Terug
Gepubliceerd op 26/04/2019

2013_SV_00332 - 2013_SV_00332 - Schriftelijke vraag van raadslid Eric Huijbrechts: Het ontbreken van een wettelijke basis voor het overdragen van de bevoegdheid tot het goedkeuren van aanvullende verkeersreglementen van de districtsraad naar het districtscollege

districtsraad Wilrijk
do 05/09/2013 - 20:00 raadzaal districtshuis Wilrijk
Afgevoerd

Samenstelling

Aanwezig

Kristof Bossuyt, voorzitter van de districtsraad; Linda Verlinden, districtsschepen; Robert Moens, districtsschepen; Hans Ides, districtsschepen; Werner Theuns, districtsschepen; Eric Huijbrechts, districtsraadslid; Viviane Wittock, districtsraadslid; Wenefrida Geens, districtsraadslid; Johan Peeters, districtsraadslid; Leopold Rouchet, districtraadslid; Christiana Matthijssens, districtsraadslid; Sophie Stukken, districtraadslid; Martine Depauw, districtsraadslid; Frieda De Wever, districtsraadslid; Sven Geysemans, districtsraadslid; Wouter Van Damme, districtsraadslid; Hicham El Mzairh, districtsraadslid; Jef Eggermont, districtsraadslid; Alexandra D'Archambeau, districtsraadslid; Tom Verstraelen, districtsraadslid; Magda Biesemans, districtsraadslid; Tamara Coomans, districtsraadslid; Mouchi Mhaouchi, districtsraadslid; Jan Schaut, districtssecretaris

Afwezig

Danny Raets, waarnemend districtssecretaris

Secretaris

Jan Schaut, districtssecretaris

Voorzitter

Kristof Bossuyt, voorzitter van de districtsraad
2013_SV_00332 - 2013_SV_00332 - Schriftelijke vraag van raadslid Eric Huijbrechts: Het ontbreken van een wettelijke basis voor het overdragen van de bevoegdheid tot het goedkeuren van aanvullende verkeersreglementen van de districtsraad naar het districtscollege 2013_SV_00332 - 2013_SV_00332 - Schriftelijke vraag van raadslid Eric Huijbrechts: Het ontbreken van een wettelijke basis voor het overdragen van de bevoegdheid tot het goedkeuren van aanvullende verkeersreglementen van de districtsraad naar het districtscollege

Motivering

Indiener(s)

Eric Huijbrechts

Gericht aan

Kristof Bossuyt

Tijdstip van indienen

wo 24/07/2013 - 17:40

Toelichting

Op 14 maart jl. diende ik klacht in bij de gouverneur tegen het besluit van de districtsraad van 7 maart jl. aangaande de delegatie van bevoegdheden van de districtsraad aan het districtscollege.  Op 18 juni jl. kreeg ik bericht van de gouverneur dat dit besluit van de districtsraad geschorst werd. In de Gazet van Antwerpen van 24 juni jl. op pagina 15 lees ik het volgende:

Het ontbreken van een wettelijke basis voor het overdragen van de bevoegdheid tot het goedkeuren van aanvullende verkeersreglementen van de districtsraad naar het districtscollege is volgens gouverneur Berx een lacune in de regelgeving.

Dat schrijft Berx in een brief aan Vlaams minister van Bestuurszaken Geert Bourgeois. Zij vraag daarin om deze kwestie verder te onderzoeken.

Onlangs had Berx de beslissing tot het delegeren van zowel de Wilrijkse als de Ekerse districtsraad geschorst.

De districtsraden van Wilrijk en Ekeren hadden hun beslissing genomen naar analogie van de Antwerpse gemeenteraad. Daar werd de beslissing om te delegeren genomen omdat deze manier van werken aanzienlijke tijdwinst oplevert. "En dat zou ook in de districten kunnen gelden", vindt Berx. "Al moet elk district autonoom kunnen oordelen."

Wilrijks districtsburgemeester Kristof Bossuyt voelt zich gesteund door de brief en hoopt dat de schorsing ongedaan wordt gemaakt.

Ik vind deze stelling van de gouverneur en van de districtsvoorzitter verbazingwekkend omdat bij de besprekingen in het Vlaams Parlement  in mei 2012 in de commissie Binnenlands Bestuur een amendement van de open vld fractie die deze zaak regelde werd afgekeurd door N-VA, CD&V en sp.a. Vlaams Belang, open vld en Groen stemden voor. U vindt  dit amendement in de parlementaire stukken 2011-2012 onder het nummer 1467 nr. 11 en de bespreking en stemming onder nr. 14. Voor de volledigheid heb ik ze hieronder vermeld. 

Vragen:

Hoe komt dat het districtscollege niet op de hoogte is van voornoemd amendement en dus had kunnen weten dat er geen delegatiebevoegdheid was voor districtsraden? Gaan de partijen die in de meerderheid zitten in het Vlaams Parlement en in onze districtsraad, zijnde N-VA en CD&V, alsnog een initiatief indienen  in het Vlaams Parlement om  “het dagelijks bestuur” te decentraliseren in de geest van het amendement  van de open vld?  Gaat het districtscollege dit steunen?

De districtsvoorzitter hoopt dat de schorsing van het bestreden besluit nog ongedaan zou worden gemaakt.  Het artikel 256 van het gemeentedecreet voorziet dat als de districtsraad niet binnen 60 dagen na verzending van de schorsing geen aangepast of gerechtvaardigd besluit van de districtsraad aan de Vlaamse regering heeft bezorgd, het geschorste besluit geacht wordt nooit te bestaan. D.w.z. dat vanaf 20 augustus e.k. het geschorste besluit  niet meer bestaat. Was het districtscollege op de hoogte van deze reglementering? 

 

AMENDEMENT Nr. 78

voorgesteld door de heer Marnic De Meulemeester, de dames Annick De Ridder

en Khadija Zamouri en de heren Marc Vanden Bussche en Sas van Rouveroij

Artikel 81/1 (nieuw)

Een artikel 81/1 invoegen, dat luidt als volgt:

 

“Art. 81/1. In artikel 282 van hetzelfde decreet wordt een paragraaf 7 toegevoegd, die luidt als volgt:

“§7. In afwijking van artikel 43, §2, 9°, van dit decreet zijn de districtsraden voor wat de hen overgedragen bevoegdheden betreft, bevoegd voor het vaststellen van wat onder het begrip dagelijks bestuur moet worden verstaan.”.”.

VERANTWOORDING

De huidige bepaling van artikel 43, §2, 9°, levert problemen op voor de binnengemeentelijke territoriale orga­nen bedoeld in artikel 41 van de Grondwet, of meer concreet, de Antwerpse districtsraden.

Het Gemeentedecreet bepaalt immers in artikel 43, §2, 9°, dat het aan de gemeenteraad toekomt om invulling te geven van wat onder het begrip ‘dagelijks bestuur’ moet worden verstaan. Artikel 290 stelt dat de bepalin­gen betreffende de planning en het financieel beheer van de gemeenten van toepassing zijn op de districten, met dien verstande dat telkens ‘districtsraad’ in plaats van ‘gemeenteraad’ en ‘districtscollege’ in plaats van ‘college van burgemeester en schepenen’ moet worden gelezen. Artikel 160 bepaalt echter dat de bevoegdheid van de budgethouder, vermeld in de artikelen 159, 224 en 290 beperkt wordt overeenkomstig de bepalingen vermeld in artikel 43, §2. Deze beperking heeft tot gevolg dat de invulling van het begrip ‘dagelijks bestuur’ wat dit betreft enkel aan de gemeenteraad toekomt en niet aan de districtsraden.

De definitie die aan het begrip ‘dagelijks bestuur’ wordt gegeven door de gemeenteraad van Antwerpen is, wat logisch is, echter volledig afgestemd op de stedelijke bevoegdheden. Daar ze mutatis mutandis ook van toepassing is op de districtsraden die heel eigen en beperktere bevoegdheden hebben, wordt de werking van de districtsraden hierdoor volledig uitgehold waardoor ze voor de materies vervat in de stedelijke definitie van dagelijks bestuur, herleid worden tot een veredeld adviesorgaan voor de districtscolleges. In tegenstelling tot het stedelijk niveau heeft bijvoorbeeld 90 tot 95 percent van de investeringsbegrotingen van de districten betrekking op materie die onder de stedelijke definitie van ‘dagelijks bestuur’ valt.

Voor de herwaardering en het verhogen van de democratische slagkracht van de districtsraden is het daarom noodzakelijk dat zij de bevoegdheid krijgen om een eigen definitie vast te stellen van wat onder het begrip ‘dagelijks bestuur’ moet worden verstaan, waarbij wel rekening kan worden gehouden met de eigen bevoegd­heden die relevant zijn voor de districten. Dit amendement stelt voor dit te doen door het invoegen van een uitdrukkelijke afwijkingsbepaling op artikel 43, §2, 9°, in te lassen in het artikel dat de bevoegdheden van de districtsraden regelt, met name artikel 282 van het Gemeentedecreet.

 

 

 

Artikel 81/1

Amendement nr. 78 voorgesteld door de heer Marnic De Meulemeester, de dames Annick De Ridder en Khadija Zamouri en de heren Marc Vanden Bussche en Sas van Rouveroij strekt ertoe een nieuw artikel 81/1 in te voegen. De heer Marnic De Meulemeester stelt dat het voor de herwaardering en het verhogen van de democratische slagkracht van de districtsraden noodzakelijk is dat zij de bevoegdheid krijgen om een eigen definitie vast te stellen van wat onder het begrip ‘dagelijks bestuur’ moet worden verstaan, waarbij wel rekening kan worden gehouden met de eigen bevoegdheden die relevant zijn voor de dis­tricten.

 

Amendement nr. 78 wordt verworpen met 8 stemmen tegen 5.

 

Bespreking

Antwoord

Geachte heer Huijbrechts

- In Uw schriftelijke vraag worden 2 verschillende begrippen of aspecten uit het Gemeentedecreet ietwat door elkaar gehaald:

• de delegatie van districtsraad naar districtscollege

• de binnengemeentelijke decentralisatie van gemeenteraad naar districtsraad en van college naar districtscollege.

- De geschorste districtsraadsbeslissingen van Ekeren en Wilrijk gingen over het eerste (delegatie van een bevoegdheid van de districtsraad naar het districtscollege). De gouverneur was echter van oordeel dat er hiervoor geen rechtsbasis voorhanden was, zoals dit echter wel het geval is voor de delegatie van een bevoegdheid van de gemeenteraad naar het college. Deze rechstbasis vindt men terug in het Gemeentedecreet en het decreet van 16 mei 2008 betreffende  de aanvullende verkeersreglementen. Echter in geen van beide decreten, dus noch in het generieke noch in het speciale decreet, is voorzien dat de districtsraad bevoegdheden kan delegeren aan het districtscollege. Als districtscollege waren we echter van oordeel, dat gezien het niet expliciet verboden was dit wel moest kunnen ook zonder expliciete rechtsbasis, meer bepaald door toepassing te maken vannhe adagium "qui peut le plus, peut le moins". De gouverneur is echter toch tot schorsing overgegaan, maar deze gaf zelf aan dat zij van oordeel is dat dit een lacune van dehuidge wetgeving betreft.

- Het tweede aspect is opgenomen in artikel 282 van het Gemeentedecreet; de gemeenteraad kan haar bevoegdheden (waar toegelaten) delegeren aan de districtsraden, het college op haar beurt aan de districtscolleges. In de titel over de binnengemeentelijke decentralisatie is echter nergens expliciet voorzien dat de districtsraad haar verkregen bevoegdheden kan delegeren aan het districtscollege. De regeling op het vlak van de definiëring van dagelijks bestuur, vormt bovendien een toepassing van dit artikel 282 GD:

• Volgens artikel 43 § 2, 9° van het Gemeentedecreet is de gemeenteraad bevoegd om het begrip dagelijks bestuur te definiëren. Deze bevoegdheid komt dus niet toe aan de districtsraden, vermits dit artikel 43 niet van toepassing is op de districten. De gemeenteraad heeft met haar beslissing van 25 juni 2007 het begrip dagelijks bestuur vastgelegd m.b.t. de bevoegdheidsverdeling inzake overheidsopdrachten.

• De gemeenteraad heeft vervolgens twee opties wat betreft deze bevoegdheid:

• OPTIE 1: ofwel maakt de gemeenteraad geen gebruik van de mogelijkheid van art.282 GD: in dit geval kan enkel de gemeenteraad het begrip ‘dagelijks bestuur’ definiëren, en kunnen de districtsraden geen eigen invulling geven aan het begrip ‘dagelijks bestuur’. Dit is de optie waarvoor gekozen is door de gemeenteraad tot op heden.

• OPTIE 2: ofwel maakt de gemeenteraad wél gebruik van de mogelijkheid van art.282 GD en draagt zij haar bevoegdheid tot het vaststellen van het begrip ‘dagelijks bestuur’ over aan de districten binnen de beleidsdomeinen van de districten: in dit geval kan elke districtsraad zelf een invulling geven aan het begrip ‘dagelijks bestuur’.

Dit alles wordt bevestigd in een antwoord van minister Keulen op een parlementaire vraag in het Vlaams Parlement van 7 maart 2007 (vraag nr.113).

Het aannemen van het amendement waar vraagsteller naar verwijst zou er echter niet toe leiden dat de districtsraad een algemene delegatiebevoegdheid zou krijgen richting districtscollege. Dit zou vooralsnog, geleg op interpretatie van de gouverneur van de huidige wetgeving - dus geen oplossing bieden voor het delegeren van de adviesbevoegdheid inzake aanvullende verkeersreglementen van de districtsraden aan de districtscolleges. Echter de decentralisatie van de invulling van het begrip ‘dagelijks bestuur’ is volgens ons binnen het huidige decreet reeds mogelijk (maar is niet de optie waarvoor de gemeenteraad in de vorige legislatuur gekozen heeft).

Met de meeste hoogachting en in de hoop U hiermee van antwoord geweest te zijn.

De voorzitter van de districtsraad en van het districtscollege

Kristof BOSSUYT

ma 09/09/2013 - 17:31