Terug

2013_CBS_09716 - Rioolbeheer - Aanpassing gemeentelijke saneringsbijdrage afvalwater - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 27/09/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Philip Heylen, schepen; Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_09716 - Rioolbeheer - Aanpassing gemeentelijke saneringsbijdrage afvalwater - Goedkeuring 2013_CBS_09716 - Rioolbeheer - Aanpassing gemeentelijke saneringsbijdrage afvalwater - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Volgens het gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 2 en 42 beogen de gemeenten om op het lokale niveau bij te dragen tot de duurzame ontwikkeling van het gemeentelijk gebied. Voor de verwezenlijking van aangelegenheden van gemeentelijk belang kunnen ze alle initiatieven nemen.

De gemeenteraad beschikt over de volheid van bevoegdheid ten aanzien van de aangelegenheden van gemeentelijk belang.

Aanleiding en context

In 2004 werd er een overeenkomst gesloten tussen de stad Antwerpen en Antwerpse Waterwerken (AWW), waarbij het stedelijk rioolbeheer en meer bepaald de activiteit watersanering werd toevertrouwd aan AWW. De laatst gewijzigde versie van deze overeenkomst werd goedgekeurd door de gemeenteraad van de stad Antwerpen op 1 maart 2010, jaarnummer 287. Op 7 november 2011 laat AWW aan het college weten dat deze activiteit wordt ondergebracht in een dochtermaatschappij van AWW onder de naam rio-link. 

De doelstellingen die AWW dient te behalen zijn vertaald in een meerjaren investerings- en exploitatieplan. In een brief van 4 juli 2012  (RM/12/ANT/049) laat rio-link aan het college weten dat ze over onvoldoende financiële middelen beschikt om het volledige investeringsplan voor de stad Antwerpen en districten uit te voeren op basis van de geplande / gewenste investeringsprojecten. In deze brief stelt rio-link een aantal alternatieven voor waaronder de verhoging van de saneringsbijdrage, een gemeentelijke tussenkomst, externe financiering en het verschuiven of ‘on hold’ zetten van projecten. 

Naar aanleiding van deze problematiek en ter voorbereiding van mogelijke beslissingen oordeelde het college dat het essentieel is om vooreerst een beter inzicht te krijgen op de efficiënte inzet, het transparant beheer en het aanwenden van de beschikbare middelen door rio-link.

Om deze reden en op basis van artikel 9 van de overeenkomst van 1 maart 2010 met AWW gaf de stad Antwerpen in september 2012 de opdracht aan KPMG Advisory om een operationele audit uit te voeren om na te gaan in hoeverre AWW/rio-link haar opdracht met betrekking tot het rioolbeheer correct heeft uitgevoerd en dit rekening houdend met de beleidsvisie en prioriteiten van stad (als eigenaar openbaar domein) en districten.

Argumentatie

Het college nam in mei 2013 kennis van het auditrapport. In dit  auditrapport deed de firma KPMG Advisory een aantal aanbevelingen om de samenwerking met AWW/rio-link te optimaliseren. Deze aanbevelingen hebben betrekking op structurele, financiële en technisch-operationele aspecten en op de vraag van AWW/rio-link naar bijkomende financiële middelen.

Het college gaf de opdracht aan de bedrijfseenheid stadsontwikkeling om in samenwerking met KPMG Advisory een concreet plan van aanpak voor te leggen met betrekking tot de implementatie van de aanbevelingen. Het plan van aanpak richt zich op twee speerpunten: 

1. Herziening overeenkomst
2. Structureel investeringsniveau 

  1. Herziening overeenkomst

In functie van de implementatie, om zo te komen tot een sterkere sturing en betere opvolging, is het noodzakelijk de bestaande samenwerkingsovereenkomst  (1 maart 2010) grondig te herzien. Omdat het onmogelijk is om op korte termijn een overeenkomst op te maken, die volledige invulling geeft aan de verwachtingen van de stad Antwerpen en de aanbevelingen voortkomend uit het auditrapport, werkte de bedrijfseenheid stadsontwikkeling voorwaarden uit, die minimaal verankerd dienen te worden in de nieuwe overeenkomst.

A.   Korte termijn randvoorwaarden in functie van AWW/rio-link verhoging saneringsbijdrage

Sturing en opvolging

KPI’s

  • Vastleggen van een rapporteringsformaat en Kritische Performantie Indicatoren. KPI’s bieden financiële en technische/operationele sturingselementen.

Programma

  • Afstemming en opvolging investeringsprogramma stad Antwerpen/districten en rio-link wordt gecoördineerd door de relatiebeheerder stad Antwerpen (personeelsoptimalisatie Stad / rio-link)
  • Validatie investeringsprogramma door stad Antwerpen

Projecten

  • Opzetten van een inhoudelijk transparant opvolgingsmodel voor het financieel beheer (accuraat, tijdig, volledig, voortgang, knelpunten). Met toegangsrecht voor stad Antwerpen.
  • Opzetten stringente controle op de redelijkheid en juistheid van de facturen die door Aquafin en AWW worden aangerekend
  • Uitvoeren van nacalculatie voor projecten die budget of doorlooptijd substantieel overschrijden (vastgesteld percentage)
  • Op basis van de nacalculatie een meer accurate inschatting maken van kostprijs en/of doorlooptijd
  • De technische aspecten van de projecten worden afgestemd op de verwachtingen van Stad Antwerpen.

Investeringen

Investeringsplannen

  • Hanteren van formeel gedocumenteerde criteria voor opmaak van exploitatie- en investeringsplanning met in achtneming van “Leidende parameters voor onderhoud- en investeringsbeslissingen” welke moeten leiden tot effectiviteits- en efficiëntieverbeteringen
  • Actualiseren van de visieplannen en doorwerking naar de investeringsprogramma’s
  • Evalueren en toepassen van alternatieve scenario’s om doelstellingen van de Europese kaderrichtlijn Water te realiseren

Eigendomstitel- Financieel

  • Nieuwe investeringen worden blijvend gedragen door AWW (eigendomstitel)
  • De inkomsten uit de saneringsbijdragen worden geboekt bij AWW op een aparte rekening en worden niet integraal doorgestort naar een andere partij.

Vergoeding

  • Invoering van de integrale toepassing van het kostplus principe
  • Heronderhandelen tarieven voor geleverde prestaties door AWW en Aquafin, in functie van transparantie. Eventueel organiseren van marktbevraging.

Structuur

  • Huidige accountmanagers voor de districten worden vervangen door een relatiebeheerder stad Antwerpen (personeelsoptimalisatie stad/rio-link)
  • Betrokkenheid van de stad Antwerpen bij de opmaak van het businessplan rio-link.  Businessplan dient expliciet melding te maken in verband met het behalen van de vereisten van de Europese kaderrichtlijn Water (2000/60/EEG)
  • Scherpstelling van de taakverdeling tussen de verschillende partners waarbij projectmanagement dient opgenomen te worden door rio-link, wat de technologische kennis (actualisatie en vertaling visieplannen, hydraulisch ontwerp, modellering en diagnose van het stelsel) kan beroep gedaan worden op Aquafin.

Overeenkomst

  • Opnemen clausule rond opzegging dienstverleningsovereenkomst en bijsturing volgens de verwachtingen van stad Antwerpen.
  • Herziening overeenkomst stad Antwerpen-AWW met betrekking tot rioolbeheer en sanering in 2014.

B.    Lange termijn randvoorwaarden AWW/rio-link verhoging saneringsbijdrage

Structuur

  • Invoeren van een geformaliseerd Asset Management raamwerk en Asset Management organisatiestructuur binnen AWW / rio-link

Financieel

  • Uitwerken van een structurele financiële oplossing voor de financiering van het exploitatie- en investeringsprogramma, opgesteld op basis van een Asset Management strategie.
  • Verder uitwerken van mogelijke synergie voordelen tussen water- en afvalwaterbeheer binnen AWW of in samenwerking met andere operatoren

Investeringen

Investeringsplannen

  • Onderhoud- en investeringsplannen op basis van kwantitatieve en kwalitatieve analyses en optimalisaties, waarbij rekening wordt gehouden met totale kost levensduur benadering van de activa
  • Exploitatie- en investeringsplanning baseren op een gevalideerde strategie die aansluit bij bedrijfsstrategievan de stakeholders;
  • Hanteren van een objectieve prioritering bij de opmaak van het exploitatie- en onderhoudsprogramma waarbij optimaal invulling wordt gegeven aan de doelstellingen van de stad Antwerpen en de behoeften van de districten;
  • Uitwerken van een geïntegreerde risicogebaseerde aanpak met multi-factoriële gewogen criteria waarbij rekening wordt gehouden met de totale levensduurbenadering.

 2. Structureel investeringsniveau

In uitwerking van de audit en de vraag naar bijkomende financiële middelen en het vaststellen van het structureel investeringsniveau werden onderstaande zaken in acht genomen:

  • inventarisatie van de investeringsbehoefte op basis (ontwerp) meerjarenplanning van stad en districten
  • berekening van de theoretische minimale investeringsbehoefte in het kader van een structurele vervanging, rekening houdend met de verwachte levensduur van een rioolstelsel;
  • een benchmark van de geïnde saneringsbijdrage in Vlaanderen;
  • de nodige financiële ruimte in functie van de realisatie van de doelstellingen van de Europese richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater (91/271/EEG) en in het bijzonder aan de Europese kaderrichtlijn Water (2000/60/EEG).

Op basis van het auditrapport van KPMG Advisory, en de verdere uitwerking, blijkt duidelijk dat het huidig structureel investeringsniveau te laag is om aan de verwachtingen van stad/districten en aan de uitvoering van de Europese Kaderrichtlijn te voldoen. 

In het kader hiervan stelt de bedrijfseenheid stadsontwikkeling voor om:

  • in overeenstemming met het merendeel van de gemeenten in Vlaanderen de maximum saneringsbijdrage  te hanteren met ingang van 1 november 2013, zoals vastgesteld door de Vlaamse Milieumaatschappij, die optreedt als economische toezichthouder. Voor 2013 geldt een maximum tarief van 1,3332 EUR/m³;
  • om toekomstige aanpassingen van de gemeentelijke saneringsbijdrage te koppelen aan de maximale saneringsbijdrage opgelegd door de Vlaamse Milieumaatschappij.

De bedrijfseenheid stadsontwikkeling adviseert om de verhoging van de saneringsbijdrage te koppelen aan de goedkeuring van de voorwaarden die aan de basis dienen te liggen van de nieuwe samenwerkingsovereenkomst.  Enkel hierdoor kunnen de nodige garanties bekomen worden dat de financiële middelen ook daadwerkelijk efficiënt en doelgericht worden ingezet.

Juridische grond

In zitting van 22 juni 2004, jaarnummer 1182, keurde de gemeenteraad de overeenkomst van 22 april 2004, verlening van een gebruiksrecht op de rioleringsinfrastructuur aan AWW, in het kader van de gemeentelijke saneringsverplichting, goed. Deze overeenkomst werd aangepast met een addendum. Dit addendum werd goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 20 december 2004, jaarnummer 2603.

De gemeenteraad keurde op 1 maart 2010, jaarnummer 287, de vernieuwde overeenkomst met AWW inzake sanering aan abonnees geleverd water en de uitvoering van het integraal waterbeheer, goed.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad geeft haar goedkeuring om de gemeentelijke saneringsbijdrage van het afvalwater te verhogen tot 1,3332 EUR/m³ met ingang van 1 november 2013. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.

Artikel 2

De gemeenteraad geeft haar goedkeuring om de gemeentelijke saneringsbijdrage te koppelen aan de maximale saneringsbijdrage, opgelegd door de economische toezichthouder de Vlaamse Milieumaatschappij.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.