Terug

2012_CBS_12273 - Aanpassing verkeersreglement - Districten Berchem en Wilrijk. Ringlaan - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 30/11/2012 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roeland Gielen, plaatsvervangend stadssecretaris

Afwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Serge Muyters, waarnemend korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Roeland Gielen, plaatsvervangend stadssecretaris
2012_CBS_12273 - Aanpassing verkeersreglement - Districten Berchem en Wilrijk. Ringlaan - Goedkeuring 2012_CBS_12273 - Aanpassing verkeersreglement - Districten Berchem en Wilrijk. Ringlaan - Goedkeuring

Motivering

Algemene financiële opmerkingen

De bedrijfseenheid stadsontwikkeling zal de nodige signalisatie aanbrengen. Er zijn dus geen rechtstreekse financiële gevolgen.

Regelgeving: bevoegdheid

Volgens artikels 42§3 en 43§2 van het Gemeentedecreet is enkel de gemeenteraad bevoegd voor het vaststellen van de gemeentelijke reglementen.

De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.

Aanleiding en context

Op 16 februari 2009 (jaarnummer 324) keurde de gemeenteraad het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Ringlaan in de districten Berchem en Wilrijk goed.

Op 21 augustus 2012 ontving het Gemeentelijk Autonoom Parkeerbedrijf Antwerpen (Parkeerbedrijf) de vraag van een bewoner van de Ringlaan om een voorbehouden parkeerplaats voor personen met een handicap in de nabijheid van zijn woning in te richten.

De te reglementeren openbare weg behoort tot het beheer van de stad.

Argumentatie

Het Parkeerbedrijf stelt voor het aanvullend verkeersreglement als volgt aan te passen:

  • inrichten van een parkeerplaats voorbehouden voor personen met een handicap ter hoogte van nummer 89 in het gemarkeerde parkeervak.

Onderzoek heeft uitgewezen dat de aanvrager aan de voorwaarden voldoet om een parkeerplaats voor personen met een handicap in te richten in de nabijheid van de woning.

De parkeerbalans blijft ongewijzigd.

Juridische grond

  1. de wet van 16 maart 1968 betreffende de politie van het wegverkeer;
  2. het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement betreffende de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg;
  3. het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald;
  4. het ministerieel rondschrijven van 14 november 1977 betreffende de aanvullende reglementen en de plaatsing van de verkeerstekens;
  5. gemeenteraadsbesluit van 22 oktober 2001 (jaarnummer 2208) waarbij de statuten van het Gemeentelijk Autonoom Parkeerbedrijf (Parkeerbedrijf) werden goedgekeurd;
  6. gemeenteraadsbesluit van 24 maart 2003 (jaarnummer 414) waarbij de beleids- en samenwerkingsovereenkomst met de stad werd goedgekeurd;
  7. de ministeriële rondzendbrief van 25 april 2003 betreffende parkeerplaatsen, voorbehouden voor personen met een handicap;
  8. het collegebesluit van 19 december 2001 (jaarnummer 13659) dat de richtlijnen vastlegde waaraan de aanvraag voor een parkeerplaats voor personen met een handicap moet voldoen;
  9. collegebesluit van 6 juli 2007 (jaarnummer 8652) waarbij gevraagd wordt de verkeerssignalisatie voor de voorbehouden parkeerplaatsen voor voertuigen gebruikt door personen met een handicap, na gunstig advies van de verkeerspolitie en de dienst stadsontwikkeling/ruimte, mobiliteit/mobiliteit, reeds te plaatsen.

Adviezen

Gunstig advies
Gunstig advies
Gunstig advies
Gunstig advies

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt goed om het aanvullend verkeersreglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Ringlaan in de districten Berchem en Wilrijk, gestemd in de zitting van 16 februari 2009 (jaarnummer 324) op te heffen en te vervangen door:

Artikel 1: de bestuurders rijdend op de rotonde, genieten voorrang op de bestuurders rijdend in alle daarop uitmondende openbare wegen.

De verkeersborden B1 en D5 worden aangebracht.

Artikel 2: het eenrichtingsverkeer wordt ingevoerd:

  • in de dwarsverbinding ter hoogte van het nummer 1, met toegelaten rijrichting van de even naar de oneven zijde;
  • in de dwarsverbinding ter hoogte van het nummer 109, met toegelaten rijrichting van de oneven naar de even zijde.

De verkeersborden C1 worden aangebracht.

Artikel 3: een verplicht fietspad, uitgezonderd voor de bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse B, wordt aangelegd:

  • langs beide zijden, tussen de Grotesteenweg en de Floraliënlaan;
  • op de rotonde van het kruispunt met de Floraliënlaan;
  • langs de even zijde, van voor nummer 66 tot de scheiding van de nummers 72/74;
  • langs de oneven zijde, van voor nummer 67 tot de scheiding van de nummers 69/71.

De verkeersborden D7 met onderbord worden aangebracht.

Artikel 4: het parkeren wordt verboden:

  • langs de beide zijden van de dwarsverbinding ter hoogte van het kruispunt met de Wolfbeemdstraat en Ceurvorstlaan;
  • rond gans het middeneiland aan het kruispunt met de Wolfbeemdstraat en de Ceurvorstlaan;
  • langs beide zijden van de dwarsverbinding ter hoogte van het kruispunt met de Bourcetstraat;
  • tegenover de taxistaanplaatsen in de dwarsverbinding ter hoogte van het kruispunt met de Grotesteenweg tot het nummer 3.

Een gele onderbroken streep wordt op de trottoirband aangebracht.

Artikel 5: het parkeren wordt verboden:

  • langs de even zijde, vanaf de Floraliënlaan tot het nummer 16;
  • langs de oneven zijde, vanaf de Grotesteenweg tot de Floraliënlaan.

De verkeersborden E1 worden aangebracht.

Artikel 6: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor de voertuigen gebruikt door personen met een handicap:

  • langs de even zijde:

tegenover het nummer 34 (een plaats);
ter hoogte van het nummer 78 (een plaats);

  • op de middenberm, langs de even zijde, tegenover de nummers 52/54 (een plaats).
  • langs de oneven zijde, ter hoogte van het nummer 89 (een plaats).

De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.

Artikel 7: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor taxi’s, langs een zijde van de dwarsverbinding ter hoogte van de Grotesteenweg (zijde Grotesteenweg, twee plaatsen).

De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.

Artikel 8: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor personenauto’s, auto’s voor dubbel gebruik, minibussen en motorfietsen, in de aangelegde parkeervakken op de middenberm:

  • langs de even zijde:

vanaf het nummer 8 tot de scheiding van de nummers 14/16;
vanaf nummer 22 tot de scheiding van de nummers 50/52;

  • langs de oneven zijde:

vanaf nummer 19 tot de scheiding van de nummers 49/51;
vanaf nummer 3 tot het nummer 17.

De verkeersborden E9b worden aangebracht.

Artikel 9: de rijbaan wordt tussen nummer 16 en het nummer 8 verdeeld in rijstroken.

Artikel 10: de rijbaan wordt tussen het nummer 6 en de Grotesteenweg verdeeld in rijstroken.

Voorsorteringspijlen en een stopstreep worden gemarkeerd, langs de even zijde, voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Grotesteenweg.

Het verkeersbord F13 wordt aangebracht.

Artikel 11: een fietspad wordt gemarkeerd door twee evenwijdige witte onderbroken strepen:

  • langs de even zijde:

van de Prins Boudewijnlaan tot de scheiding van de nummers 74/72;
van voor het nummer 66 tot de scheiding van de nummers 60/62;

  • langs de oneven zijde:

van de Prins Boudewijnlaan tot de scheiding van de nummers 69/71;
van voor nummer 67 tot de scheiding van de nummers 59/61.

Artikel 12: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan:

  • ter hoogte van de Prins Boudewijnlaan;
  • ter hoogte van het kruispunt met de Wolfbeemdstraat en de Ceurvorstlaan;
  • langs beide zijden van de rotonde aan de Floraliënlaan;
  • ter hoogte van het kruispunt met de Bourcetstraat;
  • ter hoogte van het kruispunt met de Grotesteenweg.

Artikel 13: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen, in de aangelegde parkeerzones op de middenberm:

  • langs de even zijde:

vanaf het nummer 8 tot de scheiding van de nummers 14/16;
vanaf nummer 22 tot de scheiding van de nummers 50/52;

  • langs de oneven zijde:

vanaf nummer 19 tot de scheiding van de nummers 49/51;
vanaf nummer 3 tot het nummer 17.

Artikel 14: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.

Artikel 15: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden taxistaanplaatsen ter hoogte van de Grotesteenweg.

Artikel 16: parkeerzones worden gemarkeerd door middel van witte markeringen:

  • langs de even zijde, vanaf de Prins Boudewijnlaan tot de scheiding van de nummers 72/74;
  • langs de oneven zijde, vanaf de scheiding van de nummers 69/71 tot de scheiding van de nummers 99/101.

Artikel 17: de rijbaan wordt, langs de oneven zijde, tussen nummer 107 en de Prins Boudewijnlaan verdeeld in rijstroken.

Voorsorteringspijlen en een stopstreep worden gemarkeerd voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Prins Boudewijnlaan.
Een opstelvak voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen wordt gemarkeerd, langs de oneven zijde, ter hoogte van het kruispunt met de Prins Boudewijnlaan.

Het verkeersbord F14 wordt aangebracht.

Artikel 18: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.

Artikel 2

Het college beslist dit aanvullend reglement ter kennisgeving over te maken aan de Afdeling Beleid Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Vlaamse Overheid.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen voor de stad of het OCMW.