Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing : decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Scheldelei in het district Hoboken:
Om de snelheid te beperken werden verkeersgeleiders aangelegd ter hoogte van nummer 60 en ter hoogte van nummer 30. Aan beide wegversmallingen worden om veiligheidsredenen voorrangsborden geplaatst.
Voor de Scheldelei bestaat er een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer, dat echter niet langer voldoet aan de actuele verkeerssituatie. Een nieuw aanvullend verkeersreglement wordt opgemaakt, aangepast aan de huidige verkeerssituatie:
De borden zijn niet conform het aanvullend reglement ingetekend en dienen andersom ingetekend te worden. De verhoogde inrichting op het kruispunt met de H. Rosherstraat moet op afstand worden gesignaleerd met het verkeersbord A14
De districtsraad Hoboken keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Scheldelei in het district Hoboken, ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 26 januari 1993 (jaarnummer 28):
Artikel 1: de bestuurders rijdend van de Schroeilaan naar de Jan van de Wervelaan moeten aan de verkeersgeleider ter hoogte van nummer 60 voorrang verlenen aan de bestuurders komende uit de tegenovergestelde richting.
De verkeersborden B19 en B21 worden aangebracht.
Artikel 2: de bestuurders rijdend van de Jan van de Wervelaan naar de Schroeilaan moeten aan de verkeersgeleider ter hoogte van nummer 30 voorrang verlenenen aan de bestuurders komende uit de tegenovergestelde richting.
De verkeersborden B19 en B21 worden aangebracht.
Artikel 3: een fietspad, uitgezonderd voor de bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse B, werd aangelegd vanaf 40 meter voor het kruispunt met de Schroeilaan tot aan de Schroeilaan.
Het verkeersbord D7, met onderbord, werd aangebracht.
Artikel 4: de rijbaan werd in de bocht naar de Jan van de Wervelaan verdeeld in rijstroken.
Artikel 5: de rijbaan werd 50 meter voor het kruispunt met de Schroeilaan verdeeld in rijstroken.
Voorsorteringspijlen en een stopstreep werden gemarkeerd voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Schroeilaan.
Het verkeersbord F13 werd aangebracht.
Artikel 6: een oversteekplaats voor voetgangers werd afgebakend door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan ter hoogte van de Schroeilaan.
Artikel 7: parkeervakken werden gemarkeerd ter hoogte van de Jan van de Wervelaan nummer 63.
Artikel 8: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.