Terug

2012_CBS_05789 - Verzelfstandigde bedrijven van Groep Stad Antwerpen - Plan van aanpak omvorming. Stand van zaken en verdere stappen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 15/06/2012 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_05789 - Verzelfstandigde bedrijven van Groep Stad Antwerpen - Plan van aanpak omvorming. Stand van zaken en verdere stappen - Goedkeuring 2012_CBS_05789 - Verzelfstandigde bedrijven van Groep Stad Antwerpen - Plan van aanpak omvorming. Stand van zaken en verdere stappen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Op 9 juli 2010 (jaarnummer 8769) besliste het college om een taskforce op te richten om de omvorming van de dochters van Groep Stad Antwerpen volgens de wettelijke bepalingen te laten verlopen. De taskforce diende te worden samengesteld met vertegenwoordigers van het college, de dochters en de werkgroep verzelfstandiging. De voorzitters en algemene directeurs van GAPA en AG VESPA dienden in elk geval te worden uitgenodigd om deel uit te maken van de taskforce.

Op 10 september 2010 (jaarnummer 11038) nam het college kennis van de samenstelling van de taskforce.

Op 8 april 2011 keurde het college (jaarnummer 3780) het plan van aanpak voor de omvorming van de verzelfstandigde entiteiten van Groep Stad Antwerpen goed en de lijst van organisaties die taken van gemeentelijk belang zullen uitvoeren.

Argumentatie

De taskforce omvormingen heeft (op de eerste bijeenkomst van de taskforce omvormingen van 21 oktober 2010) haar opdracht als volgt geformuleerd:

  • uitwerken van een stadsbreed plan van aanpak om alle bestaande organisaties te conformeren aan het Gemeentedecreet;
  • mogelijke opportuniteiten bekijken op het vlak van bestuurlijke organisatie.

Het college keurde op 8 april 2011 (jaarnummer 3780) het stadsbreed plan van aanpak goed, zoals dit werd voorgesteld door de taskforce omvormingen.

Dit stadsbreed plan van aanpak bestaat uit 2 stappen:

  • stap 1: bekijken welke organisaties taken van gemeentelijk belang uitvoeren en welke organisaties enkel belast zijn met taken die niet van gemeentelijk belang zijn;
  • stap 2:
    • voor de organisaties met taken van gemeentelijk belang: bekijken welke rechtsvorm de meest aangewezen rechtsvorm voor de toekomst is, met toepassing van een cascaderedenering;
    • voor de organisaties die geen taken van gemeentelijk belang uitvoeren: bekijken welke technische aanpassingen nodig zijn om deze organisaties in overeenstemming te brengen met het Gemeentedecreet.

In het voorjaar van 2011 formuleerde de taskforce omvormingen (na de tweede bijeenkomst van de taskforce omvormingen op 26 januari 2011) een voorstel om – in uitvoering van stap 1 – het onderscheid te maken tussen:

  • organisaties die taken van gemeentelijk belang uitvoeren;
  • organisaties die geen taken van gemeentelijk belang uitvoeren.

Het college keurde op 8 april 2011 (jaarnummer 3780) een nominatieve lijst van organisaties goed die beschouwd zullen worden als organisaties die belast zijn met taken van gemeentelijk belang, en gaf opdracht aan de taskforce omvormingen om - in uitvoering van stap 2 van het plan van aanpak - een voorstel te formuleren voor de omvorming, oprichting of voor het doorvoeren van een aantal technische aanpassingen.

Als fase 1 in uitvoering van stap 2 van het stappenplan werd in het najaar 2011 gevraagd aan de bestaande vzw's om te inventariseren waarom, na omvorming, een externe verzelfstandiging noodzakelijk is voor de werking. De aangehaalde argumenten werden gepresenteerd aan de taskforce omvormingen op 23 januari 2012 waarop ook de bedrijfsdirecteur financiën en de bedrijfsdirecteur personeel werden uitgenodigd. Het bleek dat het merendeel van aangehaalde argumenten betrekking heeft op de interne werking/processen van de stedelijke administratie, met name de personeels-, financiële en besluitvormingsprocessen.

De taskforce omvormingen gaf op basis van deze vaststelling opdracht tot fase 2 in uitvoering van stap 2 van het stappenplan, namelijk om in werkgroepen na te gaan voor welke argumenten er binnen de stedelijke administratie (inclusief interne verzelfstandigde agentschappen) mogelijkheden bestaan om tegemoet te komen aan de aangehaalde argumenten. Op 25 april 2012 nam de taskforce omvormingen kennis van de resultaten van deze besprekingen.

Deze resultaten worden nu ter kennisgeving aan het college voorgelegd (in bijlage).

Op basis van de werkgroepen waarin werd nagegaan voor welke argumenten er binnen de stedelijke administratie (inclusief interne verzelfstandigde agentschappen) mogelijkheden bestaan om tegemoet te komen aan de aangehaalde argumenten, kan vanuit de administratie volgende conclusie getrokken worden:

  • Bijna alle bestaande vzw’s voor wie de argumenten tot externe verzelfstandiging werden geïnventariseerd, kunnen in principe op basis van de gevoerde besprekingen ingekanteld worden in de stedelijke administratie of omgevormd worden naar een intern verzelfstandigd agentschap. Enkel voor de vzw Musea en Erfgoed Antwerpen vormt de bouw- en exploitatiefinanciering van het MAS een argument om te kiezen voor een externe verzelfstandiging voor minstens een deel van de activiteiten van de huidige vzw. Dit neemt niet weg dat er ook voor deze vzw moet bekeken worden of er bepaalde optimalisaties mogelijk zijn.
  • De besprekingen tonen aan dat binnen de stedelijke administratie (inclusief IVA) veel mogelijkheden zijn om een antwoord te bieden op de argumenten. Voor het realiseren van deze mogelijkheden moeten binnen de stedelijke administratie (inclusief IVA) afspraken gemaakt worden, waarbij deze afspraken voor een IVA in een beheersovereenkomst opgenomen worden.
  • De overgang van vzw naar stedelijke administratie (inclusief IVA) zal een aanpassing vergen, omdat er een overstap gebeurt van een kleine naar een grote organisatie(schaal) met het bijhorende keurslijf van deze grote organisatie.
  • Wat de items betreft waarvoor de stedelijke administratie (inclusief IVA) geen oplossing kan bieden merkt de taskforce op:
    • dat budgettaire flexibiliteit zonder dat de bevoegde instantie (gemeenteraad, college of de regisserend/operationeel directeur) een budgetwijziging, IKA of IKAlight goedkeurt, geen argument mag zijn, omdat dit ingaat tegen de groepsafspraken op vlak van strategische coördinatie (budgetten moeten gekoppeld zijn aan strategische doelstellingen);
    • dat de vraag gesteld moet worden, wanneer een afwijkend uitgavenproces als enige argument standhoudt, of dit een breekpunt kan/mag zijn
    • met betrekking tot de marktconformiteit van verloning, dat groepsbrede afspraken werden gemaakt rond het remuneratiebeleid waar er ook een belangrijke rol is voor het remuneratiecomité.
  • Als al de huidige vzw’s tegelijkertijd zouden overstappen naar de stedelijke administratie of IVA’s zouden worden, heeft dit een organisatorisch en technische (te) zware impact. Een suggestie, bijvoorbeeld als de architectuur zou zijn dat een aantal vzw’s worden omgevormd naar IVA’s, is om vanaf 2013 al met een beperkt aantal vzw’s te starten en de volgende, na evaluatie in een afgesproken timing tegen 2014 te laten omvormen.

De taskforce omvormingen stelt aan het college voor om in uitvoering van stap 2, in fase 3 te werken met een aantal proefprojecten, met name:

  • het begeleiden van het operationaliseringsproces van het nieuw opgericht intern verzelfstandigd agentschap SODIPA, dat de taken van vzw SODIPA zal overnemen;
  • het begeleiden van de oprichting en het operationaliseringproces van het intern verzelfstandigd agentschap Openlucht (Klas op Stap), waarbij een huidige stedelijke dienst intern verzelfstandigt;
  • bij de organisatie van een aantal evenementen door de vzw Promotie Stad Antwerpen in de zomerperiode 2012 (Bollekesfeesten, Bevrijdingsfeesten, aantal kleinere evenementen): bekijken welke knelpunten zich zouden voordoen indien de evenementen volledig binnen de stedelijke diensten of binnen een intern verzelfstandigd agentschap zouden moeten gerealiseerd worden;
  • binnen vzw Antwerpen Sportstad: virtuele oefening waarbij wordt in beeld gebracht op welke manier de besluitvormings-, personeels- en financiële processen zouden verlopen indien deze zich volledig binnen de stedelijke diensten of binnen een intern verzelfstandigd agentschap zouden afspelen, en dit gedurende één representatieve maand

De ervaringen van bovenstaande proefprojecten kunnen dan gebruikt worden bij de verdere beslissingen in functie van de omvormingen van de overige verzelfstandigde entiteiten van de stad Antwerpen (fase 4).

In uitvoering van stap 2 is het niet voldoende om in fase 3 te werken met bovenstaande proefprojecten voor wat betreft het administratieve luik, maar moet tegelijk bekeken worden of er naast de reeds geïnventariseerde argumenten, andere argumenten zijn om extern verzelfstandigde agentschappen te behouden. Aanvullend kan hierbij nagegaan worden of er optimalisaties (bijvoorbeeld naar de aard van de activiteiten) mogelijk zijn.

Juridische grond

Artikel 310 van het Gemeentedecreet stelt dat de werking en de statuten van de bestaande gemeentebedrijven, autonome gemeentebedrijven en personen die door de gemeente zijn belast met bepaalde taken van gemeentelijk belang, tegen uiterlijk 1 januari 2013 in overeenstemming moeten worden gebracht met de bepalingen van het Gemeentedecreet.

Het ontwerp van wijzigingsdecreet van het Gemeentedecreet voorziet een verlenging van deze omvormingstermijn tot uiterlijk 1 januari 2014.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis:

  • van de conclusies van de taskforce omvormingen over de argumenten tot externe verzelfstandiging en de mogelijkheden binnen de stedelijke administratie (inclusief verzelfstandigde agentschappen);
  • van het feit dat wanneer alle huidige vzw’s tegelijkertijd zouden overstappen naar de stedelijke administratie of intern verzelfstandigde agentschappen zouden worden, dit een organisatorisch en technische té zware impact zou hebben.

Artikel 2

Het college keurt goed om, in uitvoering van stap 2, in fase 3 te werken met volgende proefprojecten:

  • het begeleiden van het operationaliseringsproces van het nieuw opgericht intern verzelfstandigd agentschap SODIPA, dat de taken van vzw SODIPA zal overnemen;
  • het begeleiden van de oprichting en het operationaliseringproces van het intern verzelfstandigd agentschap Openlucht (Klas op Stap), waarbij een huidige stedelijke dienst intern verzelfstandigt;
  • bij de organisatie van een aantal evenementen door de vzw Promotie Stad Antwerpen in de zomerperiode 2012 (Bollekesfeesten, Bevrijdingsfeesten, aantal kleinere evenementen): bekijken welke knelpunten zich zouden voordoen indien de evenementen volledig binnen de stedelijke diensten of binnen een intern verzelfstandigd agentschap zouden moeten gerealiseerd worden;
  • binnen vzw Antwerpen Sportstad: virtuele oefening waarbij wordt in beeld gebracht op welke manier de besluitvormings-, personeels- en financiële processen zouden verlopen indien deze zich volledig binnen de stedelijke diensten of binnen een intern verzelfstandigd agentschap zouden afspelen, en dit gedurende één representatieve maand

Artikel 3

Het college beslist de uitvoering van stap 2 te verdagen.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.

Bijlagen

  • 20120529_A3_Argumenten_afgetoetst.doc