Terug

2013_CBS_02324 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Bijzondere procedure. Voorwaardelijk gunstig advies - 2013163 - district Antwerpen - Vormingsstation Noord ZN - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 15/03/2013 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Liesbeth Homans, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_02324 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Bijzondere procedure. Voorwaardelijk gunstig advies - 2013163 - district Antwerpen - Vormingsstation Noord ZN - Goedkeuring 2013_CBS_02324 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Bijzondere procedure. Voorwaardelijk gunstig advies - 2013163 - district Antwerpen - Vormingsstation Noord ZN - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Ja

Regelgeving: bevoegdheid

In toepassing van artikel 4.7.26 § 4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening dient het college advies uit te brengen aan het Vlaamse gewest over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvrager: Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen
De aanvraag omvat: aanleg van plas- en drasgebieden binnen het natuurgebied "De Kuifeend"
Dossiernummer: HVN/B/P//2013163

Argumentatie

Het college beslist op basis van het bijgevoegd stedenbouwkundig verslag.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist het gunstig advies, zoals geformuleerd in het bijgevoegd stedenbouwkundig verslag, goed te keuren voor een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning, onder volgende voorwaarden:

  1. de werken dienen te gebeuren buiten het broedseizoen (dat wil zeggen dat voor 15 september niet mag gestart worden met de werken en dat alle werken ten laatste afgerond moeten zijn op 15 maart);
  2. alle werfverkeer moet langs vaste routes/trajecten gebeuren die op voorhand zijn vastgelegd tussen aannemer en beheerder om verstoring van bodem en vegetatie tot een minimum te beperken.

Artikel 2

Het college geeft opdracht aan:

Dienst Taak
SW/V/SV Het advies te bezorgen aan de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.

Bijlagen