Terug

2013_CBS_06897 - Bezwaren fiscaliteit - Fiscale hoorzitting. Conclusies inhoudelijke analyse - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 05/07/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_06897 - Bezwaren fiscaliteit - Fiscale hoorzitting. Conclusies inhoudelijke analyse - Kennisneming 2013_CBS_06897 - Bezwaren fiscaliteit - Fiscale hoorzitting. Conclusies inhoudelijke analyse - Kennisneming

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 57§1 van het Gemeentedecreet bepaalt dat het college belast is met de voorbereiding en de uitvoering van de besluiten van de gemeenteraad.

Aanleiding en context

Iedere belastingplichtige heeft het recht om bezwaar in te dienen tegen een belastingaanslag. Indien hij daarom vraagt heeft hij eveneens het recht om gehoord te worden. Daartoe wordt een fiscale hoorzitting georganiseerd die wordt voorgezeten door de schepen van financiën en de stadssecretaris en waarbij ook steeds de administratie vertegenwoordigd is.

Zowel de argumenten die in de bezwaarschriften worden aangehaald als de argumentatie die tijdens de fiscale hoorzitting aan bod komt, zijn cruciaal om voeling te krijgen met wat leeft bij de diverse belastingplichtigen. Tevens zijn ze een maatstaf om aan te geven op welke punten belastingreglementen moeten worden bijgestuurd en welke aandachtspunten er zijn bij de werking van de stad.

In samenspraak met schepen Koen Kennis wordt door de afdeling bezwaren fiscaliteit een inhoudelijke analyse van de bezwarendossiers bijgehouden.

Het is dan ook wenselijk dat het college periodiek kennis neemt van deze analyse en op basis hiervan gerichte opdrachten kan geven aan de betrokken administraties om bepaalde aandachtspunten op te nemen en bij te sturen.

Argumentatie

1.      Belasting op het takelen.

Uit de analyse van de bezwarendossiers blijkt dat de takelbelasting over het algemeen wordt ervaren als “pestbelasting”.

Belangrijkste argumenten die door de belastingplichtigen worden aangehaald zijn de volgende:

  • er is onvoldoende communicatie/informatie bij aankondiging evenementen;
  • bordjes worden niet voldoende zichtbaar geplaatst;
  • bordjes worden tussendoor verplaatst;
  • behalve de aanwezigheid van (nauwelijks zichtbare) bordjes worden er geen bijkomende aanduidingen voorzien. Zo betalen burgers een parkeerticket en gaan ze ervan uit dat ze reglementair geparkeerd staan. Een extra waarschuwing door bv. een aanduiding op de parkeermeters zou wenselijk zijn;
  • de lijsten met opgave van geparkeerde voertuigen worden in vraag gesteld.

Sommige van deze argumenten zijn wellicht ook ingegeven vanuit een zekere frustratie, maar een steeds wederkerend element is dat de wijze waarop momenteel een tijdelijk parkeerverbod wordt aangekondigd al te vaak ter discussie staat. 

In het kader van behoorlijk bestuur en rechtszekerheid mogen burgers verwachten dat de stad een duidelijk, transparant en consequent parkeerbeleid voert, ook voor wat betreft de tijdelijke parkeerverboden.

Het college geeft bijgevolg opdracht aan de lokale politie om - in samenspraak met de betrokken stadsdiensten - een werkwijze uit te werken met betrekking tot de tijdelijke verbodsborden die de burger voldoende garanties biedt op vlak van rechtszekerheid en die de toets van behoorlijk bestuur kan doorstaan.

Het college geeft eveneens opdracht aan GAPA om – in samenspraak met de politie - inspanningen te doen en een voorstel uit te werken om - via haar betaalautomaten - extra aanduidingen te doen van een ter plaatse geldend tijdelijk parkeerverbod.

  2.      Eigendomsbelastingen

Bij de behandeling van bezwaren inzake eigendomsbelastingen (leegstand /verwaarlozing /ongeschikt en onbewoonbaar) blijkt dat er meestal parallel een dossier loopt bij de dienst stadsonwikkeling/stedenbouw en bij de dienst samen leven/woonkwaliteit aangezien belastingplichtigen bij die diensten onder meer terecht moeten voor de aanvraag van een conformiteitsattest, een bouwvergunning en dergelijke meer om uiteindelijk hun (belast) pand in orde te krijgen.

De manier waarop deze aanvragen worden verwerkt en beslist en de wijze waarop daarover wordt gecommuniceerd kan een rechtstreeks gevolg hebben voor de beslissing over het fiscale bezwaar. Immers, voor de burger is “de stad” één geheel waarvan hij verwacht dat de beslissingen op elkaar afgestemd zijn en dat de gegevens die hij aan één dienst meldt, ook gekend zijn bij andere stadsdiensten.

Door de verschillende stadsdiensten zijn er al heel wat inspanningen geleverd om de communicatie naar de burger te verbeteren. De informatie die thans wordt meegegeven is sterk verbeterd en meer afgestemd. 

Desondanks blijkt uit de fiscale hoorzitting dat :

  • de toepasselijke regelgeving voor de burger niet altijd even transparant is;
  • de communicatie naar de burger niet altijd duidelijk weergeeft wat van hem wordt verwacht.

In het kader van behoorlijk bestuur en rechtszekerheid mag de burger verwachten dat de stad duidelijke en correcte informatie verschaft zeker wanneer er van de burger iets verwacht wordt dat bij niet-naleving wordt “gesanctioneerd”.        

Het college geeft dan ook de opdracht aan de bedrijfseenheden stadsontwikkeling en samen leven om de huidige afstemming tussen de bedrijven onderling alsook de communicatie aan de burger verder uit te werken en te verfijnen.

Juridische grond

Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie-en gemeentebelastingen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de conclusies van de inhoudelijke analyse van de bezwaarschriften.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Artikel 3

Het college geeft volgende opdrachten:

Dienst Taak
Politie om - in samenspraak met de betrokken stadsdiensten - een werkwijze uit te werken met betrekking tot de tijdelijke verbodsborden die de burger voldoende garanties biedt op vlak van rechtszekerheid en die de toets van behoorlijk bestuur kan weerstaan.
Gapa om in samenspraak met de politie inspanningen te doen en een voorstel uit te werken om - via haar betaalautomaten - extra aanduidingen te doen van een ter plaatse geldend tijdelijk parkeerverbod. 
SW
SL
om de huidige afstemming tussen de bedrijven onderling alsook de communicatie aan de burger verder uit te werken en te verfijnen.