Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing : decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Leo Baekelandstraat, district Antwerpen:
De vereiste wegmarkeringen werden aangebracht.
Deze proefopstelling werd gunstig geëvalueerd door de verkeerspolitie en stadsontwikkeling/ mobiliteit en wordt nu bestendigd.
Voor de Leo Baekelandstraat bestaat er een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer, dat echter niet langer voldoet aan de gewijzigde verkeerssituatie. De dienst stadsontwikkeling/mobiliteit stelt voor een nieuw aanvullend verkeersreglement op te stellen aangepast aan de gewenste verkeerssituatie:
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Leo Baekelandstraat in het district Antwerpen, ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 15 december 1997 ( jaarnummer 2294):
Artikel 1: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan, ter hoogte van het kruispunt met de Ferdinand Verbieststraat.
Artikel 2: de rijbaan wordt tussen de Thomas Greshamstraat en het nummer 3 verdeeld in rijstroken.
Artikel 3: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.