Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing : decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Vercammenstraat, district Borgerhout:
Bij een onderzoek ter plaatse werd vastgesteld dat de bestaande situatie verschilt van het geldende aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer.
Voor de Vercammenstraat bestaat er een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer, dat niet langer voldoet aan de actuele verkeerssituatie. Daarom dit voorstel tot aapassen van het aanvullend reglement aan de huidige verkeerssituatie.
Het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsers, werd ingevoerd met toegelaten rijrichting van de Helmstraat naar de Kistemaeckersstraat, met verplichte rijrichting naar de Kistenmaeckersstraat.
Deze wijziging heeft geen invloed op de parkeerbalans.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Vercammenstraat in het district Borgerhout, ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 27 juni 2011 (jaarnummer 828):
Artikel 1: het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsers, wordt ingevoerd tussen de Helmstraat en de Kistenmaeckerstraat met verplichte rijrichting naar de Kistemaeckersstraat.
De verkeersborden C1 en F19 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 2: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap, langs de oneven zijde, ter hoogte van het nummer 3 (twee plaatsen).
De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.
Artikel 3: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor voertuigen die gebruikt worden door personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.
Artikel 4: parkeerzones worden afgebakend door middel van witte markeringen, langs beide zijden en over de ganse lengte van de straat.
Artikel 5: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan, ter hoogte van de Helmstraat.
Artikel 6: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.