Op 16 maart 2000 (jaarnummer 3984) besliste het college over de bevoegdheidsverdeling tussen college en district met betrekking tot het onderhoud en herstel van straat- en verkeersgroen.
Op 13 november 2000 (jaarnummer 2261) ging de gemeenteraad akkoord met de basislijst van lokale en bovenlokale straten en parken.
De bevoegdheidsverdeling en de basislijst van lokale en bovenlokale straten en parken werd sindsdien meermaals bijgesteld en aangepast. De gecoördineerde regelgeving decentralisatie is opgenomen in het “Handboek Binnengemeentelijke decentralisatie”.
De Boerhaavestraat in district Antwerpen is lokaal. Het district heeft beslissingsbevoegdheid.
In de Boerhaavestraat, tegenover huisnummer 1, district Antwerpen, dient één boom te worden geveld.
Het betreft één Ulmus glabra 'Pendula' (treuriep - boom van eerste grootte - stamomtrek 214 cm).
Op dit pleintje bevinden zich nog drie beeldbepalende olmen. Zij zijn tot op heden vrij goed gespaard gebleven van de olmenziekte. Eén van de exemplaren echter, met stamomtrek 214 cm, is momenteel sterk aan het kwijnen. De kruin is voor een derde afgestorven, bepaalde takken in het takgestel zijn afgestorven, de bladeren hangen er verdroogd aan. Aan de stam zijn er delen van de schors aan het loskomen. Al deze symptomen duiden op de olmenziekte. De boom dient te worden geveld.
In het eerstvolgend plantseizoen wordt terug één Ulmus glabra 'Pendula' (treuriep - boom van eerste grootte - plantmaat stamomtrek 18/20 cm) aangeplant. Omwille van de beeldbepalende functie van deze boomsoort opteert de bedrijfseenheid stads- en buurtonderhoud om terug dezelfde boomsoort aan te planten.
Conform de Vlaamse codex ruimtelijke ordening is het vellen van deze boom vergunningsplichtig. Het college levert hiervoor een stedenbouwkundige vergunning af.
Het stedelijk wijkoverleg van het district Antwerpen dient de buurtbewoners op de hoogte te brengen van de geplande ingreep, nadat het college de stedenbouwkundige vergunning heeft afgeleverd.
Artikel 4.2.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalt dat er een stedenbouwkundige vergunning is vereist voor het vellen van bomen die op een hoogte van 1 meter boven het maaiveld een stamomtrek hebben van 1 meter en die geen deel uitmaken van begroeide oppervlakten, zoals vermeld in het Bosdecreet van 13 juni 1990.
Artikel 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2012 bepaalt dat het schepencollege bevoegd is voor het behandelen van stedenbouwkundige vergunningen voor het vellen van bomen die op gemeentelijk openbaar domein gelegen zijn en die geen deel uitmaken van een bos (met “bomen” worden hoogstammige bomen bedoeld).
Het districtscollege keurt goed dat één Ulmus glabra 'Pendula' (treuriep - boom van eerste grootte - stamomtrek 214 cm) wordt geveld in de Boerhaavestraat, ter hoogte van huisnummer 1, district Antwerpen. Hij wordt in het eerstvolgend plantseizoen vervangen door één Ulmus glabra 'Pendula' (treuriep - boom van eerste grootte - plantmaat stamomtrek 18/20 cm).
Het districtscollege verzoekt het college een stedenbouwkundige vergunning af te leveren voor het vellen van de boom.
Het districtscollege geeft opdracht aan:
| dienst | taak |
| SB/GB | district Antwerpen inlichten over het tijdstip van het vellen van de boom, na aflevering van de stedenbouwkundige vergunning door het college |
| SL/WO/SWO-PER | in onderling overleg met SB/GB de buurtbewoners inlichten over de geplande ingreep, na aflevering van de stedenbouwkundige vergunning door de Vlaamse overheid |