Terug

2013_CBS_04324 - Stadsmonitor - Principebeslissing uitbreiding survey stadsmonitor 2014 voorafname meerjarenplan 2014 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 03/05/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Liesbeth Homans, schepen; Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_04324 - Stadsmonitor - Principebeslissing uitbreiding survey stadsmonitor 2014 voorafname meerjarenplan 2014 - Goedkeuring 2013_CBS_04324 - Stadsmonitor - Principebeslissing uitbreiding survey stadsmonitor 2014 voorafname meerjarenplan 2014 - Goedkeuring

Motivering

Algemene financiƫle opmerkingen

De financiering van het geraamde bedrag van 40.800,00 EUR zal opgenomen worden in het voorstel budgetopmaak 2014.

Het gaat om een geraamd bedrag. De Vlaamse overheid moet nog bestekken uitsturen voor het drukwerk, het scannen van de antwoorden, de verzending (inclusief de portkosten van de terugzending) en de cadeaubons. Zij dient hiervoor te weten hoeveel enquêtes de steden extra willen laten doen. 

Aanleiding en context

De Stadsmonitor is een instrument ontwikkeld door de Vlaamse overheid voor de 13 Vlaamse centrumsteden. Deze bestaat uit een 200-tal indicatoren die de staat van de stad op het vlak van leefbaarheid en duurzaamheid in kaart moeten brengen. Het heeft als doel door kwantitatieve omgevingsanalyse een strategisch beleid te onderbouwen en beleidsondersteunende informatie aan te bieden. Voor een dertigtal indicatoren werd een grootschalige survey georganiseerd in 2004, 2006 en 2008, 2011.

In 2008 en 2011 werd reeds ingegaan op het aanbod van de Studiedienst van de Vlaamse regering om de steekproef uit te breiden door middel van extra bevragingen. Hierdoor was het mogelijk de resultaten van de Stadsmonitor ook op districtniveau en kleinere wijkomschrijvingen betrouwbaar te analyseren en te rapporteren.

De edities van de Stadsmonitor van 2004 en 2006 waren enkel representatief op stedelijk niveau. Hierdoor werden in de rapporten van de Studiedienst van de Vlaamse regering dan ook enkel vergelijkingen gedaan met andere steden. In 2008 en 2011 werd uitvoerig gemotiveerd dat omwille van de verschillen in schaalgrootte het nodig is om de resultaten ook binnen het grondgebied van Antwerpen te kunnen verfijnen. Op deze manier kunnen resultaten van andere kleinere centrumsteden vergeleken worden met de Antwerpse districten.

De investering die de stad Antwerpen in 2008 en 2011 deed om de bevraging van de Stadsmonitor uit te breiden zodat ze representatief wordt op districtsniveau werd op verschillende manieren verder gevaloriseerd.

  1. In de voortgangsrapportering van het stedenfonds wordt door de Studiedienst van de Vlaamse regering gebruik gemaakt van de gegevens op districtniveau.
  2. De ruwe data werden ter beschikking gesteld van de studiedienst van de stad Antwerpen. Op basis daarvan werd een uitgebreide rapportage gemaakt op districtniveau.
  3. Deze resultaten werden ook voorgesteld aan de districtsvoorzitters en de medewerkers van stedelijk wijkoverleg.
  4. Voor verschillende thematische onderzoeken zoals met betrekking tot cultuurparticipatie, bibliotheekbezoek, armoede, huisvesting enz... werd extensief gebruik gemaakt van de gegevens van de Stadsmonitor.
  5. Voor verschillende omgevingsrapporten en beleidsnota’s werden de surveygegevens van de Stadsmonitor als context opgenomen.
  6. De gegevens worden digitaal ontsloten op www.antwerpen.buurtmonitor.be met de mogelijkheid tot het digitaal opvragen van een rapport voor elk district of voor een gebied dat men op basis van de wijken zelf kan samenstellen. (www.antwerpen.buurtmonitor.be/quickstep/QsReportBasic.aspx?report=stadsmonitor_geo)

De Vlaamse overheid stond in voor de financiering van het aantal bevragingen per stad, zoals ze in vorige edities (2004, 2006) zijn gefinancierd. Voor Antwerpen was dit aantal in 2011 1000. De kost van de uitbreiding werd door de stad zelf gedragen.

De Vlaamse overheid vraagt aan de steden of zij het engagement nemen om deel te nemen aan een eventuele uitbreiding van de survey van 2014. Wanneer de Vlaamse overheid dit engagement kent, kan zij bestekken uitsturen naar de leveranciers die instaan voor de data-entry, het drukwerk, het versturen via de post en de incentive .

Argumentatie

Voor de survey van de Stadsmonitor die zal worden uitgevoerd in 2014 willen we dan ook ingaan op het aanbod van de Vlaamse regering om in te stappen in een uitbreiding van de Stadsmonitor.

Om de representativiteit op het niveau van de districten te garanderen dienen in 2014, zoals in 2008 en 2011 in totaal +/-N=2400 enquêtes extra gerealiseerd te worden. Deze komen bovenop de N=1000 enquêtes die door Vlaanderen gefinancieerd worden.

 

5% foutmarge 5%betr

 

Gewenst

N extra

District Antwerpen

385

19

District Berendrecht Zandvliet Lillo

370

350

District Ekeren

375

328

District Merksem

380

293

District Deurne

380

231

District Borgerhout

380

290

District Berchem

380

294

District Wilrijk

380

299

District Hoboken

380

307

 

 

 

 

N extra

2391

 

Voor deze uitbreiding wordt de netto kostprijs door de Studiedienst van de Vlaamse regering geraamd op 17,00 EUR per enquête. Voor de stad Antwerpen betekent dit een geraamde totale kostprijs van 40.800,00 EUR. Het gaat nog niet om een definitief bedrag, aangezien de Vlaamse overheid de bestekken nog moet uitsturen. Hiervoor dient ze het aantal extra bevragingen die de steden willen uitvoeren te kennen. Deze kost zal bij de budgetopmaak verdeeld worden over de districten (districts- en loketwerking) en de stad (bestuurszaken).

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college gaat principieel akkoord met de deelname aan de stadsmonitor.

Artikel 2

Het college gaat principieel akkoord met het voorstel tot uitbreiding van de survey van de stadsmonitor tot op het niveau van de districten en volgens het scenario waarbij uitgegaan wordt van een 5% foutmarge en 95% betrouwbaarheid.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.