Deze week werden er infosessies gegeven door de heer Kurt Van Passen, scheikundige bij de afdeling gevaarlijke goederen van de Havenkapiteinsdienst Antwerpen.
Tijdens deze sessies werd er geïnformeerd naar de invoering van een nieuw systeem wat betreft de elektronische afvoer-aangifte.
De expediteur moet voor het afvoeren van goederen niet langer een elektronische afvoer-aangifte indienen, deze wordt vervangen door Codeco-berichten die de Havenkapiteinsdienst ontvangt van de terminal (dit terwijl de afvoer van de goederen gebeurt door expediteurs). De verantwoordelijkheid voor het respecteren van de verblijfstermijnen blijven wel ten laste van de expediteurs.
De expediteur verliest door dit nieuw systeem een deel van zijn opbrengsten, die hij voorheen verdiende door het indienen van dergelijke aangifte.
In 2010 werden diezelfde expediteurs verplicht om de te betalen opleidingen "codex" en "gevaarlijke goederen" te volgen bij Portilog om deze aangifte te mogen blijven indienen.
Amper 3 jaar later wordt het systeem compleet omgegooid, met een verlies van opbrengsten van de expediteur, doch met behoud van de verantwoordelijkheid die hij/zij draagt wat betreft het tijdig afvoeren van verlengd vertoef.
Vandaar mijn volgende vragen:
1) werd er bij de initiële bespreking met o.a. APCS en Trade Facilitation ook de mening bevraagd van expediteurs?
2) werd deze beslissing reeds goedgekeurd door de raad van bestuur van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen?
3) wat is de motivatie geweest voor deze beslissing?
4) bestaat de mogelijkheid tot aanpassing van dit nieuwe systeem, waarbij de expediteur de afvoer-aangifte niet wordt ontnomen, maar waarbij er een dubbele veiligheidscheck ontstaat (de expediteur blijft de afvoer-aangifte indienen en de havenkapiteinsdienst ontvangt de Codeco-berichten)?
Geacht raadslid
Toelichting
Reeds jaren wordt vanuit de havengemeenschap gevraagd om de aangifteprocedures voor gevaarlijke goederen te vereenvoudigen. Deze worden als administratief zeer omslachtig en kostenverhogend beschouwd. Hierbij wordt voornamelijk verwezen naar de aanvullende aangifte (voor de afvoer van gevaarlijke goederen van de terminal). Deze aanvullende aangifte dient enkel in de haven van Antwerpen ingestuurd te worden.
In de nieuwe releases van het ‘Antwerp Port Information and Control System’, of kortweg APICS 2, werd hiervoor een oplossing gevonden door gebruik te maken van de EDIFACT terminal berichten CODECO en COARRI.
Ook volgens de nieuwe procedures zullen er nog degelijk aangiftes voor gevaarlijke goederen moeten ingestuurd worden d.m.v. het IFTDGN bericht. In het geval van uitvoer zal doorgaans de expediteur de aanvoer op terminal blijven melden, zoals dit nu reeds het geval is. Omgekeerd, in het geval van invoer, zal de scheepsagent de lossing van zee- of binnenschip moeten blijven melden. Een aantal datavelden in het IFTDGN bericht zullen wel een indicatief karakter krijgen. Dit is o.m. het geval voor de aankomt- en vertrekdata van de goederen. De reële data zullen in APICS aangevuld worden op basis van de terminal berichten. Voor expediteurs en scheepsagenten betekent dit dat zij minder updates zullen moeten insturen.
De tijdige afvoer van de terminal moet uiteraard wel gerespecteerd worden. Dit is wettelijk verplicht. Hier geldt evenwel het principe dat de indiener van de aangifte ook de verantwoordelijkheid draagt om tijdig verlengd vertoef aan te vragen. Bij uitvoer is dit dus doorgaans de expediteur, bij invoer de scheepsagent. Onder de nieuwe procedures zal de aanvraagprocedure hiervoor wel vereenvoudigd worden. De papieren documenten zullen vervangen worden door een elektronische functionaliteit via de nieuwe web applicatie.
Het is dus niet correct om te stellen dat het systeem compleet wordt omgegooid. Integendeel, de basisprincipes wijzigen niet. Enkel de huidige aanvullende aangifte d.m.v. het IFTDGN bericht zal vervangen worden. Hiermee vervalt uiteraard ook de berichtenkost voor de kopieberichten die momenteel worden uitgewisseld tussen expediteurs en scheepsagenten. De verplichte opleiding zal dus ook behouden blijven. Men mag niet vergeten dat het hier gaat over de behandeling van gevaarlijke goederen. Enige kennis van de gevaren is geen overbodige luxe. De afgeleverde certificaten zullen wel geldig blijven. Het is dus niet zo dat alle aangevers volgend jaar verplicht opnieuw de cursus zullen moeten volgen.
Op de vragen kan het volgende geantwoord worden:
1. Werd de mening bevraagd van de expediteurs?
Van bij de opstart van het project in 2011 werd op meerdere tijdstippen afgestemd met Alfaport en de beroepsverenigingen, waaronder ook VEA (Vereniging voor expeditie, logistiek en goederenbelangen van Antwerpen). De reacties waren steeds positief.
2. Werd deze beslissing reeds goedgekeurd door de Raad van Bestuur van het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen?
De “Codex gevaarlijke goederen” zal in de huidige vorm verdwijnen. De voorschriften, verantwoordelijkheden en procedures voor de aangifte en behandeling van gevaarlijke goederen in de haven van Antwerpen zullen een onderdeel vormen van de nieuwe “Gemeentelijke Havenpolitieverordening” die later dit jaar ter goedkeuring zal voorgelegd worden aan de Gemeenteraad. De aangifteprocedures in de verschillende scenario’s zullen in de vorm van ‘bijhorende havenonderrichtingen’ opgenomen worden als bijlage bij deze verordening.
3. Wat is de motivatie geweest van deze beslissing?
Hierop werd reeds gedeeltelijk ingegaan. Administratieve vereenvoudiging en kostenverlaging voor de aangevers zijn echter niet de enige aspecten die in deze oefening werden meegenomen. Ook het veiligheidsaspect speelt een belangrijke rol. Door te werken met de terminal berichten, zal ook de correctheid van de veiligheidsdossiers aanzienlijk toenemen. Dankzij deze terminalberichten zal de havenkapiteinsdienst real time informatie krijgen over aankomst op en vertrek van de terminal. Hierdoor zullen de veiligheidsdossiers van de terminals en de zeeschepen ten allen tijde een correcte weergave bieden van de reële situatie. Dit komt het gehele havengebied en de ruimere omgeving ten goede. Indien er zich een incident voordoet, is dit cruciale informatie.
4. Bestaat de mogelijkheid tot aanpassing van dit nieuwe systeem waarbij de expediteur de afvoer-aangifte kan blijven insturen?
Deze aangifte zal in de nieuwe APICS-module niet langer verwerkt kunnen worden. De huidige aanvullende aangifte ‘afvoer’ dient immers enkel maar om het tijdstip van afvoer en het transportmiddel te melden. Deze informatie zit vervat in de CODECO-berichten die de terminals zullen sturen vanuit hun IT-systemen. Het is dan ook volstrekt onnodig om deze aanvullende aangifte in de toekomst nog in te sturen. Indien deze aangifte alsnog zou ingestuurd worden, zou dit tot conflicterende informatie in APICS leiden eerder dan tot een dubbele veiligheidscheck. Het is dus zeker niet wenselijk – en gelet op het stadium van de uitvoering ook niet mogelijk - om het systeem op dit punt bij te sturen.
do 14/11/2013 - 10:37