Op 23 december 2011 (2011_CBS_17024) is door het college een ontwerper aangesteld om verschillende ontwikkelingsscenario's voor het masterplan 'Emiel Vloorsstraat' te onderzoeken. Het onderzoek omvat onder meer het onderzoek naar een gewenste ruimtelijke structuur en de haalbaarheid om gevraagde ruimtelijke programma's te ontwikkelen.
Volgende nieuwe ruimtelijke programma's zijn gevraagd:
Ruimtelijk programma De Lijn
De nieuwe stelplaats voor De Lijn is ter vervanging van de bestaande tramstelplaats in Hoboken en de busstelplaats in Zurenborg.
De busstelplaats Zurenborg ligt nabij een woonbuurt en grenst aan de verlaten gassite. Voor deze site wordt in het strategisch ruimtelijk structuurplan Antwerpen (s-RSA) een nieuwe bestemming als woongebied vooropgesteld. Eind 2005 besliste het stadsbestuur om voor het project ‘Nieuw Zurenborg’ een herbestemmingsdebat te voeren, met als twee onderdelen in het programma wonen en publieke groene ruimte.
Eind 2008 werd de gassite door AG VESPA aangekocht. Daarnaast heeft de stad Antwerpen nood aan een intentieovereenkomst met De Lijn om de gronden, waar de huidige busstelplaats zich bevindt, mee in de ontwikkeling te kunnen brengen. Hiervoor is eerst een akkoord nodig over de herlocatie van de busstelplaats. De exploitatievergunning voor de busstelplaats eindigt op 5 september 2016.
De huidige tramstelplaats aan de Van de Wouwerstraat is niet uitgerust om de nieuwe tramstellen die De Lijn wenst aan te schaffen, te stallen. Daarom zou de bestaande tramstelplaats aangepast en geherstructureerd moeten worden. Omwille van de ligging in een dicht woonweefsel, de hoge kosten van de herstructurering en doordat de milieuvergunning eindigt op 16 maart 2020 zijn deze werken op lange termijn niet duurzaam. Daarom wordt ook voor deze tramstelplaats naar een nieuwe locatie gezocht.
Op 13 februari 2009 (jaarnummer 1702) besliste het college de locatie Zuidelijke Knoop-Generaal Armstrongweg naar voor te schuiven als voorkeurslocatie voor stelplaats. Na bijkomend onderzoek blijkt dat dwars door de voorkeurslocatie mogelijk een aansluiting komt van een nieuwe op- en afrit van het lagere netwerk. Dit leidt tot de noodzaak om alternatieve locaties in beeld te brengen.
Op 29 oktober 2010 (jaarnummer 13266) neemt het college kennis van een aantal locaties die naar voor geschoven worden als mogelijke alternatieven:
Op 25 maart 2011 (jaarnummer 3190) besliste het college om de site Emiel Vloorsstraat naar voor te schuiven als voorkeurslocatie voor de zuidelijke tram- en busstelplaats, ter vervanging van de bestaande tramstelplaats in Hoboken en de busstelplaats in Zurenborg. Voor de gehele site dient een masterplan te worden opgemaakt en het opnemen van de stelplaats op de site is een harde randvoorwaarde.
Ruimtelijk programma stedelijke ateliers en depots
Het programma van de technische cluster zuid past binnen het masterplan 'Technische gebouwen: ateliers en bijhorende magazijnen'.
De visie achter dit masterplan is om een noordelijke en zuidelijke cluster voor stedelijke ateliers en bijhorende magazijnen te ontwikkelen dit ter vervanging van de verschillende locaties die momenteel binnen de stad Antwerpen zijn verspreid. Het samenbrengen van de logistieke processen laat toe de nodige middelen voor personeel, voertuigen, ruimte en materieel optimaal in te zetten. De besparing door een verbeterde organisatie is in een eerste raming begroot op een jaarlijks bedrag van circa 1.209.000,00 euro.
Ruimtelijk programma stedelijk onderwijs
Om het patrimonium van het stedelijk onderwijs af te stemmen op huidige en toekomstige uitdagingen werd een masterplan 'Stedelijk onderwijs' opgesteld.
In dit masterplan is de ontwikkeling van een noordelijke en een zuidelijke campus opgenomen. De technische campus zuid is geprojecteerd op de Emiel Vloorssite.
Het plangebied van het masterplan ‘Emiel Vloorsstraat’ wordt begrensd door de Generaal Armstrongweg, de Emiel Vloorsstraat en in het westen het waterzuiveringsstation. De spoorbundel ten noorden en ten westen van het plangebied grenst aan de overzijde aan Antwerp Blue Gate, het geplande watergebonden en eco-effectieve bedrijventerrein.
In het plangebied zijn diverse functies aanwezig, volgende clusters worden onderscheiden:
De stedenbouwkundige visie die door het studiebureau wordt voorgesteld gaat uit van een indeling van de site in vier ecologieën. Deze ecologieën onderscheiden zich in programma, typologie en schaal.
Ontwikkelingsscenario’s
Bij de uitwerking van de stedenbouwkundige visie in ecologieën is duidelijk dat de ruimteclaims van de gevraagde programma’s groter zijn dan de beschikbare ruimte.
Met name voor ‘ecologie 2’, komen volgende beperkingen naar voor:
Duidelijk is dat als gevolg van de te grote vraag naar ruimte niet alle programma’s mogelijk zijn. Volgende vier ontwikkelingsscenario’s zijn daarbij mogelijk.
Ontwikkelingsscenario 1
Dit scenario gaat uit van het behoud van de bestaande toestand waarbij volgende functies blijven:
Noch voor de stelplaats van De Lijn (1), noch voor de technische cluster zuid (2) wordt ruimte vrijgemaakt. Voor beide programma’s is een alternatieve locatie nodig.
1. Alternatieve locatie stelplaats De Lijn
Locatieonderzoek wijst uit dat twee locaties ruimtelijke potenties hebben, namelijk Blue Gate en de rijkswachtkazerne aan de Boomsesteenweg.
Blue Gate
Binnen het bedrijventerrein wordt een ruimte van circa 2,5 hectare gereserveerd. Voor De Lijn betekent dit dat ten opzichte van de locatie aan de Emiel Vloorsstraat een langere traminfrastructuur moet worden aangelegd. Anderzijds wordt interferentie met de verkeersafwikkeling op de Emiel Vloorsstraat vermeden.
Een stelplaats van De Lijn op Blue Gate biedt een opportuniteit voor de verkeersafwikkeling van Blue Gate en van Nieuw Zuid. De stelplaats kan uitgebouwd worden tot een tramverbinding voor dit deel van de stad Antwerpen waar belangrijke stadsontwikkelingsprojecten zijn gepland. De beschikbaarheid van openbaar vervoer biedt zowel voor de bereikbaarheid van Blue Gate als van Nieuw Zuid een meerwaarde.
Dit grijpt echter in op het businessplan van Blue Gate. Een berekening van de financiële gevolgen is nodig.
Rijkswachtkazerne Boomsesteenweg
Deze terreinen zijn eigendom van de federale staat. Een negotiatie met dit bestuursniveau is nodig. Een aankoop of ruil zal moeten voorzien worden.
Het voorzien van een stelplaats biedt ook voor het zuidelijke deel van de stad Antwerpen de opportuniteit om de nodige infrastructuur uit te bouwen tot een volwaardige tramverbinding richting Wilrijk.
2. Alternatieve locatie technische cluster zuid
Locatieonderzoek bracht ook voor dit programma Blue Gate en de rijkswachtkazerne aan de Boomsesteenweg als ruimtelijke potenties in beeld. Verder onderzoek naar de praktische en financiële haalbaarheid van deze twee alternatieve locaties is nodig.
Ontwikkelingsscenario 2
Dit scenario gaat uit van het schrappen van één bestaande functie waardoor er bijkomend circa 0,43 hectare oppervlakte vrijkomt. In dit scenario bedraagt de beschikbare oppervlakte in totaal circa 2,68 hectare.
De te schrappen functie is:
Een mogelijk nieuw programma op deze ruimte is:
Voor de stelplaats van De Lijn is een alternatieve locatie nodig. Hoewel de beschikbare oppervlakte van circa 2,68 hectare voldoet aan de oppervlaktevraag van De Lijn, blijkt dat de inrichtingsprincipes voor een stelplaats niet geprojecteerd kunnen worden op de morfologie van het terrein.
Zoals beschreven in ontwikkelingsscenario 1 hebben Blue Gate en de rijkswachtkazerne aan de Boomsesteenweg ruimtelijke potenties als alternatieve locatie voor de stelplaats van De Lijn.
Ontwikkelingsscenario 3
Dit scenario gaat uit van het schrappen van twee bestaande functies waardoor er bijkomend circa 2,20 hectare oppervlakte vrijkomt voor nieuwe programma’s. In dit scenario bedraagt de beschikbare oppervlakte in totaal circa 4,45 hectare (exclusief oppervlakte straat Kielsbroek).
De te schrappen functies zijn:
Mogelijkheden voor nieuwe programma’s in dit scenario zijn:
Zoals beschreven in ontwikkelingsscenario 1 hebben Blue Gate en de rijkswachtkazerne aan de Boomsesteenweg ruimtelijke potenties als alternatieve locatie voor zowel de stelplaats van De Lijn als voor de technische cluster zuid.
Ontwikkelingsscenario 4
Dit scenario gaat zoals ontwikkelingsscenario 3 uit van het schrappen van de beschutte werkplaats Antwerpen en het tankstation, en gaat bijkomend uit van het aanpassen van de concessiegrenzen van de Groothandelsmarkt om extra oppervlakte te creëren.
Door het schrappen van de beschutte werkplaats Antwerpen en het tankstation is er circa 4,45 hectare beschikbaar. Indien er voldoende ruimte binnen de concessie van de Groothandelsmarkt wordt vrijgemaakt, is een combinatie van de technische cluster zuid en de stelplaats De Lijn mogelijk. De ruimte die nodig is voor beide programma’s bedraagt circa 5,8 hectare.
Een onderhandeling over het wijzigen van de concessiegrens is nodig.
Timing ontwikkelingsscenario’s
Voor de ontwikkelingsscenario’s 2, 3 en 4 geldt dat het verdere planningsproces een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) vereist: de nieuwe ontwikkelingen zijn volgens de huidige bestemmingen in het bijzonder plan van aanleg (BPA) ‘Specifiek en duurzaam bedrijventerrein Groothandelsmarkt’ dat in 2003 werd goedgekeurd, niet vergunbaar. De opmaak van een RUP neemt twee jaar in beslag.
De verdere uitwerking van het masterplan, de opmaak van een RUP, de organisatie van het bouwen van een stelplaats op de Emiel Vloorssite en de verhuis vanuit Zurenborg, is niet mogelijk voor september 2016, de periode waarin de milieuvergunning voor de stelplaats op Zurenborg eindigt.
Zolang de Emiel Vloorssite of een alternatieve locatie niet beschikbaar is, is een tijdelijke verlenging van de milieuvergunning voor de stelplaats op Zurenborg nodig.
Het college beslist dat AG VESPA de financiële haalbaarheid van de vier ontwikkelingsscenario’s berekent.
Het college beslist dat AG VESPA een kosten-batenanalyse opmaakt van de vier ontwikkelingsscenario’s en deze voor de zomer van 2013 voorlegt aan het college.
Het college beslist dat de milieuvergunning voor het tankstation aan de Emiel Vloorsstraat in principe tijdelijk kan verlengd worden.
Het college beslist dat de stedenbouwkundige ontwikkelingsmogelijkheden van de stelplaats aan de Van De Wouwerstraat worden onderzocht.
Het college beslist dat de milieuvergunning voor de busstelplaats van De Lijn in Zurenborg in principe tijdelijk kan verlengd worden.
Het college geeft opdracht aan:
| Dienst | Opdracht |
| AG VESPA |
|
| AG VESPA en WNE |
|
| PO/G/HV |
|
| SW/BEL/R en SW/V/GSA |
|
| HO-SL/WO/SWO |
|
| SW/BEL/MOB |
|