Nee
| Aanvrager: | Total Raffinaderij Antwerpen |
| De aanvraag omvat: | logistieke infrastructuur aan het Hansadok in het kader van het Optara-project: bouwen behuizing voor 2 nieuwe transformatoren nabij K2640, uitbreiding technische ruimte K2666 en plaatsen nieuwe laadarm aan kaai 481 |
| Dossiernummer: |
HVN/B//20133552 |
Na het bekomen van de stedenbouwkundige vergunning met bijhorende voorwaarden voor de aanpassing van de logistieke infrastructuur aan het Hansadok in het kader van het Optara project (bouwen behuizing voor 2 nieuwe transformatoren nabij K2640, uitbreiding technische ruimte K2666 en plaatsen nieuwe laadarm aan Kaai 481), diende de aanvrager een verzoek tot afwijking van de opgelegde brandweervoorschriften in. De brandweer/risicobeheer/preventie werd daartoe om advies gevraagd en bracht een aangepast voorwaardelijk gunstig advies uit.
De aanvraag betreft het bekomen van een afwijking op de brandvoorzorgsmaatregelen opgenomen in een eerder bekomen stedenbouwkundige vergunning voor de aanpassing van de logistieke infrastructuur aan het Hansadok in het kader van het Optara project (bouwen behuizing voor 2 nieuwe transformatoren nabij K2640, uitbreiding technische ruimte K2666 en plaatsen nieuwe laadarm aan Kaai 481). Total Raffinaderij Antwerpen verzoekt om de bijzondere voorwaarden onder punt C3 van het opgenomen advies te annuleren. Het betreft het moeten voorzien van 3 waterschuimmonitoren welke elk 6000l/min kunnen debiteren. Dit betekent een heraanleg van het ganse bluswaternetwerk alsook een zeer grote budgettaire impact, en dit was niet voorzien in het project. De nodige stukken die aantonen dat de bestaande voorzieningen, zoals gepland door Total Raffinaderij Antwerpen voldoende zijn, zijn toegevoegd aan de afwijkingvraag. Op basis van de voorgelegde informatie verklaart de brandweer/risicobeheer/preventie zich akkoord met de gevaagde afwijking en heeft deze een nieuw voorwaardelijk gunstig advies (van 4 november 2013 met referentie BW/PR/2013/H.00022.A3.0112) uitgebracht.
Het college kan de gevraagde afwijking inzake brandvoorzorgsmaatregelen toestaan, op voorwaarde dat de voorwaarden uit het advies van 4 november 2013 met referentie BW/PR/2013/H.00022.A3.0112 van de brandweer/risicobeheer/preventie nageleefd worden en mee integraal deel uitmaken van de stedenbouwkundige vergunning met referentie HVN/B/20133552.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Het college neemt kennis van het nieuwe advies van de brandweer/risicobeheer/preventie van 4 november 2013 met referentie BW/PR/2013/H.00022.A3.0112, naar aanleiding van de gevraagde afwijking inzake de brandvoorzorgsmaatregelen opgenomen in de stedenbouwkundige vergunning met referentie HVN/B/20133552.
Het college beslist om de voorwaarden die ze in de stedenbouwkundige vergunning, afgeleverd op 6 september 2013 met referentienummer HVN/B/20133552, heeft opgelegd op basis van het advies van de brandweer/risicobeheer/preventie van 29 juli 2013 met referentie BW/PR/2013/H.00022.A3.0104 in te trekken (dit is punt 2 van artikel 2 van het besluit van 6 september 2013 met jaarnummer 8820).
Het college beslist om de voorwaarden geformuleerd in het advies van 4 november 2013 met referentie BW/PR/2013/H.00022.A3.0112 van de brandweer/risicobeheer/preventie op te nemen in de stedenbouwkundige vergunning met kenmerk HVN/B/20133552.
Het college beslist dat: