De bedrijfseenheid stadsontwikkeling zal de nodige signalisatie aanbrengen. Er zijn dus geen rechtstreekse financiële gevolgen.
Volgens artikels 42§3 en 43§2 van het Gemeentedecreet is enkel de gemeenteraad bevoegd voor het vaststellen van de gemeentelijke reglementen.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
Op 19 december 2011 (jaarnummer 1395) keurde de gemeenteraad het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Melgesdreef in het district Merksem goed.
Op 4 juni 2012 ontving het Gemeentelijk Autonoom Parkeerbedrijf Antwerpen (Parkeerbedrijf) de vraag van een bewoner van de Melgesdreef om een voorbehouden parkeerplaats voor personen met een handicap in de nabijheid van zijn woning in te richten.
De te reglementeren openbare weg behoort tot het beheer van de stad.
Het Parkeerbedrijf stelt voor het aanvullend verkeersreglement als volgt aan te passen:
Onderzoek heeft uitgewezen dat de aanvrager in aanmerking komt om een parkeerplaats voor personen met een handicap in te richten in de nabijheid van de woning.
Overeenkomstig het collegebesluit van 6 juli 2007 (jaarnummer 8652) werd na het gunstig advies van de verkeerspolitie en het bedrijf stadsontwikkeling/ruimte,mobiliteit/mobiliteit, gevraagd de verkeerssignalisatie voor de parkeerplaats voorbehouden voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap al te plaatsen.
De parkeerbalans blijft ongewijzigd.
Het college keurt goed om het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Melgesdreef in het district Merksem, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 19 december 2011 (jaarnummer 1395) op te heffen en te vervangen door:
Artikel 1: de bestuurders rijdend van de Bredabaan naar de Catershoflaan moeten ter hoogte van de uitstulpingen aan nummer 103 en nummer 19 voorrang verlenen aan de bestuurders komend uit de tegenovergestelde richting.
De verkeersborden B19 en B21 worden aangebracht.
Artikel 2: het eenrichtingsverkeer, uitgezonderd voor fietsers en bestuurders van bromfietsen klasse A, wordt ingevoerd in het gedeelte begrepen tussen het Leiebos en de Bredabaan, met toegelaten rijrichting naar de Bredabaan.
De verkeersborden C1 en F19 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 3: over de ganse lengte van de straat wordt langs de beide zijden een gedeelte van de openbare weg voorbehouden voor voetgangers, fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A.
Het verkeersbord D9 wordt aangebracht.
Artikel 4: het parkeren wordt verboden, van maandag tot en met vrijdag, van 7.00 tot 17.00 uur, langs de oneven zijde, van het nummer 113 over een afstand van 25 meter.
Het verkeersbord E1 met onderbord wordt aangebracht.
Artikel 5: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap, langs de even zijde, ter hoogte van het nummer 254 (een plaats).
Het verkeersbord E9a met onderbord wordt aangebracht.
Artikel 6: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan:
Artikel 7: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.
Artikel 8: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.
Het college beslist dit aanvullend reglement ter kennisgeving over te maken aan de Afdeling Beleid Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Vlaamse overheid.