Met het collegebesluit van 1 maart 2013 keurde het college een principebeslissing goed met betrekking tot de huidige betoelaging van het Vredescentrum en de stedelijke inbreng ten behoeve van het Antwerpen 1914-2014 project dat door het Vredescentrum wordt getrokken.
Het collegebesluit gaat ten eerste uit van de voortzetting van de werking van het vredescentrum door haar huidige jaarlijkse betoelaging van 54.300 euro (30.000 vanuit baobab/onderwijs en 24.300 vanuit cultuur) te bevestigen en te verhogen met jaarlijks 25.000 euro. Dit komt neer op een totaal van 158.600 euro over 2013 en 2014. Het collegebesluit geeft ook aan hoe dit bedrag gespendeerd moet worden: 50.000 euro voor het projectsecretariaat, 108.600 euro als werkingsmiddelen voor het Vredescentrum en 60.000 euro voor het beleefparcours voor jongeren.
Ten tweede wordt het engagement m.b.t. de stedelijke inbreng in het Antwerpen 1914-2014 project verduidelijkt. De bedrijfseenheid Marketing en Communicatie (MC) draagt 125.000 euro in natura bij door een drie weken durende stedelijke mediacampagne en 50.000 euro vanuit het evenementenbudget. De bedrijfseenheid actieve stad/toerisme (ACT) voorziet middelen ter waarde van 60.000 euro voor internationale eventcommunicatie. Tevens werd het engagement gegeven om via de bedrijfseenheden MC en ACT het evenement actief logistiek te ondersteunen voor onder andere ticketing, onthaal en pers.
Vorige week ontving Vredescentrum een e-mail van de bedrijfsdirecteur van Cultuur, Sport en Jeugd (CS) en ACT met de melding dat het budget voorbehouden voor cultuur niet meer uitbetaald wordt in 2014. Dit strookt niet met het eerder aangegane engagement van amper 3 maanden geleden waarin gesteld werd dat het budget in 2013 en 2014 behouden blijft en zelfs per jaar verhoogd met 25.000 euro. Tevens wordt in de brief van 17 juni laatstleden vermeld dat het vredescentrum via een nieuwe, nog te bepalen weg opnieuw toelages kan aanvragen. Alleen is nog niet duidelijk hoe en hoeveel. Dit betekent opnieuw een bureaucratische verzwaring voor de organisatie voor het aanvragen van nieuwe toelagen, en betekent de facto dat de structurele werkingsmiddelen verdwijnen voor de onzekerheid en extra rompslomp van projectsubsidies.
Ondertussen heeft het Vredescentrum nog geen bevestiging en overzicht gekregen van de toegekende steun in natura en op welke manier ze die kunnen aanwenden voor het project Antwerpen 1914-2014. Coördinatie op stedelijk niveau is hier aangewezen zodat het Vredescentrum niet met alle diensten afzonderlijk moet onderhandelen over de concretisering van de toegezegde steun. Dezelfde nood tot coördinatie stelt zich op vlak van cultuur. Zeven musea op stedelijk grondgebied organiseren immers tentoonstellingen in het kader van het herdenkingsproject. Het Vredescentrum staat in voor de koepelcommunicatie (samen met De Brug). Om die koepelcommunicatie in 4 talen goed te kunnen voeren is meer duidelijkheid nodig over de inhoud van de verschillende tentoonstellingen, in het bijzonder voor het MAS, dat het Vluchtelingenluik zal belichten.
Het project betreft een cofinancieringsmodel waarbij Toerisme Vlaanderen 500.000 euro bijdraagt omwille van haar grote culturele en internationale impact. Ook Toerisme Antwerpen noemde het project het belangrijkste event in 2014.
De bijdrage van Toerisme Vlaanderen is echter gelinkt aan het engagement van het lokale bestuur om 40% bij te dragen aan bijvoorbeeld het culturele brugprogramma. Zonder dat engagement, zoals het werd beschreven in het collegebesluit van 1 maart 2013, staat het project op de helling.
antwoord in bijlage
ma 23/09/2013 - 11:04