Op 22 juli 2011 keurde de Vlaamse regering een startnota goed over het integreren van de milieuvergunning en de stedenbouwkundige vergunning tot een ‘omgevingsvergunning’. Deze startnota zou verder uitgewerkt worden in een conceptnota. De Vlaamse regering vroeg onder meer aan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) om hierover een formeel advies te formuleren tegen 30 november 2011. De conceptnota was echter niet tijdig beschikbaar.
Op 18 november 2011 nam het college kennis van de startnota omgevingsvergunning en de specifieke vragen die de VVSG hierover ten aanzien van de lokale besturen stelde. Op 25 november 2011 (jaarnummer 72) keurde het college een collegiale brief gericht aan de VVSG goed waarin een standpunt vanuit de stad Antwerpen werd geformuleerd.
Op 23 december 2011 keurde de Vlaamse regering twee conceptnota’s over de omgevingsvergunning goed.
In de conceptnota over de invoering van de omgevingsvergunning geeft de Vlaamse regering het uitgewerkt kader aan waarbinnen ze deze omgevingsvergunning zal realiseren. In de conceptnota wordt bepaald hoe de omgevingsvergunning in de praktijk vorm krijgt en worden duidelijke en concrete krachtlijnen vastgelegd voor de regelgeving. De krachtlijnen hebben betrekking op het toepassingsgebied van de omgevingsvergunning, de bevoegdheden, de procedure en de adviesverlening.
In de conceptnota over de invoering van een permanente milieu-/omgevingsvergunning gaat de Vlaamse regering er in beginsel van uit dat de omgevingsvergunning voor onbepaalde termijn zal worden verleend. De conceptnota's werden voorgelegd aan de VVSG, de Vereniging van Vlaamse Provincies (VVP), de Minaraad, de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening (SARO) en de Sociaal Economische Raad van Vlaanderen (SERV), die tegen 29 februari 2012 hun advies moesten verlenen. Daarna dient de Vlaamse minister voor het leefmilieu en de Vlaamse minister bevoegd voor ruimtelijke ordening de (op basis van de adviezen) bijgestelde conceptnota ter bespreking voor te leggen, een voorontwerp van kaderdecreet omgevingsvergunning en een besluit met een gesloten lijst van Vlaamse projecten op te stellen rekening houdend met de goedgekeurde principes van de conceptnota.
Op 17 februari 2012 nam het college (jaarnummer 1479) kennis van de conceptnota's omgevingsvergunning en keurde een collegiale brief goed die in nauw overleg met de stad Gent werd opgesteld. Als bijlage bij deze brief werd een apart advies met meer achtergrond bij ieder element gegeven. Dit advies werd omwille van de verschillende organisatorische structuur in de steden Gent en Antwerpen apart opgesteld maar was inhoudelijk gelijklopend.
Naar aanleiding van het besluit van 17 februari 2012 (1479) werd er een collegiale brief gericht aan de VVSG verstuurd en in kopie bezorgd aan minister-president van de Vlaamse regering Kris Peeters, viceminister-president Ingrid Lieten, viceminister-president Geert Bourgois, minister voor ruimtelijke ordening Philippe Muyters en de minister voor Leefmilieu Joke Schauvliege.
Tot op heden ontving de stad Antwerpen nog geen reactie op de verstuurde brief. Evenmin vallen er in de voorstellen, die in de werkgroep van de VVSG ter tafel liggen, wijzigingen op die doen vermoeden dat met onze voorstellen rekening wordt gehouden.
Het college beslist daarom om bij wijze van herinnering een nieuwe collegiale brief te versturen aan VVSG, waarin de standpunten en adviezen van de stad Antwerpen nogmaals worden toegelicht. Ook deze brief wordt in kopie bezorgd aan brief aan minister-president van de Vlaamse regering Kris Peeters, vice-minister-president Ingrid Lieten, viceminister-president Geert Bourgois, minister voor ruimtelijke ordening Philippe Muyters, minister voor leefmilieu Joke Schauvliege en het kenniscentrum Vlaamse steden.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.
Het milieuvergunningsdecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd en uitvoeringsbesluiten Vlarem I en II.
Het college beslist de collegiale brief, samen met de reeds verstuurde brieven als bijlage, gericht aan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten vzw goed te keuren en in kopie te bezorgen aan minister-president van de Vlaamse Regering Kris Peeters, viceminister-president Ingrid Lieten, viceminister-president Geert Bourgois, minister voor ruimtelijke ordening Philippe Muyters en de minister voor Leefmilieu Joke Schauvliege.