Artikel 36,4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.
Aanvrager: Onze-Lieve-Vrouwinstituut vzw - Grotesteenweg 489 - 2600 Berchem-Antwerpen. De aanvraag omvat een school voor kleuter-, lager en algemeen secundair onderwijs.
Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijk inrichting mag exploiteren.
Het college beslist een milieuvergunning, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan Onze-Lieve-Vrouwinstituut vzw (Pulhof), Grotesteenweg 489, 2600 Berchem-Antwerpen, voor de inrichting gelegen op hetzelfde adres. De vergunning heeft als voorwerp het exploiteren van een school voor kleuter-, lager en algemeen secundair onderwijs.
Het college wijst erop dat de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:
Algemene voorwaarden:
|
algemene milieuvoorwaarden – algemeen |
hoofdstuk 4.1, 4.7, 4.9 en bijlagen 4.1.9.1.6, 4.1.9.2.3.1, 4.1.9.2.3.2, 4.1.9.2.3.4 en 4.8; |
|
algemene milieuvoorwaarden – geluid |
hoofdstuk 4.5 en bijlagen 2.2.1, 2.2.2, 4.5.1, 4.5.2,4.5.3, 4.5.4, 4.5.5 en 4.5.6; |
|
algemene milieuvoorwaarden – oppervlaktewater |
hoofdstuk 4.2 en bijlagen 4.2.5.1, 4.2.5.2 en 4.2.5.4. |
Sectorale voorwaarden:
|
elektriciteit |
hoofdstuk 5.12; |
|
schouwspelzalen |
afdelingen 5.32.3, 5.32.4 en 5.32.5; |
|
opslag van gevaarlijke stoffen / ondergrondse en bovengrondse houders |
afdeling 5.17.1, en bijlage 5.17.1; |
|
opslag van gevaarlijke stoffen: bovengrondse houders |
afdeling 5.17.3 en bijlagen 5.17.2 tot 5.17.4 en bijlage 5.17.7; |
|
niet in rubriek 2 en 28 begrepen verbrandingsinrichtingen |
algemene bepalingen en immissiecontroleprocedures - afdeling 5.43.1 + 5.43.4; |
|
niet in rubriek 2 en 28 begrepen verbrandingsinrichtingen - stookinstallaties, met uitzondering van gasturbines en stoom- en gasturbine-installaties – kleine stookinstallaties (300 kW-5 MW) |
subafdeling 5.43.2.3; |
|
niet-ingedeelde muziekactiviteiten |
hoofdstuk 6.7. |
Het college beslist dat de exploitant de volgende bijzondere- en brandweervoorwaarden dient na te leven:
Bijzondere voorwaarden:
Brandweervoorwaarden:
Hun aantal wordt zodanig bepaald dat de af te leggen afstand vanaf om het even welk punt tot het dichtst bijgelegen toestel niet meer bedraagt dan de lengte van de gebruikte haspels.
De haspels dienen gevoed met een leiding onder druk zodanig dat het debiet bij de minst bedeelde haspel gelijk is aan of groter dan 24 liter per minuut.
De leidingen voor bluswater dienen vervaardigd in staal of in een metaal dat minstens dezelfde waarborgen biedt.
De geplaatste muurhaspels dienen voorzien van een vergrendeling derwijze dat men het afsluitmondstuk niet kan verwijderen zonder het openen van een handbediende afsluiter op de watertoevoer.
De waterlevering moet te allen tijde, ook tijdens vorstperiode, gewaarborgd zijn.
Gezien de omvang van de school wordt het aanbevolen om eveneens muurhydranten te voorzien.
Er werd opgemerkt dat de meeste haspels niet goed opgerold waren. Periodiek onderhoud is ook op dit vlak vereist!
- nabij elke muurhaspel
- in risico-lokalen (labo's, keukens, ateliers, ... )
Verder dient men de overige snelblustoestellen van minstens één bluseenheid doelmatig te verdelen over de inrichting tot men in totaal over 1 toestel per 150 m² beschikt.
De uitgeefkanten van 70 mm diameter dienen bijkomend met gepaste afsluitkranen te worden uitgerust.
De aansluiting op het voedingsnet dient zodanig te zijn dat het maximum debiet onmiddellijk beschikbaar is bij gebruik van de hydranten.
De veiligheidsverlichting dient verder uitgebreid te worden zodanig dat de plaatsing en de verlichtingssterkte voldoende is om een gemakkelijke ontruiming te waarborgen.
De veiligheidsverlichting moet tenminste gedurende 1 uur zonder onderbreking kunnen functioneren.
Het rood kastje dient duidelijk zichtbaar gesignaleerd te zijn door middel van het opschrift: "brandweer interventieplan" en het logo van brandweer Antwerpen).
Als richtlijn voor het opstellen van het interventieplan wordt gebruikt gemaakt van het "Technisch Dossier nr.114 van het ANPI..
Het college beslist dat de milieuvergunning wordt verleend voor een periode van 240 maanden, met als startdatum de dag waarop de stedenbouwkundige vergunning definitief verleend wordt.
Het college beslist dat de vergunde inrichting in gebruik moet genomen binnen de 3 jaar vanaf de startdatum van deze vergunning, zoniet vervalt de vergunning van rechtswege.