De bedrijfseenheid stadsontwikkeling zal de nodige signalisatie aanbrengen. Er zijn dus geen rechtstreekse financiële gevolgen.
Volgens artikels 42§3 en 43§2 van het Gemeentedecreet is enkel de gemeenteraad bevoegd voor het vaststellen van de gemeentelijke reglementen.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
Op 2 mei 2011 (jaarnummer 684) keurde de gemeenteraad het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Guldensporenstraat in het district Borgerhout goed.
Op 21 maart 2012 en 4 mei 2012 ontving het Gemeentelijk Autonoom Parkeerbedrijf Antwerpen (Parkeerbedrijf) telkens de vraag van een bewoner van de Guldensporenstraat om een voorbehouden parkeerplaats voor personen met een handicap in de nabijheid van de woning in te richten.
De te reglementeren openbare weg behoort tot het beheer van de stad.
Het Parkeerbedrijf stelt voor het aanvullend verkeersreglement als volgt aan te passen:
Onderzoek heeft uitgewezen dat de aanvragers in aanmerking komen om een parkeerplaats voor personen met een handicap in te richten in de nabijheid van de woningen.
Overeenkomstig het collegebesluit van 6 juli 2007 (jaarnummer 8652) werd na het gunstig advies van de verkeerspolitie en het bedrijf stadsontwikkeling/ruimte,mobiliteit/mobiliteit, gevraagd de verkeerssignalisatie voor de parkeerplaats voorbehouden voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap al te plaatsen.
De parkeerbalans blijft ongewijzigd.
Het college keurt goed om het aanvullend verkeersreglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Guldensporenstraat in het district Borgerhout, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 2 mei 2011 (jaarnummer 684) op te heffen en te vervangen door:
Artikel 1: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap:
ter hoogte van het nummer 5 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 137 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 155 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 28 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 72 (een plaats).
De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.
Artikel 2: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.
Artikel 3: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.
Het college beslist dit aanvullend reglement ter kennisgeving over te maken aan de Afdeling Beleid Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Vlaamse overheid.