Terug

2013_CBS_12832 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20135236 - district Merksem - Bredabaan 645 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/12/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_12832 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20135236 - district Merksem - Bredabaan 645 - Goedkeuring 2013_CBS_12832 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20135236 - district Merksem - Bredabaan 645 - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvragers: NV JCDECAUX - Blaise-Blanquet Laurence
De aanvraag omvat: publiciteitspaneel 36 m²
Dossiernummer: NME/B//20135236

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich niet aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar.
 
Het college is van oordeel dat de aanvraag niet strijdig is met de bouwcode en de goede ruimtelijke ordening en bijgevolg vatbaar is voor vergunning.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager voor een periode van maximaal 2 jaar te rekenen vanaf de datum van de vergunning.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen