Terug

2013_DCAN_00415 - Wekelijkse openbare dagmarkten Antwerpen - Aanvraag extra standplaatsen - Goedkeuring

districtscollege Antwerpen
ma 15/07/2013 - 12:30 Aula Barcelona
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Zuhal Demir, voorzitter districtscollege; Lieve Stallaert, districtsschepen; Willem-Frederik Schiltz, districtsschepen; Paul Cordy, districtsschepen; Herald Claeys, districtssecretaris

Afwezig

Tom Van den Borne, districtsschepen

Secretaris

Herald Claeys, districtssecretaris

Voorzitter

Zuhal Demir, voorzitter districtscollege
2013_DCAN_00415 - Wekelijkse openbare dagmarkten Antwerpen - Aanvraag extra standplaatsen - Goedkeuring 2013_DCAN_00415 - Wekelijkse openbare dagmarkten Antwerpen - Aanvraag extra standplaatsen - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Bij gemeenteraadsbesluit van 20 maart 2000, jaarnummer 619 (aangepast door het gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2002, jaarnummer 2307) werd de overdracht van bevoegdheden naar de districten bepaald. Zo zijn zij bevoegd voor bepaalde aspecten van lokale markten.

Specifiek met betrekking tot het maximum aantal standplaatsen zegt artikel 2§5 uit het stedelijk marktreglement: “Om de diversiteit van het aanbod te waarborgen is het aantal standplaatsen per onderneming en per markt beperkt tot vier aanpalende standplaatsen. Het districtscollege kan hiervan afwijken door het aantal standplaatsen per onderneming en per markt te beperken tot maximaal zes aanpalende standplaatsen. Indien er op de marktdag zelf vóór de loting vlak naast de eigen abonnementsplaatsen nog abonnementsplaatsen vrij liggen, mag de abonnementshouder bijkomende standplaatsen vragen aan de marktleider en innemen na goedkeuring van de marktleider. Als er na de loting en de toewijzing van de losse standplaatsen nog losse standplaatsen vrij liggen, mag eender welke markthandelaar bijkomende standplaatsen vragen aan de marktleider en innemen na goedkeuring van de marktleider. Voor alle bijkomende standplaatsen moet de retributie ter plaatse betaald worden tegen afgifte van een ontvangstbewijs.”

Aanleiding en context

In het marktreglement (artikel 2§5) is opgenomen dat het aantal standplaatsen per onderneming en per markt standaard beperkt is tot vier aanpalende standplaatsen (dus 12,00 meter gevellengte). Maar het districtscollege kan voor elk van zijn lokale markten hiervan afwijken: het districtscollege mag volgens het reglement het aantal standplaatsen per onderneming en per markt beperken tot maximaal zes aanpalende standplaatsen (dus 18,00 meter gevellengte). Dit geldt zowel voor de abonnementshouders als de losse marktkramers op het terrein.

Argumentatie

Het toestaan van standplaatsen van 18,00 meter gevellengte (zes aaneensluitende kavels) kan volgende voordelen hebben:

  • beter aansluiten bij de realiteit voor bepaalde productcategorieën. Bijvoorbeeld groenten- en fruitkramen hebben grote hoeveelheden bederfbare goederen bij, die snel moeten worden verkocht. Bovendien is het assortiment groenten en fruit de afgelopen jaren verruimd, dus wensen de verkopers ook een grotere uitstalruimte;
  • gezien de algemene neerwaartse trend van de markten, liggen op een aantal markten meer plaatsen vrij (niet in abonnement gegeven) dan wettelijk verplicht. De huidige kramen meer ruimte geven kan ervoor zorgen dat de “gaten in de markt” opgevuld worden. Er kan op het terrein flexibeler omgegaan worden met de openliggende plaatsen. Zo kunnen alle abonnementshouders en alle lossemarktkramers op dagbasis uitbreiden tot zes kavels. Vooral voor markten waar de afwezigheid van de marktkramer groot is of waar er weinig geïnteresseerde zijn is dit goed voor de leefbaarheid van de markt;
  • brengt een administratieve vereenvoudiging met zich mee. Er moet niet meer voor elke afzonderlijke aanvraag een districtscollegepunt opgemaakt worden;
  • alle extra uitbreidingen op het terrein betekenen extra inkomsten voor de stad door de inning van het standgeld.

Anderzijds zijn er ook nadelen aan verbonden:

  • het optrekken van het maximum aantal kavels betekent dat er minder marktkramers op een markt zullen kunnen staan, waardoor het aanbod beperkt wordt.
  • als een “groot” kraam wegvalt, komt er op het terrein een grote ruimte vrij, waarvan niet geweten is of die onmiddellijk opgevuld kan worden.

Om flexibel te zijn qua marktopstelling kiest het districtscollege voor een beperking tot 6 kavels op volgende markten:  Dageraadplaats, Desguinlei, Falconplein, Lijnwaadmarkt, Linkeroever, Luchtbal, Sint-Jansplein vrijdag, Sint-Jansplein woensdag en Sint-Jansvliet.

Juridische grond

Op de lokale markten zijn van toepassing:

  • de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten, gewijzigd bij wet van 4 juli 2005, bij wet van 20 juli 2006 en bij wet van 22 december 2009, met bijhorende uitvoeringsbesluiten;
  • het stedelijk reglement met betrekking tot ambulante activiteiten op de openbare markten en op het openbaar domein (laatste wijzigingen goedgekeurd door de gemeenteraad op 27 juni 2011, jaarnummer 885), ook “marktreglement” genoemd;
  • de politiecodex;
  • het retributiereglement voor de standplaatsen op openbare markten van de stad Antwerpen en voor de standplaatsen ambulante handel op het openbaar domein (goedgekeurd door de gemeenteraad op 24 oktober 2011, jaarnummer 1167).

Beleidsdoelstellingen

Het Bedrijvenloket organiseert een intentiegerichte, geïntegreerde en multikanaal dienstverlening voor bedrijven op een professionele en klantvriendelijke manier.
Bewoners en bezoekers kunnen terecht op openbare markten en foren
Het bedrijvenloket verzorgt de backofficetaken voor de organisatie van de openbare markten volgens het stedelijk marktreglement.

Besluit

Het districtscollege antwerpen beslist:

Artikel 1

Het districtscollege beslist om het maximum aantal standplaatsen per onderneming te verhogen van vier naar zes aanpalende kavels op volgende markten:

  • Dageraadplaats donderdag;
  • Desguinlei vrijdag;
  • Falconplein zondag;
  • Lijnwaadmarkt zaterdag;
  • Linkeroever donderdag;
  • Luchtbal donderdag;
  • Sint-Jansplein vrijdag;
  • Sint-Jansplein woensdag;
  • Sint-Jansvliet.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen voor de stad of het OCMW.