Met de goedkeuring van het Masterplan 2020 eind september 2010 koos de Vlaamse overheid er onder meer voor om een ondergrondse verbinding te realiseren onder de huidige R11, tussen het knooppunt Wommelgem en de E19 Zuid. Ook de aanleg van de A102, waarvoor op het gewestplan Antwerpen reeds een reserveringsstrook werd aangeduid, is een bijkomend project binnen het Masterplan 2020.
De A102 en R11bis, de tweede tangent op ons hoofdwegennet in Antwerpen, vormt onlosmakelijk een geheel met de Oosterweelverbinding. Beide projecten vullen elkaar aan. Zonder de uitvoering van beide projecten bekomen we de structurele oplossingen zoals vooropgesteld in het MP 2020 niet.
Deze beide projecten worden verder uitgewerkt door het Agentschap Wegen en Verkeer Antwerpen (AWV) in een streefbeeldstudie R11-R11bis waarbij gouverneur Cathy Berx een coördinerende rol heeft. De gouverneur is immers door de Vlaamse regering aangeduid als procesbegeleider voor de onderlinge afstemming en communicatie van verschillende plannen in de oostzijde van de Antwerpse regio (Poort Oost). Het gaat hier over de afstemming van en communicatie rond de Tweede Spoorontsluiting Zeehaven van Antwerpen, de E34/E313 tussen Antwerpen-Oost en de verkeerswisselaar te Ranst, en het bedrijventerrein ENA Wommelgem/Ranst, alsook gerelateerde plannen (A102, R11, Oosterweelverbinding, LIVAN, Oude Landen).
Met betrekking tot de geplande tangenten A102 en R11bis heeft de stad zijn visie op de rol en het functioneren van de R11 en de R11bis in het ruimere wegennetwerk reeds neergeschreven, alvorens de streefbeeldstudie werd aangevat. Deze visie werd opgenomen in de collegiale brief goedgekeurd in collegezitting van 28 januari 2011 (jaarnummer 782).
In het najaar van 2011 presenteerde het Vlaamse gewest de eerste resultaten van de streefbeeldstudie R11-R11bis aan de betrokken gemeenten en steden. De stad Antwerpen maakte naar aanleiding van dit ontwerpstreefbeeld een advies over aan de gouverneur (collegebesluit van 21 oktober 2011, jaarnummer 15144).
Na dit advies heeft de stad Antwerpen een intern onderzoekstraject opgezet om de resultaten van de streefbeeldstudie nader te bekijken. Op die manier is het stadsbestuur voorbereid om een onderbouwd advies te formuleren in functie van de plan-MER-procedure voor de aanleg van R11bis-A102 die in 2013 zal worden opgestart en de werkgroepen die in het kader van het proces Poort Oost zullen worden heropgestart. Doelstelling van dit traject is om de mogelijkheden van een maximale verknoping met het bestaande hoofdwegennet en strategisch gelokaliseerde aansluitingen op de R11bis-A102 in beeld te brengen.
Binnen dit traject werden volgende deelonderzoeken uitgevoerd:
| deelonderzoeken | beslissingsorgaan | datum | jaarnummer |
| ontwerp aansluitingen complex E19 Wilrijk en aansluiting Bisschoppenhoflaan door Witteveen + Bos Belgium nv | college | 13 april 2012 | 3818 |
| onderzoek aansluitingscomplex op de A102 door Grontmij nv | college | 7 september 2012 | 9403 |
| ontwerpend onderzoek knoop Wilrijk (R11bis - E19) door Grontmij nv | college | 27 april 2012 | 4342 |
| onderzoek verbinding R11 bis - E19 - A12 door Grontmij nv | college | 1 maart 2012 | 2003 |
Op 22 april 2013 werd een infosessie georganiseerd voor de lokale besturen over de projecten Poort Oost. Daar werd meegedeeld dat de opstart van een plan-MER voor de nieuwe A102 en heringerichte R11 zal gebeuren in september 2013. AWV organiseert eind september ook een reizende infomarkt om de bevolking te informeren over de plannen. Op 20 september 2013 in Mortsel, 22 september 2013 in Merksem en op 23 september 2013 in Wijnegem zullen geïnteresseerden de plannen kunnen inkijken. Een formele inspraakronde over het kennisgevingsdossier voor het plan-MER volgt dan in het najaar. De stad Antwerpen zal om advies gevraagd worden over het kennisgevingsdossier.
Het college heeft in zitting van 31 mei 2013 (jaarnummer 5497) reeds kennis genomen van de elementen van het onderzoek die betrekking hebben op de A102 en de uitgangspunten van de studie “Onderzoek aansluitingscomplex op de A102” door Grontmij NV goedgekeurd, in functie van het verdere procesverloop van het Masterplan, Poort Oost en de diverse plan-MER’s.
Het voorliggende besluit betreft de elementen van het onderzoek die betrekking hebben op het knooppunt met de E19 in Wilrijk. Op 27 mei 2013 werden deze toegelicht aan de districtsvoorzitter van Wilrijk.
De tangenten A102 en R11bis moeten het hoofdwegennet in de Antwerpse regio vervolledigen. De keuze om de tangent uit te voeren als een 2x2 sluit duidelijk aan bij de vooropgestelde doelstellingen voor dit project. De A102 en R11bis vormen samen met de gesloten R1 een complementair geheel dat het hoofwegennet rond Antwerpen flexibel en robuust kan maken. Een maximale verknoping met het bestaande hoofdwegennet en strategisch gelokaliseerde aansluitingen op beide wegen zijn echter belangrijke aandachtspunten om de potentiële rol van deze tangenten in het hoofdwegennetwerk te realiseren en om het onderliggende wegennet maximaal te vrijwaren.
Volgende elementen werden tot op heden in de streefbeeldstudie R11-R11bis onvoldoende onderzocht:
Ontwerp knoop E19 in streefbeeldstudie
In de streefbeeldstudie R11-R11bis wordt voor de uitwisseling van R11bis met E19 ter hoogte van Wilrijk een half knooppunt voorzien, waarbij enkel de bewegingen E19 zijde Brussel naar R11bis zijde Mortsel en omgekeerd mogelijk zijn. De bestaande aansluitingen van R11 naar E19 zijde Brussel blijven bewaard. Verder wordt eveneens een aansluiting van R11 naar R11 bis voorzien. De verbinding R11bis naar E19 zijde Antwerpen wordt niet aangelegd.
Om dit te bereiken worden in de streefbeeldstudie 4 structurele aanpassingen aan de bestaande knoop voorzien:
Ontwerp knoop E19 in studie Witteveen+Bos
De stad Antwerpen heeft in eerste instantie het volgende laten onderzoeken door het studiebureau Witteveen+Bos (deelonderzoek 1: “Ontwerp aansluitingen: Complex E19 Wilrijk en aansluiting Bisschoppenhoflaan”):
Witteveen+Bos heeft daarom een alternatief ontwerp opgemaakt met volgende afwijkende karakteristieken ten opzichte van het ontwerp in de streefbeeldstudie:
Dit alternatief ontwerp zorgt voor een meer logische verkeerskundige oplossing, maar voorziet echter nog niet alle gevraagde functionaliteiten, meer bepaald de uitwisseling van de R11bis met de E19 richting het noorden, een doortrekking van de R11bis richting het westen en een rechtstreeks op- en afrittencomplex vanaf de Prins Boudewijnlaan naar de R11bis.
Ontwerp knoop E19 in studie Grontmij NV
In tweede instantie werd daarom het vraagstuk van de verkeerswisselaar tussen de R11bis en de E19 ook voorgelegd aan Grontmij NV (deelonderzoek 3: “Ontwerpend onderzoek knoop Wilrijk (R11bis - E19)”), met als doel te onderzoeken of een volledige verknoping tussen de R11bis en de E19 mogelijk is op verkeerskundig en ruimtelijk vlak.
Voortbouwend op het ontwerp uit deelonderzoek 1, worden daartoe een aantal varianten uitgewerkt, rekening houdende met verkeerstechnische maatvoering, turbulentieafstanden en de Europese tunnelrichtlijn zoals door AWV gehanteerd.
Vanuit de specifieke ruimtelijke context werd eveneens rekening gehouden met een aantal ruimtelijke beperkingen, zoals de Craeybeckxtunnel, de omgevende woonwijken van Wilrijk en Edegem en de geluidsbermen. Uit deze oefening blijkt dat een volledige verknoping tussen E19 en R11bis, dus zowel richting Antwerpen als richting Brussel, kan gerealiseerd worden. Zowel de uitwisseling tussen hoofdwegen als de aansluitingen met het onderliggend wegennet komen in het ontwerpen onderzoek aan bod.
Het ontwerp voor een volledige knoop bevat 2 belangrijke onderdelen:
De volgende aansluitingsmogelijkheden werden onderzocht:
Conclusie
De knoop tussen de E19 en de R11bis kan volledig gemaakt worden door het toevoegen van een keerlus ten zuiden van de Craeybeckxtunnel. Verkeer vanaf de R1 naar de zuidoostrand zal de R11bis kunnen bereiken via de keerlus. Tijdens structurele congestie of bij calamiteiten op de R1 kan het verkeer richting E34/E313 dankzij de keerlus eveneens gebruik maken van de R11bis. Zonder keerlus zal het onderliggende wegennetwerk in de zuidoostrand hinder blijven ondervinden van dit doorgaande verkeer (sluipverkeer) tussen de R1 en de R11bis.
Het onderzoek geeft aan dat er aansluitingsmogelijkheden zijn die een structurele verbetering kunnen betekenen van het toekomstige hoofdwegennet. De studie reikt verder nog een alternatief tracé voor de R11bis aan, meer bepaald een boortunnel ter hoogte van Mortsel die meer naar het zuiden aansluiting maakt met zowel E19 als A12. Om tot een onderbouwde netwerkvisie te komen is er nog bijkomend onderzoek nodig naar de mogelijkheid van een verknoping van de R11bis met de A12. Dit studiewerk zal ook invloed hebben op de te maken keuzes inzake doortrekken van de hoofdrichting R11bis naar het westen of afbuigen naar het zuiden richting Brussel.
In functie van de plan-MER A102/R11bis, die najaar 2013 wordt opgestart, kunnen de resultaten van deze studie meegegeven worden, zodanig dat deze verder onderzocht kunnen worden.
Het college neemt kennis van de studies “Ontwerp aansluitingen: Complex E19 Wilrijk en aansluiting Bisschoppenhoflaan” door Witteveen+Bos Belgium NV en “Ontwerpend onderzoek knoop Wilrijk (R11bis - E19)” door Grontmij NV.
Het college keurt de uitgangspunten van laatst genoemde studie met betrekking tot de knoop E19 te Wilrijk goed in functie van het verdere procesverloop van het Masterplan 2020, Poort Oost en de diverse plan-MER’s.
Het college beslist om het onderzoek over te maken aan de Vlaamse regering, de procesbegeleider voor Poort Oost Cathy Berx en AWV.