Het Gemeentedecreet bepaalt dat de financieel beheerder driemaandelijks (artikel 165) en zesmaandelijks (artikel 166) een aantal rapporten moet voorleggen aan de gemeentesecretaris, het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad. Het hersteldecreet van 1 juli 2009 veranderde dit in een jaarlijkse rapportering.
Het Gemeentedecreet bepaalt dat de bepalingen betreffende de planning en het financieel beheer van de gemeenten, ook van toepassing zijn op de planning en het financieel beheer van de districten.
Artikel 94 van het Gemeentedecreet
De financieel beheerder staat in volle onafhankelijkheid in voor:
Met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen kan de financieel beheerder een dwangbevel uitvaardigen. Een dergelijk dwangbevel wordt betekend bij gerechtsdeurwaarderexploot.
Met betrekking tot de vervulling van de opdrachten, bedoeld in dit artikel, rapporteert de financieel beheerder in volle onafhankelijkheid aan het college van burgemeester en schepenen en aan de gemeenteraad.
Artikel 165 van het gemeentedecreet
De financieel beheerder rapporteert in volle onafhankelijkheid minstens eenmaal per kwartaal aan de gemeenteraad en het college van burgemeester en schepenen. Dat rapport omvat minstens eenoverzicht van de thesaurietoestand, de liquiditeitsprognose, de beheerscontrole, alsook de evolutie van de budgetten. De financieel beheerder stelt tegelijkertijd een afschrift aan de gemeentesecretaris en de externe auditcommissie ter beschikking.
Artikel 166 van het gemeentedecreet
De financieel beheerder rapporteert in volle onafhankelijkheid minstens eenmaal per semester aan de gemeenteraad over de uitvoering van zijn taak van voorafgaande controle van de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenissen.
Hij stelt tegelijkertijd een afschrift van dat rapport ter beschikking aan het college van burgemeester en schepenen, de gemeentesecretaris en de externe auditcommissie.
Artikel 290 van het gemeentedecreet
De bepalingen betreffende de planning en het financieel beheer van de gemeenten zijn van toepassing op de planning en het financieel beheer van de districten met dien verstande dat:
1° “de gemeenteraad” moet worden gelezen als “de districtsraad”;
2° “het college van burgemeester en schepenen” moet worden gelezen als “het districtscollege”;
3° “de gemeentesecretaris” moet gelezen worden als “de districtssecretaris”, behalve voor wat betreft de taken bedoeld in artikelen 86, derde lid, en 163.
De districtsraad Berendrecht Zandvliet Lillo neemt kennis van het volgende besluit:
De districtsraad neemt kennis van de wettelijke jaarrapportering van de financieel beheerder, met betrekking tot de stand van zaken budget 2013.