Op 16 november 2009 (jaarnummer 16290) stelde de bedrijfseenheid marketing & communicatie het marketingconcept en de basisprincipes van de A-kaart voor aan het college. Het collegebesluit schetst het kader voor de A-kaart binnen het Bestuursakkoord 2007-2012. Het geeft tevens een eerste aanzet voor enkele basisprincipes van de A-kaart: marketingdoelstellingen, fasering van project en aanbod, werking van de kaart, distributiemodel, financieel model en de rolverdeling bij de betrokken bedrijfseenheden.
Op 11 juni 2010 (jaarnummer 7227) stelde de bedrijfseenheid marketing & communicatie het verfijnde marketingconcept voor de A-kaart aan het college voor. Het collegebesluit verduidelijkt het doel en de werking van de kaart, gaat dieper in op de procedure om een A-kaart aan te vragen, de kostprijs van de kaart, haar geldigheidsduur en de locaties waar men met de A-kaart terecht kan. Het collegebesluit schetst eveneens het globale communicatieplan, geeft meer uitleg bij de gebruikte technologie en licht de projectplanning verder toe.
Op 1 oktober 2010 (jaarnummer 12102) keurde het college het reglement voor de A-kaart goed en besliste het ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad. Op 25 oktober 2010 (jaarnummer 1447) keurde de gemeenteraad dit reglement goed. In dit reglement worden volgende criteria opgesomd waaraan partners moeten voldoen:
De bevoegdheid om de toetreding van organisatoren tot het A-kaartprogramma goed te keuren, werd in artikel 1. 1.3 van dit besluit gedelegeerd aan het college.
Stad Antwerpen stelt in haar Bestuursakkoord 2007-2012 (rubriek 445) dat elke Antwerpenaar recht heeft op vrijetijdsbeleving en dat de stad in het bijzonder kansengroepen tot actieve deelname wil aanzetten.
De stad wil de A-kaart gebruiken als een instrument om de participatie te bevorderen aan culturele, sportieve en vrijetijdsactiviteiten, met een bijzondere aandacht voor mensen met een beperkt inkomen, op basis van het zogenaamde omnio-statuut of het recht op verhoogde tegemoetkoming.
De A-kaart en alle communicatie errond verloopt in grote mate digitaal: A-kaarthouders sparen aan een mini-pc in een A-kaartzuil, ze worden via e-mail en website op de hoogte gebracht van acties en evenementen en men kan digitaal het eigen profiel raadplegen. Om de A-kaart te introduceren bij mensen die minder vertrouwd zijn met digitale toepassingen, wordt er een samenwerking opgezet met de verschillende digipunten die actief zijn in de stad.
In een digipunt kunnen mensen terecht om basiscomputercursussen te volgen of om vrij gebruik te maken van een pc. De digipunten richten zich vooral tot kansengroepen die geen of weinig computerervaring hebben of die moeilijk toegang hebben tot een computer met internetaansluiting. Zo maken ook deze groepen kennis met en gebruik van nieuwe (digitale) media.
Na overleg werd door Atel vzw beslist als partner mee in te stappen in het A-kaartprogramma. Het digipunt zal de A-kaart op twee manieren actief gebruiken in haar eigen werking:
Met Atel vzw wordt hierover een overeenkomst afgesloten die als bijlage wordt toegevoegd.
De A-kaartsoftware wordt ontwikkeld voor het hele A-kaartprogramma en gebruikt op alle locaties. Het gebruik van deze software bij de verschillende digipunten heeft voor de stad dus geen bijkomende financiële gevolgen.
Het college keurt de samenwerkingsovereenkomst tussen stad Antwerpen en Atel vzw goed.