De bedrijfseenheid stadsontwikkeling zal de nodige signalisatie aanpassen. Er zijn dus geen rechtstreekse financiële gevolgen.
De districtsbesturen zijn bevoegd voor het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid (gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307)). Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
Op 17 december 2012 (jaarnummer 1260) keurde de gemeenteraad het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Ooievaarstraat in het district Antwerpen goed.
Op 4 april 2012 ontving het Gemeentelijk Autonoom Parkeerbedrijf Antwerpen (Parkeerbedrijf) de vraag van een bewoner van de Ooievaarstraat om een voorbehouden parkeerplaats voor personen met een handicap in de nabijheid van de woning in te richten.
De te reglementeren openbare weg behoort tot het beheer van de stad.
In de Ooievaarstraat geldt de reglementering op het parkeren met beperkte parkeertijd (binnen de Singel) met het oog op het betalend- en bewonersparkeren.
Het Parkeerbedrijf stelt voor om het aanvullend verkeersreglement als volgt aan te passen:
Onderzoek heeft uitgewezen dat de aanvrager aan de voorwaarden voldoet om een parkeerplaats voor personen met een handicap in te richten in de nabijheid van de woning.
De parkeerbalans blijft ongewijzigd.
De districtsraad Antwerpen keurt met 29 stemmen voor en 3 tegen art. 1 van artikel 1 van het volgende besluit goed.
De Vlaams Belang-fractie stemt tegen
De districtsraad Antwerpen keurt eenparig de overige artikels van het volgende besluit goed.
De districtsraad verleent gunstig advies om het aanvullend verkeersreglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Ooievaarstraat in het district Antwerpen, gestemd in de zitting van 17 december 2012 (jaarnummer 1260) op te heffen en te vervangen door:
Artikel 1: het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsers, wordt ingevoerd met toegelaten rijrichting naar de Eggestraat.
De verkeersborden C1 en F19 met onderbord, worden aangebracht.
Artikel 2: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap:
ter hoogte van het nummer 10 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 36 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 15 (een plaats).
De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.
Artikel 3: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor autodelen, langs de even zijde, ter hoogte van het nummer 32 (een plaats).
Het verkeersbord E9a met onderbord wordt aangebracht.
Artikel 4: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.
Artikel 5: parkeerzones worden afgebakend door middel van witte markeringen langs beide zijden en over de ganse lengte van de straat.
Artikel 6: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.