De stad Antwerpen draagt de beleidsverantwoordelijkheid van taken en activiteiten van ‘gemeentelijk belang’ en organiseert deze zelf onder meer onder de vorm van diensten, intern en extern verzelfstandigde agentschappen of heeft deze exclusief toevertrouwd door middel van beheersoverdracht aan intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.
Zo heeft de stad Antwerpen het beheer van de infrastructuren met betrekking tot netbeheer (gas, elektriciteit, kabel, waterdistributie en riolen) toevertrouwd aan intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.
Door de beheersoverdrachten houdt de stad Antwerpen belangrijke participaties aan in de verschillende intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, die actief zijn in verschillende beleidsdomeinen en in verschillende werkingsgebieden.
Ze hebben ook verschillende organisatiestructuren.
De intergemeentelijke samenwerkingsverbanden vallen onder de bepalingen van het decreet van intergemeentelijke samenwerking en opereren verder binnen specifieke Europese en verschillende Vlaamse regelgevende/regulerende kaders (onder andere energiedecreet, milieudecreet, drinkwaterdecreet, binnen programmadecreet gereorganiseerde watersector met gemeentelijke saneringsplicht en ééngemaakte waterfactuur, …).
De stad Antwerpen participeert bovendien in een aantal financieringsentiteiten verbonden aan deze intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.
Vaststelling is, voornamelijk bij de financieringsentiteiten, dat het aantal vennootschappen en tussenvennootschappen en de onderlinge verbanden complex en ondoorzichtig zijn en dat de invloed van de stad Antwerpen ten aanzien van het beleid van deze maatschappijen ten gevolge van deze versnippering sterk verwaterd is.
Ten opzichte van al deze entiteiten bevindt de stad Antwerpen zich in verschillende hoedanigheden: als aandeelhouder, als bestuurder, als contractant, als klant en als politiek (beleids)verantwoordelijke voor wat betreft de dienstverlening en tarifering van deze entiteiten aan haar burgers enerzijds en voor wat betreft de activiteiten die deze entiteiten elk voor zich ontplooien op haar grondgebied (openbaar domein) anderzijds.
Deze entiteiten genereren tevens voor de stad Antwerpen substantiële opbrengsten onder de vorm van dividenden en vergoedingen.
De stad Antwerpen wenst deze entiteiten die werken in specifieke beleidsdomeinen:
zodat ook duidelijkheid is in de verschillende financieringsbehoeften en er prioriteiten gesteld kunnen worden.
Daarom diende onderzocht te worden met welke organisatorische structuur en op welke wijze dit het best kan gerealiseerd worden vanuit de stad Antwerpen.
Tegelijkertijd diende onderzocht te worden welke rol de stad Antwerpen kan opnemen in de ontwikkeling van decentrale energieproductie en collectieve warmtenetten en welk vehikel hiervoor best gebruikt wordt.
Op 27 januari 2012 keurde het college bestek 2011/951 voor het aanstellen van een extern studiebureau met betrekking tot de optimale organisatie van de lokale samenwerkingsverbanden goed.
Op 20 april 2012 keurde het college de gunning van de studieopdracht aan KPMG goed.
Op 28 juni 2012 legde KMPG de eindresultaten van de studie naar de optimale organisatie van de lokale samenwerkingsverbanden aan de stuurgroep voor. De stuurgroep bestaat uit:
De eindresultaten van de studie naar de optimale organisatie van de lokale samenwerkingsverbanden worden aan het college gepresenteerd.
Het college neemt kennis van de presentatie van KPMG over de eindresultaten van het onderzoek naar de optimale organisatie van de lokale samenwerkingsverbanden.