Samenstelling
Aanwezig
Bart De Wever, burgemeester;
Koen Kennis, schepen;
Philip Heylen, schepen;
Ludo Van Campenhout, schepen;
Claude Marinower, schepen;
Marc Van Peel, schepen;
Rob Van de Velde, schepen;
Nabilla Ait Daoud, schepen;
Liesbeth Homans, schepen;
Roel Verhaert, stadssecretaris
Afwezig
Serge Muyters, waarnemend korpschef
Secretaris
Roel Verhaert, stadssecretaris
Voorzitter
Bart De Wever, burgemeester
2013_CBS_04988 - Milieuvergunningen Vlarem tijdelijke klasse 2 - Cadix Ontwikkeling, Kattendijkdok-Oostkaai 22, 2000 Antwerpen. Dossiernummer AN2013/177/PV - Goedkeuring
Motivering
Regelgeving: bevoegdheid
Artikel 37, §1 b) van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een tijdelijke milieuvergunningsaanvraag klasse 1 of 2.
Aanleiding en context
Aanvrager: Cadix Ontwikkeling - Heistraat 71 - 2610 Wilrijk-Antwerpen. De aanvraag omvat de tijdelijke exploitatie van een bronbemaling in het kader van stedenbouwkundige werken.
Argumentatie
Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Juridische grond
Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder voorafgaande schriftelijke vergunning of melding een als hinderlijk ingedeelde inrichting klasse 1, 2 of 3 mag exploiteren of veranderen.
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen beslist:
Artikel 1
Het college beslist een milieuvergunning tijdelijke klasse 2 goed te keuren aan Cadix Ontwikkeling, Heistraat 71, 2610 Wilrijk-Antwerpen, om op het perceel gelegen te 2000 Antwerpen, Kattendijkdok-Oostkaai 22, een bronbemaling te exploiteren.
Artikel 2
Het college wijst erop dat de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:
| algemene milieuvoorwaarden |
hoofdstuk 4.1; |
| algemene milieuvoorwaarden – lucht |
hoofdstuk 4.4; |
| algemene milieuvoorwaarden – geluid |
hoofdstuk 4.5; |
| algemene milieuvoorwaarden - licht |
hoofdstuk 4.6; |
| bedrijfsafvalwaters |
afdeling 5.3.2; |
| winning van grondwater |
hoofdstuk 5.53 en bijlage 5.53.1. |
Artikel 3
Het college beslist dat de volgende bijzondere voorwaarden van toepassing zijn:
- het installeren van de afvoerleidingen dient zo te gebeuren dat er geen risico op breuk of vallen bestaat. De leiding wordt periodiek gecontroleerd;
- indien nodig wordt een klip/klim melding gemaakt voor het uitvoeren van de ondergrondse kruising van de openbare weg;
- indien er werken worden uitgevoerd die een invloed kunnen hebben op de kaaimuren, dient men een toestemming te bekomen van de dienst Natte Infrastructuur (inlichtingen kaaimuren kan men bekomen bij deze dienst T +32 3 229 68 30- F +32 3 229 68 41);
- er mag geen water langs de kaaimuur stromen. De afvoerbuis dient tot onder de waterlijn geplaatst te worden;
- alle delen die uit het voorvlak van de kaaimuur steken dienen beschermd te worden door middel van een fendering of dergelijke.
Artikel 4
Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op 24 mei 2013 en eindigt op 24 mei 2014.
Artikel 5
Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen voor de stad of het OCMW.