Terug

2013_CBS_12267 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 3 bijzondere voorwaarden - Autobanden Dakar bvba, Van Lissumstraat 55, 2100 Deurne-Antwerpen. Dossiernummer AN2013/635/IB - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 06/12/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_12267 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 3 bijzondere voorwaarden - Autobanden Dakar bvba, Van Lissumstraat 55, 2100 Deurne-Antwerpen. Dossiernummer AN2013/635/IB - Kennisneming 2013_CBS_12267 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 3 bijzondere voorwaarden - Autobanden Dakar bvba, Van Lissumstraat 55, 2100 Deurne-Antwerpen. Dossiernummer AN2013/635/IB - Kennisneming

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4 § 1 van Vlarem I bepaalt dat het college akte moet nemen van meldingen van klasse 3-inrichtingen.

Aanleiding en context

Meldingen van klasse 3-inrichtingen worden conform de wetgeving aan het college bekendgemaakt. De melding opgenomen als bijlage werd op de afdeling milieuvergunningen binnengebracht en geregistreerd.

Argumentatie

De volgende melding van klasse 3-inrichtingen werd volledig en ontvankelijk bevonden zodat van deze melding akte kan worden genomen zoals voorzien in de Vlarem-procedure.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder voorafgaande en schriftelijke vergunning of melding een als hinderlijk ingedeelde inrichting klasse 1, 2 of 3 mag exploiteren of veranderen.
Artikel 4 § 2 van het milieuvergunningendecreet bepaalt dat niemand zonder daarvan vooraf melding te hebben gemaakt, een inrichting die tot de klasse 3 behoort, mag exploiteren of veranderen.
Artikel 20 van het milieuvergunningendecreet en artikel 3.3.0.2 van Vlarem II bepalen dat aan inrichtingen van klasse 3 bijzondere vergunningswaarden kunnen worden opgelegd.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt akte van klasse 3-inrichting zoals vermeld in het verslag van de dienst milieuvergunningen dat werd opgenomen als bijlage.

Artikel 2

Het college wijst erop dat de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:

  • standaardgarages en – carrosseriebedrijven - hoofdstuk 5bis.0 en 5bis.15.5.

Artikel 3

Het college beslist dat de exploitant volgende bijzondere voorwaarden dient na te leven:

Een stedenbouwkundige vergunning voor het pand dient aangevraagd te worden. Enkel indien een stedenbouwkundige vergunning wordt afgeleverd, mag de garage geëxploiteerd worden, waarbij volgende bijzondere voorwaarden van toepassing zijn:

  • het aan- en afleveren van banden goederen en het ophalen van afvalstoffen door verwerkers vindt plaats op weekdagen tussen 09.00 uur en 15.00 uur;
  • de opslag en afvoer van de (afval)olie, batterijen en oliehoudend afval dient aangepast zodat voldaan wordt aan de algemene en sectorale voorwaarden;
  • de werkplaats moet voorzien worden van een naar buiten opendraaiende vluchtdeur;
  • in de werkplaats moet te allen tijde voldoende ruimte vrij gehouden worden om een vlotte evacuatie naar de openbare weg te verzekeren;
  • alle activiteiten moeten binnen het volume van het gebouw plaatsvinden.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.