Het innen van de vooropgestelde retributie voor de inschrijving van nieuwkomers van vreemde origine, de inschrijving in het kader van een procedure gezinshereniging en de eerste inschrijving na regularisatie zou een geraamde recurrente meeropbrengst betekenen van 2.750.000,00 euro op jaarbasis en dit op basis van het aantal dossiers in 2012.
De ontvangsten kunnen geboekt worden via het budget van districts- en loketwerking.
Het bestuursakkoord van de stad Antwerpen 2013 – 2018 stelt in resolutie 365 dat het stadsbestuur naar analogie met andere Europese landen een dossierkost bepaalt voor de inschrijving van vreemdelingen.
Op dit ogenblik zijn de enige kosten verbonden aan een eerste inschrijving van een vreemdeling gelijk aan de kostprijs van het af te leveren identiteitsdocument.
De stad int hierbij voor eigen rekening een bedrag van 5 euro per afgeleverde identiteitskaart ten titel van stadsbelasting.
Dit bedrag volstaat niet om de dossierlast bij een eerste inschrijving van een nieuwkomer te dekken.
De administratie van de stad legt ten behoeve van individuele burgers bij hun inschrijving in het wacht-, vreemdelingen- en bevolkingsregister een uitgebreid dossier aan over/voor de betrokken burger(s) met o.m. kopies van documenten (huwelijksakte, geboorteakte, paspoort,…) van de betrokken burger. Daarnaast doet de administratie systematisch controles op de rechtsgeldigheid van de documenten en het verblijf, doet de nodige opzoekingen en vraagt desnoods instructies bij de dienst vreemdelingenzaken van de federale overheidsdienst binnenlandse zaken. Tot slot wordt het dossier van de vreemdeling door de administratie bewaard en verder aangevuld telkens zich wijzigingen voordoen in het verblijfsstatuut van de vreemdeling.
Tot op heden vordert de stad geen vergoeding voor dit dossierbeheer.
De stad kan voor bepaalde prestaties en diensten die voor de stedelijke administratie arbeids- en tijdsintensief zijn en die in het individueel belang of voordeel zijn van diegene die om die prestatie of dienst vraagt, een billijke vergoeding vragen.
In het kader van een kostprijsanalyse berekende Interne Audit dat de voorbereiding en de afwerking van een inschrijvingsdossier voor nieuwkomers van vreemde origine voor een 1ste inschrijving en/of inschrijving gezinshoofd een doorlooptijd van 375 minuten of 6 uur per persoon heeft en een bijkomende doorlooptijd per gezinslid in geval van gelijktijdige gezinsinschrijving van 119 minuten of 2 uur per bijkomend gezinslid heeft.
In casu wordt er steeds een dossier geopend, documenten worden gekopieerd en bijgehouden in het dossier, een aantal controles en opzoekingen worden gedaan, indien nodig wordt navraag gedaan bij federale vreemdelingendienst, soms dient de nationale wetgeving van betrokkene opgezocht (in het kader van de burgerlijke staat – internationaal privaatrecht), één of meerdere woonstcontroles worden uitgevoerd door de lokale politie, de nodige verblijfsdocumenten worden opgemaakt of aangevraagd en afgeleverd.
De stad wil een vaste prijs aanrekenen voor elke inschrijving van nieuwkomers, gealigneerd op de economische kostprijs voor aanmaak, beheer en bewaring van het dossier.
In Nederland worden de kosten die de centrale Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) maakt voor de behandeling van aanvragen doorgerekend aan de burger, de zgn. leges. Dit is afhankelijk van het soort verblijfsdocument dat de vreemdeling aanvraagt. Dit varieert in grote lijnen van 42 euro tot 950 euro naargelang de situatie. In enkele gevallen is er een vrijstelling voorzien. Er is geen terugbetaling voorzien indien de inschrijving wordt afgewezen.
Vermits enerzijds een retributie steeds een redelijk bedrag moet zijn en er blijkbaar - na een korte benchmark in andere Belgische steden en gemeenten - geen precedenten in dit verband bestaan, maar anderzijds het bedrag substantieel genoeg moet zijn om een werkelijke vergoeding voor de geleverde administratieve prestaties te zijn, wordt volgende tarief voorgesteld: 250 EUR per inschrijving van een nieuwkomer van vreemde origine.
Voor volgende administratieve prestaties wordt een dossierkost aangerekend:
- de eerste inschrijving van nieuwe inwoners van vreemde origine
- de eerste inschrijving in het kader van een procedure gezinshereniging
- de eerste inschrijving na regularisatie
Het doorrekenen van de administratieve kosten van de dienstverlening is verantwoord door het streven om de continuïteit en de kwaliteit van die dienstverlening te kunnen garanderen ten behoeve van de gebruiker ervan.
Het vaststellen van een retributie kadert in het gemeentelijk belang en het autonome appreciatierecht van de gemeente en is uitsluitend gebaseerd op de bestaande dossierlast.
Vrijstellingen zijn evenwel mogelijk wanneer deze dossierlast niet door de stad Antwerpen gedragen wordt.
Een vrijstelling van retributie wordt voorzien voor de inschrijving van buitenlandse studenten via het samenwerkingsverband met de Associatie Universiteit & Hogescholen Antwerpen (AUHA).
Deze vrijstelling wordt ingegeven door de overweging dat hun verblijf veelal van korte duur is en de administratieve voorbereiding voor de inschrijving hoofdzakelijk door de diensten van de Associatie Universiteit & Hogescholen Antwerpen wordt verricht.
Bovendien kadert dit in het beleid van de stad die zich wil profileren als een studentenstad met internationale uitstraling.
Een vrijstelling van retributie is eveneens voorzien voor asielzoekers bij hun aanvraag om erkend te worden als vluchteling. De aanvraag tot asiel wordt ingediend bij en behandeld door de diensten van de federale overheid . De tussenkomst van de stedelijke administratie in de asielprocedure is beperkt tot het uitvoeren van een woonstcontrole en het afleveren van een verblijfstitel.
Een vrijstelling van retributie is tenslotte voorzien bij de aanvraag voor verblijfsvergunning door de onderdanen van derde landen die in een andere lidstaat van de Europese Unie het statuut van langdurig ingezetenen hebben verworven of door één van hun gezinsleden. Deze vrijstelling wordt ingegeven door een arrest van het Europees Hof van Justitie van 26 april 2012 waarin Nederland werd veroordeeld wegens het heffen van overdreven en onevenredig hoge leges die een belemmering vormen voor de uitoefening van de in richtlijn 2003/109/EG toegekende rechten aan langdurig ingezetenen van derde landen.
De gecoördineerde grondwet verleent bij artikels 41, 162, 2° en 170§4, 1° en 173 fiscale autonomie aan de gemeenten
Artikel 42§3 van het gemeentedecreet bepaalt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de gemeentelijke belastingen en retributies.
Artikel 43§2,15° van het gemeentedecreet bepaalt dat deze bevoegdheid niet aan het college van burgemeester en schepenen kan toevertrouwd worden.
Artikel 186 van het gemeentedecreet bepaalt de wijze van bekendmaking van de reglementen.
Het college legt het retributiereglement op de inschrijving van nieuwkomers van vreemde origine ter goedkeuring voor aan de gemeenteraad.
De financieel beheerder regelt de financiële aspecten als volgt:
| Omschrijving | Bedrag | Boekingsadres | Bestelbon |
| geraamde meerontvangsten retributie op inschrijving van nieuwkomers van vreemde origine | 2.750.000,00 EUR op jaarbasis | budgetplaats:5121500000 budgetpositie:701 functiegebied:SDDL010601A00000 subsidie:SUB_NR fonds:Intern begrotingsprogramma:510250130 budgetperiode:1300 en volgende dienstjaren |