De recente staking bij De Lijn heeft ons voor zover nodig nog maar eens met de neus op de feiten gedrukt. Sinds de ingang van de nieuwe dienstregeling is de toestand in Merksem er enorm op achteruit gegaan, en dit voor zowel reizigers als chauffeurs. Onder het mom van een hervorming van het openbaar vervoer-model (naar het zgn. overstapmodel) werden met deze nieuwe geling grote besparingen doorgevoerd. De theorie van dit overstapmodel klinkt mooi, maar in realiteit leidt het tot afgeschafte lijnen, overvolle trams en bussen, en langere reistijden.
Chauffeurs worden geconfronteerd met moegewachte reizigers, overbezette voertuigen en onrealistische rijtijden. Reizigers zagen hun vertrouwde lijnen verdwijnen - denk maar aan bus 28 of 123 - en zien nu hun bus zelden op het beloofde tijdstip aankomen, als ze al niet overvol de halte passeert. Bovendien hebben de zogenaamde alternatieven al duidelijk bewezen dat ze absoluut geen volwaardig alternatief zijn voor de verdwenen lijnen.
Al dit zorgt voor een klimaat waarin beide groepen van elkaar vervreemden en verzuring en agressie helaas steeds vaker voorkomen. Kortom: de dienstregeling vermindert, het ongenoegen groeit, en het is weinig verwonderlijk dat er, na alle eerdere signalen van zowel chauffeurs als reizigers, nu een staking geweest is.
Vanuit deze problemen heb ik enkele vragen aan de schepen, en bij uitbreiding het college:
- erkent u deze problemen?
- welke maatregelen plant u te nemen?
Tot slot dringt PVDA erop aan dat het district bij de stad en bij de Vlaamse Regering duidelijk maakt dat deze situatie moet verbeteren en dat er dringend naar oplossingen gezocht moet worden. In plaats van deze nefaste besparingen vragen wij dat er opnieuw geïnvesteerd wordt in openbaar vervoer. Een kwalitatief en betaalbaar openbaar vervoer is immers een cruciale sleutel voor de enorme uitdagingen van milieu en mobiliteit die vandaag moeten aangepakt worden.
Antwoord schepen Simons: Dit is inderdaad geen districtsbevoegdheid. We erkennen deze problemen, zoals de meeste Merksemnaren. We hebben dan ook al diverse klachten binnengekregen.
Vanuit het district zijn er al meerdere acties ondernomen. Er werd in de districtraadscommissie van juni 2012 een toelichting gegeven over het overstapmodel dat de Lijn ging invoeren. In de loop van oktober 2012 werd de Lijn meermaals gevraagd om gepaste maatregelen te nemen en voldoende informatie te verschaffen. Op 4 april 2013 werd een brief vanuit het districtscollege verstuurd waarin om dringend overleg wordt gevraagd. We zullen vanuit het district er verder op aandringen dat er een degelijke dienstregeling komt. Deze problematiek zullen we ook opnemen op de gemeentelijke begeleidingscommissie.
Tussenkomst raadslid Gashi: Komt er een onderzoek naar het traject begraafplaats Zwaantjeslei? Het district heeft hier speciaal geinvesteerd in een draailus wat jammer is. De bereikbaarheid van de Vogeltjeswijk is niet meer gagarandeerd. Ik wil er op aandringen dat de huidige regeling wordt bijgestuurd. Op de Bredabaan zouden de bussen verminderen en zouden er meer trams rijden. De trams rijden nu onvoldoende verspreid. Deze problematiek zou aangekaart moeten worden zodat de frequentie wordt aangepast.
Tussenkomst raadslid Penris: ook op Vlaams niveau werd dit aangekaart, maar het kan geen kwaad om een bijkomend signaal uit te sturen. De lijnen 123 en 28 zijn verdwenen, maar de basismobiliteit moet hersteld worden. Is er een bereidheid binnen het districtsbestuur voor een dergelijk signaal?
Tussenkomst raadslid De Cock: We delen deze bekommernis. De Lijn is een logge organisatie, waarbij aandringen en blijven aandringen tot resultaat kan leiden, dus volhard op het aangekondigde overleg. Het overstapmodel is er gekomen op vraag van de stad Wij kunnen wel vragen stellen, maar dit moet afgestemd worden op het stedelijk mobiliteitsplan.
Antwoord schepen Simons: Ik sluit me aan bij raadslid De Cock. Het signaal zou sterker zijn als het uit de diverse districten komt. Deze problematiek is al besproken geweest. Best wordt er verder afgestemd in de gemeentelijke begeleidingscommissie om zo de hogere overheid rechtstreeks aan te schrijven, na overeenstemming. Wat de frequentie van de trams betreft, ik hoop niet dat de Lijn dit bewust inplant, maar dat dit door problemen komt. De kinderziektes zouden er stillaan uit moeten.
Tussenkomst raadslid Faes: Ik ben blij dat het district de meeste ergernissen deelt. De malfunctie lijkt me nu wel bewezen denk ik. Het is niet alleen lastig voor de reizigers maar ook voor de chauffeurs zelf die amper rusttijden hebben. Ik hoop dat op het overleg op stadsniveau ook een districtsschepen aanwezig is.
Antwoord schepen Simons: Dit is het geval.
di 11/06/2013 - 17:33