Er werd advies gevraagd aan de cultuurraad via mail op maandag 25 maart met de vraag dit uiterlijk tegen 5 april te formuleren.
Op 13 juli 2001 keurde het Vlaams parlement het decreet houdende het stimuleren van een kwalitatief en integraal lokaal cultuurbeleid goed. In het kader van dit decreet dienen de stad Antwerpen en haar districten jaarlijks het werkingsverslag lokaal cultuurbeleid op te maken. Als het district het werkingsverslag cultuur 2011 via de stad tijdig binnenbrengt bij de Vlaamse Gemeenschap kan een subsidie voor de uitvoering van het lokale cultuurbeleid worden toegekend.
Sinds 2010 gaat het om een werkingsverslag voor de cultuurcentra, bibliotheken en districten/cultuurantennes samen.
Wanneer de stad de werkingsverslagen en actieplannen tijdig binnenbrengt bij de Vlaamse Gemeenschap kunnen subsidies voor de uitvoering van het lokale cultuurbeleid worden toegekend.
Met gemeenteraadsbesluit van 20 maart 2000 (jaarnummer 619), en collegebesluit van 16 maart 2000 (jaarnummer 3984), werden de bevoegdheden van de districten bepaald. Met collegebesluit van 9 oktober 2002 (jaarnummer 11543) en gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) werden een aantal bevoegdheden van de districtsbesturen verder verfijnd. Cultuur valt onder de bevoegdheid van het lokale cultuurbeleid. Het decreet van 13 juli 2001 houdende het stimuleren van een kwalitatief en integraal lokaal cultuurbeleid en alle latere wijzigingen.
In het gemeenteraadsbesluit van 25 februari 2008 (jaarnummer 318) werden de vzw's financieel beheer van de cultuurcentra hervormd naar vzw's lokaal cultuurbeleid per district. Met de collegebeslissing van 21 maart 2011 (jaarnummer 1022) werd de samenwerkingsovereenkomst tussen de vzw lokaal cultuurbeleid Wilrijk en de stad Antwerpen vastgelegd.
Het districtscollege keurt het werkingsverslag 2012 van de vzw lokaal cultuurbeleid goed.