Terug

2013_CBS_13067 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Bufferzone Hoboken, district Hoboken - Definitieve vaststelling - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/12/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_13067 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Bufferzone Hoboken, district Hoboken - Definitieve vaststelling - Goedkeuring 2013_CBS_13067 - Gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Bufferzone Hoboken, district Hoboken - Definitieve vaststelling - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Onderzoek

Een openbaar onderzoek werd gehouden van 1 augustus 2013 tot en met 29 september 2013. Tijdens deze periode werden 2 ontvankelijke bezwaarschriften ingediend. Zoals door de Codex (VCRO) bepaald werden alle adviezen, opmerkingen en bezwaren voor advies aan de GECORO voorgelegd.

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 2.2.14. §6 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse regering, zegt dat de gemeenteraad het ontwerp van gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vaststelt.

Aanleiding en context

Planningscontext

Tot eind jaren 90 waren bijna overal in Hoboken bijzondere plannen van aanleg (BPA) van kracht, waarbij in de bestemmings- en rooilijnplannen de contouren van de verschillende zoneringsgebieden duidelijk waren vastgelegd. Vergunningen werden in het verleden dan ook steeds op basis van deze BPA’s afgeleverd en zijn conform de hedendaagse reële begrenzingen.

Deze BPA’s zijn met het Besluit van de Vlaamse regering van 1 december 2000 echter niet meer van kracht. Het huidige gewestplan wordt sinds dat moment opnieuw gehanteerd als zoneringskader. Probleem is echter dat het gewestplan niet strookt met de vroegere BPA’s waardoor bestaande bedrijven, bufferzones, enz. niet meer in hetzelfde bestemmingsgebied zijn gelegen dan bedoeld en heden gebruikt. Dit levert problemen bij de vergunningverlening.

Vandaar de opmaak van een ‘ruimtelijk uitvoeringsplan’ (RUP) als nieuw wetgevend kader om deze problematiek recht te zetten. 

RUP

De foute gewestplanzonering heeft juridische gevolgen voor de bestaande zones van wonen, ambachtelijke bedrijven, industrie, dagrecreatie, groen, natuur en buffer en dit situeert zich binnen 3 afzonderlijke contouren. Het RUP behandelt de zonering waar het gewestplan niet strookt met de huidige, feitelijke en vergunde toestand. Het RUP hanteert waar mogelijk de voorschriften uit het gewestplan. Het RUP garandeert opnieuw duidelijkheid en rechtszekerheid. Het wordt opgesteld als nieuw wetgevend planologisch kader.

Argumentatie

1. Ruimtelijke ordening

Advies Gecoro van 4 december 2013

De GECORO heeft in het kader van het openbaar onderzoek de twee bezwaarschriften behandeld en de adviezen van deputatie van de provincie Antwerpen en Ruimte Vlaanderen, Vlaamse overheid.

De adviezen waren voorwaardelijk gunstig met vermelding van enkele aandachtspunten en opmerkingen gegeven.

Het advies van GECORO wordt gevolgd. Voorliggend dossier is overeenkomstig het advies aangepast en/of aangevuld. In het advies van de GECORO, zijn alle wijzigingen en de bijhorende argumentatie terug te vinden.

De belangrijkste wijzigingen aan het RUP ten opzichte van het voorlopig vastgestelde ontwerp zijn de volgende:

  • In de toelichtingsnota wordt de ruimtelijke motivering voor de omzetting van de zone voor groen en wonen naar volledige zone voor groen in het meest zuidelijke plandeel opgenomen, hierdoor wordt  wonen en industrie gebufferd door groen wat nodig is om een kwalitatieve leefomgeving te faciliteren;
  • In het stedenbouwkundige voorschrift wordt er in de zone voor recreatie in het kader van de watertoets verduidelijkt dat de infiltratie op eigen terrein kan, zodat bij het vergroten van het verharde oppervlakte de bergingscapaciteit in het mogelijk overstromingsgevoelig gebied  niet afneemt;
  • Op het grafisch plan wordt de maatvoering van de buffer tussen polderstad en de zone voor ambachtelijke bedrijven toegevoegd.

2. Milieueffectenrapportage (MER-screening)

Stap

Datum

aanvraag adressen adviesinstanties

10 januari 2013

aanvraag advies bij adviesinstanties

30 januari 2013

rappelbrief raadpleging adviesinstanties

5 maart 2013

verzending screeningsdossier naar dienst MER

27 april 2013

beslissing dienst MER

16 mei 2013

Op 16 mei 2013 besliste de dienst MER (Vlaamse overheid, Departement Leefmilieu, Natuur en Energie) dat het plan geen aanleiding geeft tot aanzienlijke milieugevolgen en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is.

3. Watertoets

In toepassing van artikel 8 van het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 moeten alle uitvoeringsplannen worden onderworpen aan een watertoets. Op 1 maart 2012 is het aangepaste besluit tot vaststelling van de nadere regels voor de toepassing van de watertoets in werking getreden.
Het RUP werd afgetoetst aan de opgelegde regels en heeft geen negatieve effecten op de waterhuishouding.

Juridische grond

Ruimtelijke ordening
Artikel 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) die de procedure vastleggen voor de opmaak van een RUP.

MER
Met de goedkeuring van het besluit betreffende de milieueffectrapportage over plannen en programma’s door de Vlaamse regering op 12 oktober 2007, moet de initiatiefnemer van een plan met – mogelijk – aanzienlijke milieueffecten, zoals bijvoorbeeld ruimtelijke uitvoeringsplannen, deze milieueffecten en eventuele alternatieven in kaart brengen.

Watertoets
Decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, artikel 8, §1 en 2. Besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, artikel 2 en 4.
Besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets in bijlage IX tot XV opgenomen kaarten.

Fasering

 

Stap

Datum

collegebesluit: proces- en richtnota

15 juni 2012 (jaarnummer 6265)

collegebesluit: kennisneming voorontwerp- RUP

22 februari 2013 (jaarnummer 1680)

districtsraad: advies

22 april 2013 (jaarnummer 31)

GECORO: advies

6 maart 2013

plenaire vergadering en adviezen

14 maart 2013

collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om ontwerp-RUP voorlopig vast te stellen

31 mei 2013 (jaarnummer 5492)

collegebesluit: addendum, opheffing rooilijnplannen

14 juni 2013 (jaarnummer 6012)

gemeenteraad: voorlopige vaststelling ontwerp-RUP

24 juni 2013 (jaarnummer 453)

openbaar onderzoek

1 augustus 2013-29 september 2013

collegebesluit: sluiting openbaar onderzoek

18 oktober 2013 (jaarnummer 10562)

GECORO advies

4 december 2013

collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om RUP definitief vast te stellen

20 december 2013

gemeenteraad: definitieve vaststelling

27 januari 2014

deputatie: goedkeuring

voorjaar 2014

Data in vet cursief zijn raming

Adviezen

Advies Gecoro Gunstig advies

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad stelt het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Bufferzone Hoboken definitief vast.
Dit RUP (met algplanid: RUP_11002_214_60005_00001) bestaat uit een grafisch plan, een plan van de bestaande feitelijke en juridische toestand, een plan met de gewestplanzonewijzigingen, de stedenbouwkundige voorschriften en een toelichtingsnota.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen

  • RUP_BufferzoneHoboken_grafisch_plan.pdf
  • RUP_BufferzoneHoboken_bestaande_toestand.pdf
  • RUP_BufferzoneHoboken_gewestplanvergelijking.pdf
  • RUP_BufferzoneHoboken_stedenbouwkundige_voorschriften.pdf
  • RUP_BufferzoneHoboken_toelichtingsnota.pdf