Terug

2012_CBS_11891 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 3 bijzondere voorwaarden - Besix nv, Ellermanstraat 23, 2060 Antwerpen. Dossiernummer AN2012/522/PV - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 23/11/2012 - 09:00 digitaal
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_11891 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 3 bijzondere voorwaarden - Besix nv, Ellermanstraat 23, 2060 Antwerpen. Dossiernummer AN2012/522/PV - Kennisneming 2012_CBS_11891 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 3 bijzondere voorwaarden - Besix nv, Ellermanstraat 23, 2060 Antwerpen. Dossiernummer AN2012/522/PV - Kennisneming

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4 § 1 van Vlarem I bepaalt dat het college akte moet nemen van meldingen van klasse 3-inrichtingen.

Aanleiding en context

Meldingen van klasse 3-inrichtingen worden conform de wetgeving aan het college bekendgemaakt. De melding opgenomen als bijlage werd op de dienst milieuvergunningen binnengebracht en geregistreerd.

Argumentatie

De volgende melding van klasse 3-inrichting(en) werd volledig en ontvankelijk bevonden zodat van deze melding akte kan worden genomen zoals voorzien in de Vlarem-procedure.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder voorafgaande en schriftelijke vergunning of melding een als hinderlijk ingedeelde inrichting klasse 1, 2 of 3 mag exploiteren of veranderen.
Artikel 4 § 2 van het milieuvergunningendecreet bepaalt dat niemand zonder daarvan vooraf melding te hebben gemaakt, een inrichting die tot de klasse 3 behoort, mag exploiteren of veranderen.
Artikel 20 van het milieuvergunningendecreet en artikel 3.3.0.2 van Vlarem II bepalen dat aan inrichtingen van klasse 3 bijzondere vergunningswaarden kunnen worden opgelegd.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt akte van de klasse 3-inrichting zoals vermeld in het verslag van de dienst milieuvergunningen dat werd opgenomen als bijlage.

Artikel 2

Het college beslist dat de exploitant volgende algemene en sectorale voorwaarden dient na te leven:

algemene milieuvoorwaarden hoofdstuk 4.1
algemene milieuvoorwaarden, geluid hoofdstuk 4.5
algemene milieuvoorwaarden, oppervlaktewater hoofdstuk 4.2
elektriciteit hoofdstuk 5.12
garages en parkeerplaatsen hoofdstuk 5.15
gassen, algemeen hoofdstuk 5.16, afdeling 5.16.1
gassen, compressoren en koelinrichtingen hoofdstuk 5.16, afdeling 5.16.3
gassen, opslagplaatsen in verplaatsbare recipiënten hoofdstuk 5.16, afdeling 5.16.5
gevaarlijke producten, algemene bepalingen hoofdstuk 5.17, afdeling 5.17.1
gevaarlijke producten, opslag in bovengrondse houders hoofdstuk 5.17, afdeling 5.17.3
hout, algemeen hoofdstuk 5.19, afdeling 5.19.1
bouwmaterialen en minerale producten algemeen hoofdstuk 5.30, afdeling 5.30.0
bouwmaterialen en minerale producten hoofdstuk 5.30, afdeling 5.30.1 en bijlage 5.30.1
winning van grondwater hoofdstuk 5.53 en bijlage 5.53.1
boringen hoofdstuk 5.55

 

Artikel 3

Het college beslist dat de exploitant volgende bijzondere voorwaarden dient na te leven:

  • het bevestigen van de leiding aan de brug dient zo te gebeuren dat er geen risico op breuk of vallen bestaat. De leiding wordt periodiek gecontroleerd om te zien of ze nog goed bevestigd is;
  • indien nodig wordt een klip/klim melding gemaakt voor het uitvoeren van de ondergrondse kruising van de openbare weg;
  • men dient op te passen voor de ondergrondse kaaimuurelementen van het Asiadok. Deze ondergrondse kaaimuurinstallaties kunnen zich tot diverse meters landinwaarts bevinden. Indien men werken uitvoert in de omgeving of indien men werken uitvoert die een invloed kunnen hebben op de kaaimuren, dient men een toestemming te bekomen van de dienst Natte Infrastructuur (Inlichtingen kaaimuren kan men bekomen bij deze dienst T +32 3 229 68 30- F +32 3 229 68 41);
  • er mag geen water langs de kaaimuur stromen. De afvoerbuis dient tot onder de waterlijn geplaatst te worden;
  • alle delen die uit het voorvlak van de kaaimuur steken dienen beschermd te worden door middel van een fendering of dergelijke.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen voor de stad of het OCMW.