Artikel 36, 4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.
Aanvrager: Dibo Car- & Truckwash nv - Sint-Jansveld 7 - 2160 Wommelgem. De aanvraag omvat de exploitatie van een carwash.
Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijke inrichting mag exploiteren.
Het college beslist een milieuvergunning klasse 2 goed te keuren aan Dibo Car- & Truckwash nv, Sint-Jansveld 7, 2160 Wommelgem, voor de inrichting gelegen op het adres: Blancefloerlaan 177, 2050 Antwerpen. De vergunning heeft als voorwerp: de exploitatie van een nieuwe carwash.
Het college wijst erop dat voor de exploitant de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:
|
algemene milieuvoorwaarden - algemeen |
hoofdstukken 4.1,4.7,4.9 en bijlagen 4.1.9.1.6, 4.1.9.2.3.1,4.1.9.2.3.2, 4.1.9.2.3.4 en 4.8; |
|
algemene milieuvoorwaarden - geluid |
hoofdstuk 4.5 en bijlage 2.2.1, 2.2.2, 4.5.1,4.5.2,4.5.3, 4.5.4,4.5.5 en 4.5.6; |
|
algemene milieuvoorwaarden - oppervlaktewater |
hoofdstuk 4.2 en bijlagen 4.2.5.1, 4.2.5.2, en 4.2.5.4; |
|
bedrijfsafvalwaters |
afdeling 5.3.2 + bijlage 5.3.2; |
|
garages, parkeerplaatsen en herstellingswerkplaatsen voor motorvoertuigen |
hoofdstuk 5.15; |
|
gassen - gemeenschappelijke bepalingen |
afdelingen 5.16.1 en bijlage 5.16.5; |
|
gassen - koelinrichtingen/compressoren |
afdeling 5.16.3; |
|
opslag van gevaarlijke stoffen - ondergrondse en bovengrondse houders |
afdeling 5.17.1 en bijlage 5.17.1; |
|
opslag van gevaarlijke stoffen - bovengrondse houders |
afdeling 5.17.3 en bijlagen 5.17.2 tot 5.17.4 en bijlagen- 5.17.7. |
Het college beslist dat de exploitant volgende bijzondere voorwaarden en brandvoorzorgsmaatregelen dient na te leven:
1. Bijzondere voorwaarden:
2. Brandvoorzorgsmaatregelen:
B1
Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hiernavermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:
S1
Er dienen minstens twee snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - gelijkmatig verdeeld over de inrichting, te worden aangebracht.
Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op de dag dat de stedenbouwkundige vergunning bekomen wordt. De milieuvergunning wordt verleend voor een periode van 240 maanden.
Het college beslist dat de vergunde inrichting dient in gebruik genomen te worden binnen de 3 jaar vanaf de datum van deze milieuvergunning, zoniet vervalt deze milieuvergunning van rechtswege.