Terug

2013_CBS_05642 - Musea en Erfgoed Antwerpen - Red Star Line Museum - Langdurige bruiklenen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 07/06/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Patrick Van Hoof, plaatsvervangend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_05642 - Musea en Erfgoed Antwerpen - Red Star Line Museum - Langdurige bruiklenen - Goedkeuring 2013_CBS_05642 - Musea en Erfgoed Antwerpen - Red Star Line Museum - Langdurige bruiklenen - Goedkeuring

Motivering

Algemene financiƫle opmerkingen

Voor de bruiklenen worden volgende verzekeringen afgesloten:

  • Vrienden van de Red Star Line: overzichtlijst bruikleenobjecten als bijlage bij de bruikleenovereenkomst, waarde 59.020,00 euro;
  • Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen: Belgische landverhuizers (1890), verzekeringswaarde 500.000,00 euro; Landverhuizers (1896), verzekeringswaarde 350.000,00 euro;
  • Robert Steven Loken: reisdagboek van Reinhold Liebau, 1887, waarde 2.499 dollar (ong. 1.935,00 euro);
  • Eddy Staes: kepie Red Star Line met objectnummer RSL.IB.0007.001, waarde 700,00 euro.

De verzekeringskosten worden verrekend op de begroting van de vzw Musea en Erfgoed Antwerpen.

Regelgeving: bevoegdheid

Gemeentedecreet artikel 57, par. 3, 1°: het college is bevoegd voor de daden van beheer over de gemeentelijke inrichtingen en eigendommen, binnen de door de gemeenteraad vastgestelde algemene regels.

Aanleiding en context

Vanaf 28 september 2013 kan het publiek in de historische loodsen van de Red Star Line rederij in Antwerpen het Red Star Line Museum bezoeken. Het nieuwe museum vertelt het verhaal van de legendarische rederij en haar meer dan twee miljoen passagiers.

Het New Yorkse architectenbureau Beyer Blinder Belle tekende voor de restauratie van de gebouwen en werkte samen met de Belgische tentoonstellingsontwerper Christophe Gaeta de scenografie van de hoofdtentoonstelling uit. Deze is zo opgebouwd dat bezoekers in de voetsporen treden van de landverhuizers, van het vertrek uit hun land van herkomst over de reis naar Antwerpen, het tijdelijke verblijf hier en de overtocht tot de aankomst in Amerika. Met historische contextschetsen, sfeervolle beelden, persoonlijke getuigenissen en selecties van authentieke objecten wordt een beeld opgeroepen van hoe de reis bij de gemiddelde Europese landverhuizer aan het begin van de twintigste eeuw moet zijn overgekomen.

Naast multimedia met persoonlijke verhalen en objecten uit familiecollecties, wordt in de tentoonstelling uniek historisch beeldmateriaal getoond dat vaak nooit eerder te zien was. Ook in de digitale interactieven en op grafische panelen wordt nieuw historisch onderzoek verwerkt dat in opdracht van het museum werd uitgevoerd. Tot slot zijn er talrijke bruiklenen uit stedelijke en private collecties, gaande van scheepsmodellen, affiches en kunstwerken tot persoonlijke bezittingen.

Argumentatie

Voor de invulling van de hoofdtentoonstelling krijgt het Red Star Line Museum verschillende externe bruiklenen. Hiervoor worden overeenkomsten afgesloten met de bruikleengevers. Met dit besluit worden de bruiklenen geformaliseerd met de vzw Vrienden van de Red Star Line, met het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten, en met twee particuliere bruikleengevers.

De collectie van de Vrienden van de Red Star Line, bijeengebracht door verzamelaar Robert Vervoort, is de belangrijkste niet-stedelijke collectie voor het Red Star Line Museum. Vooral in de ruimte die handelt over de Transatlantische overtocht aan boord van de Red Star Line-schepen, worden tientallen objecten tentoongesteld uit deze collectie. Het gaat vooral om gebruiksvoorwerpen uit 1e en 3e klasse, merchandising van de rederij, menu's, affiches en ander papierwerk.

Het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen geeft twee monumentale kunstwerken in bruikleen: 'Belgische landverhuizers' (1890) van Louis Van Engelen en 'Landverhuizers' (1896), een triptiek van Eugène Laermans. Deze werken worden getoond in het deel van de tentoonstelling dat handelt over de doortocht van de landverhuizers door Antwerpen.

De bruiklenen uit particulier bezit, uit binnen- en buitenland, illustreren in het museum vooral de vele persoonlijke verhalen van passagiers of bemanningsleden.

Juridische grond

Gemeentedecreet artikel 57, par. 3, 1°: het college is bevoegd voor de daden van beheer over de gemeentelijke inrichtingen en eigendommen, binnen de door de gemeenteraad vastgestelde algemene regels.

Beleidsdoelstellingen

Toegankelijk maken van cultureel erfgoed, musea en monumenten voor een groot en divers publiek - bewoners en bezoekers -
Bouw,inrichting en activiteiten Red Star Line

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt de overeenkomsten van de volgende inkomende langdurige bruiklenen ten behoeve van het Red Star Line Museum goed:

  • De objecten die voortkomen uit de overeenkomst met de Vrienden van de Red Star Line vzw, 59.020,00 euro (bruikleenperiode vanaf 1 juni 2013 en zolang de objecten tentoongesteld worden in het museum);
  • Louis Van Engelen, Belgische landverhuizers, olieverf op doek, 258 x 395 cm (Dagmaat), 500.000,00 euro (bruikleenperiode drie jaar vanaf datum van ondertekening);
  • Eugène Laermans, Landverhuizers, olieverf op doek gemaroufleerd op paneel, 159 x 420 cm (Dagmaat), 350.000,00 euro (bruikleenperiode drie jaar vanaf datum van ondertekening);
  • Reisdagboek van Reinhold Liebau, 1887, 2.499,00 dollar (bruikleenperiode vanaf 1 juni 2013 en zolang het object tentoongesteld wordt in het museum);
  • Kepie Red Star Line met objectnummer RSL.IB.0007.001, 700,00 euro (bruikleenperiode vanaf 14 juni 2013 en zolang het voorwerp tentoongesteld wordt in het museum).

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen