar een later jaar, niet naar een eerder jaar kan verschoven worden. 

Artikel 3

Het college beslist dat in de regel geen budget verschoven wordt van het ene naar het andere budgettype (exploitatie, investeringen, liquiditeiten).

Artikel 4

Het college beslist dat bij deze budgetwijziging voor exploitatiebudget de focus ligt op 2014.

Artikel 5

Het college beslist dat het personeelsbudget van de groep bij budgetwijziging aangepast wordt aan de prognose van het planbureau van januari 2014 over een volgende indexaanpassing. De verzelfstandigde entiteiten bevriezen het voordeel op hun budget 2014 en op de budgetten 2015-2019. Inspectie financiën zal dit monitoren. Bij budgetopmaak 2015 zullen er onderrichtingen verspreid worden over hoe omgaan met deze bevroren budgetten.

Door sneller gerealiseerde besparingen op het personeelsbudget in 2013 is er een restbedrag dat bij deze budgetwijziging  opgenomen wordt als buffer op het personeelsbudget 2014 om eventuele vertragingen in de realisatie van verdere besparingen op te vangen.

Artikel 6

Het college beslist dat bij deze budgetwijziging de spreiding over de jaren van het toegekende investeringsbudget moet aangepast worden op basis van alle bijkomende informatie die ondertussen beschikbaar is.

Artikel 7

Het college geeft opdracht aan alle bedrijfseenheden om met betrekking tot het niet verbruikte investeringsbudget van 2013

  • bedragen vastgelegd in 2013 voor specifieke projecten die in uitvoering zijn of nog uitgevoerd moeten worden, grondig te motiveren indien deze bedragen gevraagd worden voor opname bij budgetwijziging en dit op de nieuwe doelstellingenboom;
  • bedragen nog niet vastgelegd in 2013 voor specifieke projecten die nog uitgevoerd moeten worden én waarvoor geen budget meer voorzien is in het meerjarenplan 2014-2019, eveneens grondig te motiveren indien deze bedragen gevraagd worden voor opname bij budgetwijziging en dit op de nieuwe doelstellingenboom.

Het college geeft  opdracht aan de verzelfstandigde entiteiten om hun berekening van de indexaanpassing (volgens sjabloon financiën) tegen 31 januari 2014 aan financiën/stad te bezorgen.

Artikel 8

Het college beslist dat ontvangsten van 2013 die niet gerealiseerd zijn maar wel nog realistisch opgenomen moeten worden bij budgetwijziging. Er mogen geen nieuwe uitgaven tegenover deze ontvangsten ingeschreven worden.

Artikel 9

Het college beslist dat uitgaven waar in hetzelfde jaar 100% ontvangsten tegenover staan kunnen opgenomen worden.

Artikel 10

Het college geeft opdracht aan personeelsmanagement om het personeelsbudget 2014 volledig juist te zetten voor wat betreft de personeelsoptimalisaties.

Artikel 11

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.