Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, inzonderheid artikel 57 §3,1° bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen de daden van beheer over gemeentelijke inrichtingen en eigendommen binnen de door de gemeenteraad vastgestelde algemene regels dient uit te voeren.
In haar zitting van 10 juni 2005 (jaarnummer 6639) keurde het college de werking van de patrimoniumcel goed, die onder andere advies verstrekt bij de invulling van leegstaande ruimte. Deze cel is intussen omgevormd tot de afdeling huisvesting die de ruimte in stedelijk bedrijfsvastgoed (vroegere niet-financieel patrimonium) beheert en streeft naar een efficiënt ruimtegebruik door stadsdiensten vanuit kostenbesparend oogpunt. Op 9 mei 2008 (jaarnummer 5706) erkende het college de huisvestingscommissie in haar adviserende en superviserende rol bij de optimalisatie van het patrimonium en keurde goed dat alle huisvestingsvragen verplicht aan de huisvestingscommissie moeten voorgelegd worden voor advies.
Op 17 mei 2013, jaarnummer 2013_CBS_04891 keurde het college goed een overeenkomst af te sluiten voor het pand Lindenlei 66 te Ekeren - behorend tot het stedelijk bedrijfsvastgoed - tegen marktconforme voorwaarden voor het huisvesten van een school. De opbrengst wordt gebruikt om de gecentraliseerde technische clusters te realiseren (masterplan technische gebouwen - ateliers en bijhorende magazijnen).
Op 17 mei 2013 werd tussen de stad Antwerpen en de vzw Oude Landen (in oprichting) de overeenkomst die een bezetting ter bede beoogt, gesloten met betrekking tot een goed gelegen aan de Lindenlei te Ekeren.
Met het ter beschikking stellen van dit pand wenste de stad een oplossing te bieden aan het capaciteitsprobleem in het onderwijs. Het opzet van dit project bestond er immers in dat de vzw hierin een kleuterschool en langere school zou onderbrengen.
Tijdens de voorbereiding van de inrichting en exploitatie door de vzw Oude Landen werd echter duidelijk dat de financiering en bijhorende risico’s onverwacht niet haalbaar waren. Zo bleken de te verwachten subsidies (ingevolge het beperkt aantal inschrijvingen) te laag waren om de kosten van dit project te kunnen dekken.
Gelet op de problemen die zich stellen met de financiering en de bijhorende risico’s is het aangewezen dat een einde wordt gesteld aan de overeenkomst tot bezetting ter bede.
Aangezien de haalbaarheid van het oprichten van een school in grote mate afhankelijk is van de subsidies die de instelling kan verkrijgen (in functie van het (te verwachten) leerlingenaantal), kan aan de vzw niets verweten worden.
De stad wenst dan ook tot een minnelijke beëindiging van de overeenkomst over te gaan. De vzw is gelet op bovenstaande argumenten niet gehouden tot het betalen van enige schadevergoeding.
Conform artikel 1134 van het Burgerlijk Wetboek kunnen partijen met wederzijdse toestemming de tussen hen gesloten overeenkomsten herroepen.
Het college keurt goed bijgevoegde overeenkomst tot beëindiging van de bezetting ter bede van de gebouwen en aanhorige grond gelegen aan de Lindenlei 66 te 2180 Ekeren goed.