Artikel 105 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat de gemeenteraad de rechtspositieregeling van het personeel vaststelt.
Op 30 januari 2012 (jaarnummer 70) keurde de gemeenteraad de gecoördineerde versie van de rechtspositieregeling goed. Op 24 september 2012 (jaarnummer 881) en 19 november 2012 (jaarnummer 1267) en 24 juni 2013 (jaarnummer 471) werd hierop een tussentijdse wijziging aangebracht. Over deze laatste wijziging dient de raad voor maatschappelijk welzijn nog advies te verlenen.
Op 23 november 2012 werd er een wijziging aan het besluit van de Vlaamse regering van 7 december 2007 betreffende de rechtspositieregeling goedgekeurd. Hierdoor dienen een aantal aanpassingen aan de lokale rechtspositieregeling aangepast te worden.
Vervolgens dienen een aantal wijzigingen in het HR-beleid opgenomen te worden in de rechtspositieregeling.
Volgende inhoudelijke wijzigingen worden voorgesteld en vormen een aanvullende argumentatie op bijgevoegde tekst:
| Deel | Titel | Artikel | Argumentatie wijziging |
| 1 | 1.8 | Enig artikel |
Er wordt een uitbreiding voorzien van de toekenningsgrond voor het ontvangen van een eretitel. De stad hecht er belang aan dat het personeelslid tijdens de loopbaan te allen tijde de A-waarden heeft gerespecteerd en dat een onberispelijke staat van dienst kan worden voorgelegd. |
| 2 | 7 |
De stad hecht veel belang aan een goede communicatie met zijn medewerkers. Aangezien de stad zoveel als mogelijk digitaal werkt en kiest voor kostenbewuste alternatieven, zou er ook via mail en sms gecommuniceerd kunnen worden. De medewerker die niet maximaal via webmail en gsm bereikbaar is, dient daarom eveneens deze gegevens mee te delen en up to date te houden. |
|
| 2 | 8§1 |
De werking van de stad verandert aan een hoog tempo. In het arbeidsreglement wordt bestendigd dat personeelsleden gevraagd kunnen worden om andere taken op te nemen in functie van het algemeen belang, zoals in de praktijk al verwacht wordt. |
|
| 2 | 8§3 |
Er is nood aan duidelijke richtlijnen voor het personeel wat betreft het systeem van 'track and trace'. |
|
| 2 | 13bis |
Artistieke prestaties die door personeelsleden van de stad geleverd worden in het kader van de uitoefening van hun arbeidsovereenkomst of benoeming kunnen intellectuele eigendomsrechten creëren voor het personeelslid. Vermits deze prestaties geleverd worden in loondienst en in uitvoering van de job bij de stad moeten de vermogensrechten ervan aan de stad worden overgedragen. Artikel 35§3 van de auteurswet van 3/06/1994 voorziet dat de vermogensrechten kunnen worden overgedragen voor zover in die overdracht uitdrukkelijk is voorzien. Daarom wordt de overdracht van toekomstige rechten expliciet in het arbeidsreglement opgenomen. |
|
| 3 | 3.3 | 3§5 |
Volgens het BVR RPR moet de termijn bepaald worden waarbinnen de kandidaat aanspraak kan maken op een vrijstelling als hij al eerder slaagde voor een niveau- of capaciteitstest voor dezelfde of een vergelijkbare functie bij de stad of een andere overheid. |
| 3 | 3.3 | 4 |
Voor een efficiëntere en duidelijke toepassing wordt de geldigheidsperiode van een vrijstelling bepaald op twee jaar en wordt geconcretiseerd dat de vrijstelling aangevraagd moet worden voor de afsluitdatum van de vacature. |
| 3 | 3.4 | 6§2 |
De werkwijze om binnen de vijf dagen te reageren op een vacature of uitnodiging als de kandidaat volgens de rangschikking in aanmerking komt, geldt niet voor selectiepools. |
| 3 | 3.5.1 | 3§2 |
Het doel van sociale tewerkstelling voor de stad is de werkervaringsklant een kwaliteitsvolle, competentieversterkende werkervaring te laten opdoen via een tewerkstelling om zijn of haar kansen op doorstroom naar de reguliere arbeidsmarkt te bevorderen. |
| 4 | 4.1 | 7 |
Loopbaanvermindering wordt momenteel niet toegestaan tijdens de proeftijd omdat loopbaanvermindering geen schorsingsgrond is die in de arbeidsovereenkomstenwet is opgenomen. Hierdoor verlengen de afwezige periodes van loopbaanvermindering de proeftijd niet. |
| 4 | 4.4 | 3 |
De term 'statutair' wordt geschrapt waardoor het duidelijker is dat dit artikel zowel op statutaire als contractuele personeelsleden van toepassing is. |
| 4 | 4.7 | 1§1 |
De opgesplitste werkwijze betreffende het toestaan van ambtshalve herplaatsing, resulteert in een ongelijke behandeling van contractuelen ten opzichte van statutairen. Dit vervalt door het principe analoog toe te passen. |
| 4 | 4.7 | 1§3 |
Een ambtshalve herplaatsing naar een lager niveau is een gunst van het bestuur naar het personeelslid. Het mag niet zijn dat het personeelslid omwille van het baremieke stelsel een hoger loon ontvangt dan hetgeen hij in het hogere niveau ontving. |
| 4 | 4.8 | 3 |
Het BVR RPR voorziet verschillende soorten toelagen bij opdrachthouderschap. De gemeenteraad beslist dat de stadssecretaris bij de oproep kan bepalen welke vergoeding toegekend zal worden. |
| 5 | 5.1.6 | 19§1 |
Het stelsel van deeltijds werken – deeltijds ziek is een gunst. Het is steeds de bedoeling om het personeelslid terug te kunnen activeren naar een voltijdse functie. Om het personeelslid hiervoor te stimuleren, wordt gekozen om tijdens dit stelsel wachtgeld toe te kennen in plaats van een volwaardig loon. |
| 5 | 5.3.3 | 5 |
Door de wijzigingen in registratie van afwezigheden, geeft een feestdag die op een inactiviteitsdag valt geen recht meer op een compensatiedag, deze dag wordt geschrapt uit het artikel. |
| 5 | 5.3.6 | 13 |
Het BVR RPR voorziet een mogelijkheid om verlof voor opdracht in bepaalde gevallen toe te kennen. Hiermee worden deze door de gemeenteraad vastgelegd. |
| 5 | 5.3.6 | 14§4 |
Er dient een termijn bepaald te worden voor het geval het verlof voor opdracht vroeger beëindigd wordt. |
| 5 | 5.3.7 | 15§4 |
Voor gebeurtenissen waarvoor het personeelslid de dag van de plechtigheid omstandigheidsverlof krijgt, mag het personeelslid de dag omstandigheidsverlof ook vóór de plechtigheid opnemen, als de plechtigheid zelf op een feest- of inactiviteitsdag valt. |
| 5 | 5.3.8 | 16 |
Om een ongelijkheid weg te werken, heeft ook het personeelslid op proef (zowel bij aanwerving als bevordering) recht op 20 werkdagen onbetaald verlof per kalenderjaar. |
| 5 | 5.3.9 | 19 |
Met de wijziging van het Besluit van de Vlaamse regering van 24 november 2012 betreffende de rechtspositieregeling, wordt de dienstvrijstelling voor bloedgift beperkt voor de hoogstnodige tijd en voor een maximum van tien keer per jaar. |
| 6 | 6.1 | 2§3+2§4 |
De stad wil een aantrekkelijke werkgever zijn die concurrentieel is op de arbeidsmarkt. Vaak stellen we vast dat goede, geslaagde kandidaten niet in dienst komen omwille van het gesimuleerde loon. Dit is voornamelijk zeer jammer in de gevallen waarin de kandidaat wel degelijk relevante ervaring heeft, maar waarbij de rekenregels die door de hogere wetgeving worden opgelegd het de stad niet toelaten deze anciënniteit te laten meerekenen in het loon. Het gaat met name om twee bepalingen: Een tweede bepaling in het BVR RPR is de verplichting om de geldelijke anciënniteit te berekenen per volle kalendermaanden. Dat houdt in dat de prestaties die niet zijn begonnen op de eerste dag van een maand of geëindigd op de laatste dag van een maand niet meegeteld mogen worden bij het bepalen van de weddetrap. In sommige beroepen heeft men vaak kortlopende opdrachten. Het verval van elke korte periode van anciënniteit in deze gevallen is niet verantwoord. We passen daarom de rechtspositieregeling aan zodoende dat de prestaties van onvolledige maanden worden samengeteld tot aan volle maanden. Ook op die manier kan anciënniteit of ervaring die werkelijk werd opgebouwd meegenomen worden in het loon hopelijk een aantal kandidaten meer overtuigen om de uitdaging bij de stad aan te gaan. |
| 6 | 6.2.1 | 16 |
In het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 2012 betreffende de RPR is een keuze opgenomen voor de maandelijkse uitbetaling van de toelage voor opdrachthouderschap. Er wordt voor gekozen om per oproep duidelijk te maken op welke manier de toelage zal berekend worden, afhankelijk van de aard van de opdracht. |
| 6 | 6.2.2 | 23+27 |
In het nieuwe payroll-platform SAP is het niet mogelijk om verplaatsingen uit te drukken tot twee cijfers na de komma. Afstanden afgelegd in het kader van een dienstreis dienen daarom afgerond te worden tot op de kilometer. |
| 6 | 6.2.3 | 28§4 |
Om de kost voor de opstart van een elektronische maaltijdchequekaart rendabel te maken, is een minimale tewerkstelling van drie maanden nodig. |
| 7 | 7.1 | 5 |
Om op een objectieve en kwalitatieve manier kabinetspersoneel aan te werven, kan kabinetspersoneel eveneens aangesteld worden na een selectie georganiseerd door de stedelijke personeelsdienst. |
| 7 | 7.1 | 9 |
Een kabinetsmedewerker aangeworven overeenkomstig artikel 5.1 kan tewerkgesteld worden binnen de stadsadministratie wanneer er daar een geschikte vacature bestaat. |
| 7 | 7.1 | 10 |
Het kabinets- en fractiepersoneel is uitgesloten van de functioneringstoelage, uitgezonderd indien geen kabinetstoelage wordt toegekend. |
| 7 | 7.1 | 11 |
Het bestuur wenst dynamisch om te kunnen gaan met de personeelssamenstelling van de kabinets- en fractiemedewerkers. Naast duidelijke richtlijnen met betrekking tot de invulling van vacatures op een kabinet, wordt de de kabinetstoelage uitgebreid met twee lagere toelagen en de mogelijkheid om geen kabinetstoelage toe te kennen wordt eveneens toegevoegd. |
| 7 | 7.1 | 12+13 |
Om flexibeler te kunnen omgaan met de kabinetstoelagen, kan aan eender welke kabinetsmedewerker gelijk welke kabinetstoelage gegeven worden zolang er binnen het budget wordt gebleven. De kabinetschef kan echter niet de twee hoogste toelagen toegekend krijgen. |
| 8 | 2 |
Het BVR RPR voorziet de mogelijkheid om door de gemeenteraad te laten bepalen dat een statutair personeelslid op proef na 3 maanden afwezigheid wegens ziekte of invaliditeit kan ontslaan worden. |
|
| 13 |
Nieuwe definitie voor de verduidelijking van de tewerkstellingsprogramma’s waarmee een werkervaringsklant tewerkgesteld kan worden. |
||
| 13 |
Er wordt een definitie van beroepservaring opgenomen zodat vrijwilligerswerk, stage en werk als jobstudent uitgesloten is als in te brengen beroepservaring voro anciënniteit. |
||
| Bijlage I | 3.2 algemene bevorderings- voorwaarden |
De gemeenteraad keurde op 1 maart 2010 de verruimde toegang van de interne arbeidsmarkt goed. Deze beslissing wordt verder uitgebreid naar werkervaringsklanten om hun dezelfde loopbaanrechten te geven als regulier personeel en talent sneller te laten doorstromen in de organisatie. |
|
| Bijlage II |
Statutaire medewerkers die tijdens ziekte gebruik maken van ziektekredietdagen bouwen hierbij nieuwe ziektekredietdagen op. Personeelsleden die in disponibiliteit zitten, bouwden tot op heden geen nieuwe ziektekredietdagen op. Deze ongelijkheid met zieken die niet in disponibiliteit staan, willen we wegwerken. |
Volgende tekstuele wijzigingen worden voorgesteld en vormen een aanvullende argumentatie op bijgevoegde tekst:
| Deel | Titel | Artikel | Argumentatie wijziging |
| 1 | 1.1 | Bij de verwijzing naar de geldende gedragscode dient voor de volledigheid de wijziging van 16 februari 2009 (jaarnummer 242) toegevoegd te worden. | |
| 1 | 1.1 | De gedragscode dient aangepast te worden aan titel 1.3 van het besluit van de gemeenteraad van 20 november 2006. Dit stelt nog dat een personeelslid toestemming moet vragen voor het uitoefenen van een nevenactiviteit terwijl dit geschrapt is uit het reglement op nevenactiviteiten dat de gemeenteraad goedkeurde in november 2006. Dit nieuwe reglement legt de verantwoordelijkheid bij de medewerker wat betreft de beoordeling van de verenigbaarheid van een bijberoep met een functie bij de stad. Het college kan immers nooit helemaal op de hoogte zijn van alle taken of connecties die bij een ‘aangevraagde’ nevenactiviteit horen. | |
| 1 | 1.1 | Conform het principebesluit van de stadssecretaris van 2 juli 2009 waarin principes rond dienstreizen werden vastgelegd en in functie van een efficiënte administratie, wordt de verplichting uit de gedragscode geschrapt om goedkeuring te vragen aan het college in geval van een buitenlands werkbezoek. | |
| 3 | 3.3 | 3§2 |
In het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 2012 betreffende de rechtspositieregeling werd bepaald dat in geval van de uitbesteding van de selectieprocedure, dit niet langer aan een extern selectiebureau dient te gebeuren. |
| 3 | 3.3 | 6§3 |
Herinvoering van het artikel betreffende de geslaagd verklaring voor onderliggende functies binnen het A-niveau. |
| 3 | 3.4 | 9 |
Herinvoering van het artikel dat bij uitputting van de werfreserve uit de werfreserve van een hogere functie in het A-niveau kan worden geput. |
| 4 | 4.1 | 2 | Omdat er regelmatig vragen komen over de geldende proeftijd voor statutaire en contractuele personeelsleden wordt voor deze laatste categorie de verwijzing naar de arbeidsovereenkomstenwet mee opgenomen. |
| 4 | 4.1 | 4 |
De formulering 'kan een schorsing toegestaan worden' zou kunnen impliceren dat een schorsing van de eerste proeftijd aangevraagd moet worden en er een beoordeling nodig is. Dit wordt echter automatisch gedaan, waardoor de zin aangepast wordt in: 'wordt een schorsing toegestaan.' |
| 4 | 4.6 | 1 |
Volgens het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 2012 betreffende de rechtspositieregeling moet het bestuur de keuze maken tussen de functionele loopbaan A1a-A2a-A3a of A1a-A1b-A2a. De stad houdt zich aan de huidig toegepaste functionele loopbaan A1-A2-A3. |
| 5 | 5.1.6 | 19§2 |
Louter tekstuele aanpassing die de bevoegdheden verduidelijkt in het kader van het toekennen van wachtgeld aan 100%. Aangezien in dezelfde zin er twee maal wordt verwezen naar ‘de beslissing’ maar het telkens over een andere beslissing gaat. |
| 5 | 5.3.11 | 25+26 |
Schrapping van de bepalingen in verband met halftijds vervroegde uittreding aangezien dit niet meer wordt toegekend. |
| 5 | 5.3.11 | 27 |
Schrapping van de bepalingen in verband met vrijwillige vierdagenweek aangezien dit niet meer wordt toegekend. |
| 6 | 6.1 | 2§1 |
De selectiejury is niet verplicht om advies te geven aan de aanstellende overheid over de relevante ervaring. Dit artikel wordt daarom omgezet in een facultatieve bepaling. |
| 6 | 6.1 | 2§2 |
Er wordt verder verduidelijkt dat indien het kandidaat-personeelslid geen verklaring op eer ondertekent, hij tewerkstellingsattesten dient voor te leggen. |
| 6 | 6.2.3 | 28§3 |
Het ronddelen van maaltijdcheques op papier houdt een grote werklast in, centraal voor de bedrijfseenheid personeelsmanagement, maar ook vooral voor de decentrale HR- cellen in de verschillende bedrijfseenheden. Ook voor medewerkers betekent het gebruik van papieren maaltijdcheques een hoger risico op verlies van de cheques of op verval van de geldigheidsdatum. Tenslotte zorgt deze werkwijze voor een groot papierverbruik en is ze dus niet ecologisch verantwoord, waardoor deze werkwijze niet kadert in de A-waarde kostenbewustzijn. Het invoeren van de elektronische maaltijdcheque is een kostenbesparende maatregel voor de stad omwille van de efficiënte en geautomatiseerde maandelijkse verdeling van de maaltijdcheques, maar ook omwille van de sterk verminderde beheerskost. Dit is tevens een volgende stap in de digitalisering en de administratieve vereenvoudiging van de interne dienstverlening. |
| 6 | 6.2.3 | 34§3 |
Met het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 2012 betreffende de rechtspositieregeling werd de voorwaarde van ‘66% arbeidsongeschiktheid’, aangepast in ‘voldoen aan de voorwaarden voor toekenning van een parkeerkaart'. |
| 7 | 7.1 | 3 |
Door te verwijzen naar de functies en graden voor de rest van het stadspersoneel, is de volledige opsomming van de verschillende kabinetsfuncties niet meer vereist. |
| 7 | 7.1 | 4 |
Deze bepaling is overbodig, want ze zit vervat in de rechtspositieregeling. |
| 7 | 7.1 | 14 |
Verduidelijking van de fractietoelage |
| 12 | 12.2 | 1 |
Tekstuele wijziging voor correcte artikelverwijzing. |
| 12 | 12.2 | 1 |
Er wordt bepaald om deze wijzigingen aan de rechtspositieregeling op 1 januari 2014 in werking te laten treden. |
| 12 | 12.3 | 5 |
Toevoeging van overgangsbepalingen in verband met de lopende stelsels van halftijds vervroegde uittreding en vrijwillige vierdagenweek aangezien dit uitdovende stelsels zijn. |
| 12 | 12.3 | 12 |
Dit artikel wordt geschrapt omdat de desbetreffende personeelsleden ondertussen zijn overdragen naar het Zorgbedrijf. |
| 12 | 12.3 | 14 |
De functies adjunct-coördinator arbeidsveiligheid, consulent arbeidsveiligheid en deskundige arbeidsveiligheid worden geschrapt uit de voorwaarden aangezien deze functies enkel voorkomen bij de gemeenschappelijke preventiedienst en hierdoor enkel door OCMW aangesteld worden. |
| 12 | 12.3 | 7bis |
Er dient een overgangsmaatregel bepaald te worden om de wijziging aan artikel 2 van titel 6.1 te kunnen toepassen. |
| 13 |
|
Aanvulling van de definitie van BVR RPR zodat ook de latere wijzigingen aan dit besluit van toepassing zijn. |
|
| 13 |
|
Verduidelijking dat het college voor het lager brandweerpersoneel de aanstellende overheid is. |
|
| Bijlage I |
3.1 algemene aanwervings- |
Toevoeging dat een kandidaat via zijn identiteitsgegevens moet bewijzen dat hij minstens 18 jaar is en aan de nationaliteitsvoorwaarde voldoet. |
|
| Bijlage I |
3.2 algemene |
Toevoeging dat ook bij bevordering aan de taalvoorwaarden voldaan moet zijn. |
|
| Bijlage I |
3.3 specifieke voorwaarden |
In de verduidelijking voor laatstejaarsstudenten is een formulering dubbel opgenomen die geschrapt dient te worden. Net zoals reeds bij de aanwervingsvoorwaarden is opgenomen is een verklaring op eer een geldig bewijs van bezit van diploma. |
|
| Bijlage I |
3.4 |
Vanuit de vaststelling dat het competentieprofiel van consulent niet meer volledig overeenstemt met de verwachte competenties werd een bijkomende competentie, nl. organisatiebetrokkenheid, aan het competentieprofiel toegevoegd. Bovendien wordt dit competentieprofiel in functie van de loopbaanpaden ook ingevoerd in de publieke functiefamilie, waar tot op heden nog geen profiel van consulent was opgenomen. De competentie organisatiebetrokkenheid wordt daarnaast ook toegevoegd aan het gelijkaardige leidinggevende profiel ‘afdelingschef’ in de functiefamilie ‘staf en administratie’ en in de technische functiefamilie. Dergelijke wijzigingen zijn noodzakelijk gezien de competentieprofielen de basis vormen van overige HR-instrumenten zoals selectie, waardering, vorming, etc. |
Artikel 105 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat de gemeenteraad de rechtspositieregeling van het personeel vaststelt. De minimale voorwaarden voor de rechtspositieregeling werden door de Vlaamse Regering vastgesteld in het uitvoeringsbesluit van 7 december 2007 en latere wijzigingen.
Dit besluit moet worden onderhandeld met de representatieve vakbondsorganisaties en werd op het hoog overlegcomité van 4 december 2013 voorgelegd, ter afsluit van een protocol. Dit besluit werd eveneens overlegd met de OCMW-administratie en er werd door het college op 22 november 2013 advies gevraagd aan de raad voor maatschappelijk welzijn betreffende de wijzigingen opgenomen in dit besluit.
De gemeenteraad keurt de bijgevoegde wijzigingen aan de rechtspositieregeling goed, nadat hierover onderhandeld werd met de representatieve vakbonden en onder voorbehoud van gunstig advies van de raad voor maatschappelijk welzijn.