Terug

2013_CBS_10464 - Retributiereglement - Fiscale en niet-fiscale vorderingen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 18/10/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_10464 - Retributiereglement - Fiscale en niet-fiscale vorderingen - Goedkeuring 2013_CBS_10464 - Retributiereglement - Fiscale en niet-fiscale vorderingen - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

De gecoördineerde Grondwet verleent bij artikels 41, 162/2e, 170/paragraaf 4 en 173 aan de gemeenten fiscale autonomie.

Artikel 42 §3 van het Gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de gemeentelijke belastingen en retributies.

Aanleiding en context

De stad Antwerpen rekent sinds 1998 administratie- en aanmaningskosten door aan wanbetalers van niet-fiscale schuldvorderingen, zoals voorzien in het collegebesluit van 28 mei 1998 (jaarnummer 7013), de gemeenteraadsbeslissing van 17 december 2007 (jaarnummer 2603) en het retributiereglement dat werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 maart 2012 (302). Dat reglement voorzag reeds een retributie van 15,00 EUR voor het verzenden van een tweede aanmaning, het doorrekenen van kosten van een aangetekende rappelbrief en een retributie van 15,00 EUR bij de aanmaak van een dwangbevel.
Het bestaande reglement blijft bestaan en wordt verlengd.

In de toekomst beoogt de stad Antwerpen nog meer werk te maken van een efficiënte invordering. Het voorliggende reglement vult het bovengenoemde reglement dan ook aan en voegt een gelijkaardige retributie bij de invordering van fiscale schuldvorderingen.

Naast een retributie voor de door de stad Antwerpen gemaakte administratie- en aanmaningskosten voorziet het bijgevoegde reglement tevens in een vergoeding van de kosten die de stad Antwerpen dient te maken wanneer de debiteur woont in of verhuist naar het buitenland en niet spontaan overgaat tot betaling. Deze retributie zal zowel bij de invordering van niet-fiscale als fiscale vorderingen worden geheven. In de eerste plaats zal de stad Antwerpen de kosten doorrekenen die de stad Antwerpen dient te betalen aan een derde (deurwaarder, advocaat, incassobureau, …) waar de stad Antwerpen met het oog op de invordering noodgedwongen beroep op doet. Bijkomend zal een beperkte retributie worden gevraagd van 15,00 EUR, die onder meer de kosten dekt van adresopzoekingen, inwinnen van inlichtingen, portkosten, overmaken dossier aan de derde, …
Ingeval de stad Antwerpen beroep kan doen op de procedure van internationale invorderingsbijstand zoals voorzien in Richtlijn 2010/24/EU van 16 maart 2010, zal de debiteur eveneens een beperkte retributie van 15,00 EUR dienen te betalen, die de door de stad Antwerpen te vervullen formaliteiten/kosten vergoedt.

Tenslotte voorziet het reglement in een retributie voor een openbare verkoop na uitvoerend beslag op onroerend goed. Deze procedure wordt slechts aangewend wanneer de belastingplichtige manifest nalaat de verschuldigde belastingen (en kosten) te betalen en/of het vaststaat dat de verdere instandhouding van zijn/haar verwaarloosde of leegstaande woning slechts tot gevolg zal hebben dat de verschuldigde belasting nog verder oploopt, in die zin dat betrokkene deze niet meer binnen een redelijke termijn kan betalen. Bovendien wordt deze stap slechts gezet wanneer de ‘gebruikelijke’ invorderingsprocedures ontoereikend bleken en de kosten alsmaar ophogen.
Tot op heden vorderde de stad Antwerpen geen enkele vergoeding voor deze extra prestaties. Doordat de betrokkene zelf niet overgaat tot verkoop van zijn pand teneinde zijn belastbare toestand te beëindigen en/of zijn schulden aan te zuiveren, dient de stad Antwerpen dit in zijn plaats te doen. Dergelijke procedures vereisen bovendien intensieve juridische ondersteuning en expertise en veroorzaken in hoofde van de stad Antwerpen oplopende kosten.

De procedures voor de invordering van de fiscale en niet-fiscale schulden kunnen kort als volgt worden geschetst:

  • De betalingstermijn bij niet-fiscale schuldvorderingen, met uitzondering van parkeerretributies, bedraagt 30 dagen vanaf de verzending van de factuur, de terugvorderingsstaat of het voorstel tot minnelijke schikking. 14 dagen na de vervaldag van de niet-fiscale vordering wordt kosteloos een eerste aanmaning verzonden. Bij niet-betaling volgt ten vroegste 29 dagen later een tweede aanmaning, waarvoor een administratiekost van 15,00 EUR wordt aangerekend. Indien 29 dagen later nog steeds niet betaald is, volgt een derde aanmaning. Deze aanmaning wordt aangetekend verzonden. De portkosten voor deze aangetekende zending worden doorgerekend aan de wanbetaler.
    Wanneer de niet-fiscale schuldvordering 24 dagen na de derde aanmaning nog steeds niet vereffend is, wordt overgegaan tot een gedwongen invordering. Indien de niet-fiscale schuldvordering opeisbaar, vaststaand en onbetwist is, zal de financieel beheerder een dwangbevel uitvaardigen. Dit dwangbevel wordt vervolgens door het college van burgemeester en schepenen geviseerd en uitvoerbaar verklaard.
  • Voor de invordering van parkeerretributies (eveneens niet-fiscale schuldvorderingen) gelden afwijkende termijnen. De specifieke invorderingsprocedures (met afwijkende betalingstermijnen) worden opgenomen in het retributiereglement met betrekking tot het parkeren op de openbare weg. De invordering start bij de uitreiking van de retributiebon, waarin de betalingstermijn wordt bepaald.
  • De procedure voor de invordering van niet-fiscale vorderingen wijkt enigszins af voor wat de invordering van administratieve geldboetes betreft. Voor deze GAS-boetes bedraagt de betaaltermijn twee maanden vanaf de aangetekende verzending van de kennisgeving van de beslissing door de gemachtigd ambtenaar.
    Na het einde van de betaaltermijn wordt per gewone post een aanmaning verzonden, waarvan de kosten niet ten laste van de debiteur worden gelegd. Eén maand nadien vertrekt een tweede aanmaning, waarvoor wel een administratiekost van 15,00 EUR wordt aangerekend.
    Indien 29 dagen later nog steeds niet betaald is, volgt een derde aanmaning. Deze aanmaning wordt eveneens aangetekend verzonden. De portkosten voor deze aangetekende zending worden doorgerekend aan de wanbetaler. Wanneer de GAS-boete 24 dagen na de derde aanmaning nog steeds niet vereffend is, wordt overgegaan tot een gedwongen invordering.
  • Een belastingplichtige beschikt voor een fiscale schuld over een betaaltermijn van twee maanden, te rekenen vanaf de verzending van het aanslagbiljet. 14 dagen na de vervaltermijn van het aanslagbiljet wordt kosteloos een aanmaning verzonden die binnen de 14 dagen moet betaald worden.
    Bij niet-tijdige betaling vertrekt vervolgens een tweede aanmaning, waarvoor een administratiekost van 15,00 EUR wordt aangerekend. Wordt deze niet betaald binnen de voorziene termijn, dan ontvangt de belastingplichtige een laatste aangetekende rappel, waarvan de portkosten worden doorgerekend.
    Is de schuld één maand nadien nog steeds onbetaald, dan wordt een fiscaal dwangschrift opgemaakt.
    Indien de gebruikelijke dwangmaatregelen (zoals bijvoorbeeld uitvoerend beslag onder derden) nog niet leiden tot de effectieve betaling, zal in gebeurlijk geval worden overgegaan tot uitvoerend beslag op onroerend goed. Daarbij maakt de stad Antwerpen steeds een uitvoerig ‘motivatiedossier’ op, waarin in extenso wordt beschreven welke fiscale schulden betrokkene heeft, hoe de verschillende schuldeisers hypothecair zijn gerangschikt en wat de geschatte waarde van het pand is. Vervolgens wordt de deurwaarder gelast met de nodige betekeningen, waarna vervolgens een advocaat wordt aangesteld die bij de beslagrechter een verzoek indient tot aanstelling van een notaris. De verdere procedure wordt van nabij gevolgd door de stedelijke administratie, die er nauw op toeziet dat de rechten van de stad Antwerpen worden gewaarborgd (onder meer door grondig nazicht van de door de notaris betekende verkoopsvoorwaarden). Een afgevaardigde van de stad Antwerpen woont de openbare verkoop bij en kijkt finaal de door de notaris opgemaakte verdeling van de verkoopopbrengst (de zogenaamde ‘rangregeling’) na.

Bij dit alles dient met klem te worden benadrukt dat een burger die van goede wil is en betalingsmoeilijkheden ondervindt altijd de kans zal krijgen om een betalingsregeling af te spreken. De financieel beheerder is steeds bereid om een afbetalingsplan toe te staan wanneer de debiteur te goeder trouw een voorstel doet om de schuld binnen een redelijke termijn af te betalen.

Argumentatie

Niet alleen voor de invordering van niet-fiscale (cf. het hierboven vermelde reglement 2012_GR_00302), maar ook voor de invordering van fiscale vorderingen dienen de wanbetalers in te staan voor de meerkosten die ze veroorzaken.

De in het hieronder vermelde reglement bepaalde retributies vergoeden de meerkost voor administratie die de invordering van schulden met zich brengt wanneer de debiteur duidelijk onwillig is. Het betreft vermijdbare kosten die de wanbetaler door eigen inertie heeft veroorzaakt. Het is evident dat de debiteur die niet tijdig betaalt, niet reageert op de correspondentie van de stad en/of geen bereikbaar adres opgeeft, de kosten draagt die daarvan het rechtstreekse gevolg zijn. Dit geldt ongeacht of de debiteur zich binnen of buiten de landsgrenzen bevindt, al spreekt het voor zich dat de kosten nog meer oplopen wanneer de debiteur in het buitenland woont.

In de eerste plaats wil dit reglement de administratie de mogelijkheid geven om de kosten veroorzaakt door wanbetalers te recupereren. Het komt weinig billijk over dat de kosten van de administratie in dezelfde mate zouden dienen te worden gedragen door alle burgers, nu de passieve houding van sommige wanbetalers immers leidt tot aanzienlijke meerkosten voor de administratie (papier, materiaal, verzendingskosten, eventueel extern juridisch advies of adresopzoekingen door een deurwaarder, …).

In de tweede plaats beoogt dit reglement een stimulans te zijn om de wanbetaler ertoe aan te zetten tijdig te betalen of minstens tijdig de administratie te contacteren ingeval hij of zij betalingsproblemen ondervindt. De burger wordt op die manier ook aangesproken op zijn verantwoordelijkheid om een geldig adres te hebben en de correspondentie van de stad niet ongelezen te laten.
Voor de retributie voor de kosten van de procedures inzake de openbare verkoop na uitvoerend beslag op onroerend goed dient bijkomend op de specificiteit van dergelijke procedures  te worden gewezen. Zoals hoger reeds werd aangehaald, betreft het zeer ingewikkelde, tijdrovende, arbeidsintensieve en kostelijke procedures. Wanneer de stad dergelijke procedures niet zou voeren, zou er een gevoel van financiële straffeloosheid optreden. Het voeren van deze procedure is dan ook een must, wil men een doortastend beleid voeren tegen leegstand en verkrotting in Antwerpen. Het is echter door de onmogelijkheid om de kosten van deze procedure te recupereren dat andere steden en gemeenten vaak niet overgaan tot uitvoerend beslag op onroerend goed.

Juridische grond

Artikel 94, 2° van het Gemeentedecreet bepaalt dat de financieel beheerder voor niet-fiscale vorderingen een dwangbevel kan uitvaardigen dat wordt betekend bij gerechtsdeurwaardersexploot.

Op basis van artikel 11 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, artikel 298§2 Wetboek Inkomstenbelastingen (W.I.B. 1992) en artikel 147 van het Koninklijk Besluit tot uitvoering van het W.I.B. 1992 kan de financieel beheerder voor fiscale vorderingen een dwangschrift uitvaardigen dat wordt betekend bij gerechtsdeurwaardersexploot.

Beleidsdoelstellingen

7 - Sterk bestuurde stad
Het strikt budgettair en financieel beleid is realistisch en risicobewust

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad beslist het retributiereglement voor administratie- en aanmaningskosten van niet-fiscale vorderingen goed te keuren.

Artikel 2

De financieel beheerder regelt de financiële aspecten als volgt:

Omschrijving Bedrag Boekingsadres Bestelbon
Aanrekening retributie invorderingskosten 80.000,00 EUR per jaar budgetplaats: 5172000000
budgetpositie: 705
functiegebied: 1HSB010102A00000
subsidie: SUB_NR
fonds: INTERN
begrotingsprogramma: 1SA070111
budgetperiode: 1400-1900
 NVT

Bijlagen