Toelichting
Recent gebeurde te Wetteren een treinongeval met een goederentrein geladen met chemische producten.
Dit zorgt voor onrust in ons district waar reeds tweemaal ongevallen met chemische producten vergaande gevolgen hebben gehad. Zowel het treinongeval in Mariaburg (1990) en het ongeval met de vrachtwagen met broom (1994) zorgde voor evacuaties van grote delen van Ekeren. In beide gevallen werd het rampenplan afgekondigd. Bij beide ongevallen werden nadien vragen gesteld in verband met de veiligheid van onze inwoners.
Daarnaast zijn er in het recente verleden ook meerdere incidenten geweest met gaslekken (bvb. Geestenspoor en Steenstraat) waarbij evacuaties hebben plaats gehad. Dit bewijst dat incidenten waarbij een evacuatie wordt afgekondigd niet occasioneel zijn.
Op ATV heeft het schepencollege bij monde de districtsvoorzitter Dhr. Palinckx en districtsschepen Dhr. Elseviers, duidelijk hun bezorgdheid uitgesproken over deze problematiek.
Enkele inwoners van de wijk Donk, Leerhoeklaan en Mariaburg stelden zich vragen over de bestaande rampenplannen.
Motivering
Antwerpen is de grootste petrochemische cluster van Europa. Aan- en afvoer van de eindproducten alsook grondstoffen maakt hier natuurlijk ook deel van uit.
Het vervoer per binnenvaart, spoor of pijpleiding geniet de voorkeur boven wegtransport. Vlaanderen is beperkt in oppervlakte. De bestaande spoorlijnen komen onvermijdelijk langs of door woonkernen. In Ekeren beseffen we dit maar al te goed. De overgrote meerderheid van de goederentransporten uit de haven van Antwerpen passeren door of rakelings langs onze woonkernen. Veiligheid is dan ook van primordiaal belang.
Omtrent de veiligheid van het spoorvervoer heeft ook onze Gouverneur al enkele verklaringen afgelegd. Voor Ekeren lijkt dit toch niet onbelangrijk. Minister Van Mechelen heeft ook een ouder voorstel van Groen terug van stal gehaald: een betere spreiding van het goederenvervoer en de activatie van lijn 11.
In Vlaanderen is een belangrijke uitbreiding van de spoorcapaciteit voorzien waarbij de Ongelijkgrondse spoorvertakking Oude Landen een basisonderdeel is. Gezien het bezwaar van de Stad Antwerpen tegen dit project, waarbij diende nagegaan te worden of de 2de spoortoegang van de haven maximaal ondergronds kon worden gerealiseerd werd een onderzoek uitgevoerd in opdracht van de Stad .
Ondertussen hebben we opgevangen dat de voorgestelde oplossingen in Ekeren nog een grotere impact zouden hebben op ons district. Waar eerst op de Oude Landen 2 ongelijkgrondse kruisingen zouden worden voorzien, zou nu de eerste kruising aan de Leugenberg worden voorgesteld, wat een aanzienlijke uitbreiding van het ruimtebeslag in ons district zou betekenen. Dit om een maximale koppeling met de (geplande) A102 te bewerkstelligen. Voor Merksem zou dit betekenen dat alles ondergronds kan, voor ons district niet.
Binnenkort worden presentaties gegeven betreffende het project van de A102, doch weer niet in ons district. Dit terwijl de basis voor dit mobiliteitsproject wel degelijk de ontwikkeling van de 2de spoortoegang is.
Daarom hebben wij een aantal vragen:
Onze vragen:
1. Heeft het district een afschrift van het “Bijzonder nood en interventieplan” van de provincie Antwerpen dat werd opgesteld naar aanleiding van het broomincident? Het plan zou een overzicht bevatten van alle spoorlijnen waar langs gevaarlijk transporten plaats hebben. Het plan bevat eveneens informatie over de aanpak van een ongeval met gevaarlijke goederen.
2. Zijn er reeds scenario’s uitgewerkt voor ongevallen met chemische producten op en in de directe omgeving van het Ekers grondgebied? Worden er rampenoefeningen en/of simulaties georganiseerd en wordt het district hierin betrokken?
3. Kan er een informatiemoment worden georganiseerd voor de inwoners van ons district over de werking van een rampenplan, de verschillende fases en de verantwoordelijkheden, de verschillende sirenes en hun betekenis, een toelichting over hoe een evacuatie wordt georganiseerd,…
4. Kan het district aandringen bij de bevoegde overheden om een ruimtelijk veiligheidsrapport te laten opstellen in het kader van de geplande spooruitbreidingen voor het goederenvervoer (2de spoortoegang en de ongelijkgrondse kruising Oude Landen. Een RVR onderzoekt in welke mate een bestaand of gepland aandachtsgebied kan blootgesteld worden aan de risico's van zware ongevallen gerelateerd aan de aanwezigheid van gevaarlijke stoffen in een bestaande of geplande Seveso-inrichting in de buurt van dit aandachtsgebied. Het legt hierbij mogelijke problemen bloot, en kan eventueel aanbevelingen doen om deze te voorkomen of op te lossen. Interessant om op te merken is dat het ruimtelijk veiligheidsrapport, naast de in het ruimtelijk uitvoeringsplan beschreven ontwikkelingen, ook redelijke alternatieven ervoor moet bekijken en bestuderen.(bvb. lijn 11)
5. Kan er aan de Ekerenaar toegelicht worden wat de procedures zijn ingeval van calamiteiten op ons grondgebied?
6. Kan de Ekerse bevolking worden geïnformeerd vanuit het district en/of enige andere bevoegde overheid over de stand van de geplande mobiliteitsprojecten die rechtstreeks of onrechtstreeks verbonden zijn met de realisatie van bijkomende spoorinfrastructuur te Ekeren of in de directe omgeving?
Toelichting door Ilse De Schutter (Groen).
Tussenkomst van Yolande Boudewijns (Vlaams Belang).
Antwoord van Koen Palinckx (NV-A).
ma 27/05/2013 - 21:40