Artikel 130bis van De Nieuwe Gemeentewet (laatste aanpassing : decreet van 1 februari 2008) dat bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen bevoegd is voor de tijdelijke politieverordeningen op het wegverkeer.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De Goedendagstraat:
Naar aanleiding van de heraanleg van het Terloplein wijzigt de verplichte rijrichting in de Goedendagstraat met verplichte rijrichting naar de Kortrijkstraat.
Voor de Goedendagstraat bestaat er een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer dat echter niet langer voldoet aan de actuele verkeerssituatie.
Een nieuw aanvullend verkeersreglement wordt opgemaakt gezien de rijrichting wordt aangepast met verplichte rijrichting naar de Kortrijkstraat.
Deze wijziging heeft geen invloed op de parkeerbalans.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Goedendagstraat in het district Borgerhout, ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 24 november 2008 (jaarnummer 2219):
Artikel 1: Het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsen, wordt ingevoerd met verplichte rijrichting van de Guldensporenstraat naar de Kortrijkstraat.
De verkeersborden C1 en F19 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 2: Het parkeren wordt verboden, van maandag tot en met vrijdag, van 8 tot 16 uur, langs de even zijde, van het nummer 50 over een afstand van 20 meter.
De verkeersborden E1 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 3: Het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap, langs de oneven zijde:
De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.
Artikel 4: Parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.
Artikel 5: Een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan:
Artikel 6: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.