Terug

2012_CBS_07501 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20123887 - district Antwerpen - Dolfijnstraat 63 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/07/2012 - 10:30 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_07501 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20123887 - district Antwerpen - Dolfijnstraat 63 - Goedkeuring 2012_CBS_07501 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20123887 - district Antwerpen - Dolfijnstraat 63 - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvrager: Van den Bergh-Wuyts
De aanvraag omvat: verbouwen van een eengezinswoning
Dossiernummer: NAN3/B/20123887

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:
  • het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
  1. de badkamer op de derde verdieping uit te voeren als bergruimte;
  2. de dakvlakramen in de kamer op de derde verdieping te voorzien met een minimale lichtdoorlatende oppervlakte van 2,4 vierkante meter en op een hoogte tussen één en twee meter gemeten vanaf het loopvlak van de verblijfsruimte.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.

Bijlagen