Volgens artikels 42§3 en 43§2 van het Gemeentedecreet is enkel de gemeenteraad bevoegd voor het vaststellen van de gemeentelijke reglementen.
De gemeenteraadsbeslissingen van 20 maart 2000 (jaarnummer 619) en 21 oktober 2002 (jaarnummer 2307) waarbij de districtsbesturen bevoegd zijn tot het verlenen van advies inzake lokaal verkeersbeleid. Indien het stadsbestuur deze adviezen niet opvolgt, dient de beslissing uitdrukkelijk gemotiveerd te worden.
De te reglementeren openbare weg behoort tot het beheer van de stad Antwerpen.
Het aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Groenenborgerlaan in de districten Wilrijk en Antwerpen, werd op 22 september 2008 (jaarnummer 1750) door de gemeenteraad goedgekeurd.
De Groenenborgerlaan bevat een zone 30 schoolomgeving.
Een fietsopstelvak wordt ingericht aan het kruispunt met de Beukenlaan.
Voor de Groenenborgerlaan bestaat er een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer, dat echter niet langer voldoet aan de actuele verkeerssituatie. De dienst stadsontwikkeling/ruimte en mobiliteit/mobiliteit stelt voor een nieuw aanvullend verkeersreglement op te stellen aangepast aan de huidige of gewenste verkeerssituatie:
De districtsraad Wilrijk keurt eenparig het volgende besluit goed.
De districtsraad geeft gunstig advies over het volgend ontwerp van een aanvullend reglement met betrekking tot de politie van het wegverkeer voor de Groenenborgerlaan in de districten Wilrijk en Antwerpen, ter vervanging van het aanvullend reglement, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 22 september 2008 (jaarnummer 1750):
Artikel 1: de bestuurders rijdend op de rotondes genieten voorrang op de bestuurders rijdend in alle daarop uitmondende openbare wegen.
De verkeersborden B1 en D5 worden aangebracht.
Artikel 2: het eenrichtingsverkeer wordt ingevoerd in de dwarsweg voor het kruispunt met de Prins Boudewijnlaan, met toegelaten rijrichting naar de Prins Boudewijnlaan nummer 88.
Het verkeersbord C1 wordt aangebracht.
Artikel 3: een fietspad, uitgezonderd voor bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse B, werd aangelegd:
langs de oneven zijde:
langs de even zijde:
Het verkeersbord D7 met onderbord wordt aangebracht.
Artikel 4: een tweerichtingsfietspad, verboden voor bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse B werd aangelegd:
langs de even zijde:
op de middenberm tussen de Jules Moretuslei en de Platanenlaan.
De verkeersborden D7 met onderbord worden aangebracht.
Artikel 5: het parkeren wordt verboden:
langs beide zijden van de middenberm ter hoogte van:
langs de even zijde, van nummer 210 tot nummer 218;
langs beide zijden van het middeneiland ter hoogte van het Pius X-plein;
langs beide zijden van het middeneiland ter hoogte van het Rucaplein;
in de dwarsweg ter hoogte van de Prins Boudewijnlaan, tegenover nummer 228.
Een gele onderbroken streep wordt op de trottoirband aangebracht.
Artikel 6: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor voertuigen die gebruikt worden door personen met een handicap, langs de even zijde, ter hoogte van de kerk (2 plaatsen).
De verkeersborden E9a met onderbord worden aangebracht.
Artikel 7: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor personenauto's, auto's dubbel gebruik, minibussen en motorfietsen, langs de oneven zijde in het doodlopende gedeelte tegenover nummer 5 tot tegenover nummer 9.
De verkeersborden E9b worden aangebracht.
Artikel 8: het parkeren wordt uitsluitend toegelaten voor personenauto's, auto's dubbel gebruik, minibussen en motorfietsen maar de parkeertijd wordt beperkt en de parkeerschijf moet gebruikt worden, in de dwarsweg voor het kruispunt met de Prins Boudewijnlaan, langs de zijde van de Prins Boudewijnlaan.
Het verkeerbord E9b met onderbord wordt aangebracht.
Artikel 9: de rijbaan wordt vanaf de Cederlaan, langs beide zijden van het middenplein van de Cederlaan, tot aan nummer 16, verdeeld in rijstroken.
Artikel 10: de rijbaan wordt tussen nummer 149 en de Beukenlaan verdeeld in rijstroken.
Voorsorteringspijlen en een stopstreep worden gemarkeerd, langs de oneven zijde, voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Beukenlaan.
Het verkeersbord F13 wordt aangebracht.
Artikel 11: een fietspad wordt gemarkeerd door twee evenwijdige witte onderbroken strepen:
langs de even zijde;
langs de oneven zijde;
Artikel 12: een dubbelrichtingsfietspad wordt gemarkeerd door twee evenwijdige witte onderbroken strepen, langs de even zijde voor nummer 20 en nummer 22.
Artikel 13: een stopstreep wordt gemarkeerd, langs de even zijde, voor de verkeerslichten aan het kruispunt met de Oosterveldlaan.
Artikel 14: een oversteekplaats voor voetgangers wordt gemarkeerd door witte banden, evenwijdig met de as van de rijbaan;
ter hoogte van het kruispunt met:
langs beide zijden van het kruispunt met:
langs alle invalswegen aan de rotonde aan de Craeybeckxtunnel;
in het verlengde van en in de aansluiting met het bestaande trottoir ter hoogte van de bedieningsweg voor de Pius X-kerk;
in het verlengde van en aansluitend met het bestaande trottoir ter hoogte van het gedeelte van de Groenenborgerlaan begrepen tussen nummer 86-88 en de Spoorweglaan.
Artikel 15: een verkeersgeleider wordt gemarkeerd, langs de oneven zijde, ter hoogte van nummer 11 en nummer 13.
Artikel 16: een verdrijvingsvlak wordt gemarkeerd door middel van witte evenwijdige schuine strepen langs de oneven zijde tegenover het Hans van Mildertplein.
Artikel 17: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen, op de middenberm:
langs de even zijde:
langs de oneven zijde:
Artikel 18: parkeervakken worden gemarkeerd door middel van witte markeringen op de voorbehouden plaatsen voor personen met een handicap en het pictogram wordt op het wegdek aangebracht.
Artikel 19: parkeerzones worden gemarkeerd door middel van witte markeringen:
Artikel 20: witte pijlen die een vermindering van het aantal rijstroken in de gevolgde richting aankondigen, worden gemarkeerd, voor de rotonde aan de Lode Craeybeckxtunnel, langs de even zijde, in het gedeelte begrepen tussen de Pieter Coeckelaan en de rotonde aan de Lode Craeybeckxtunnel.
Artikel 21: de rijbaan wordt aan de oneven zijde, tussen het Hans van Mildertplein en de Beukenlaan, en aan de even zijde, tussen nummer 218 en de Prins Boudewijnlaan, verdeeld in rijstroken.
Voorsorteringspijlen en een stopstreep worden gemarkeerd voor de verkeerslichten een het kruispunt met de Beukenlaan en aan het kruispunt met de Prins Boudewijnlaan.
Een opstelvak voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen wordt gemarkeerd ter hoogte van het kruispunt met de Prins Boudewijnlaan.
Het verkeersbord F14 wordt aangebracht.
Artikel 22: de bestaande verkeerssignalisatie blijft van kracht tot de bekendmaking van onderhavig reglement.